Peeters I wordt geen obesitasregering: 14 ministers en minimaal aantal staatssecretarissen

© Joost De Bock/ID

De nieuwe federale regering wordt een regering met 7 Vlaamse en 7 Franstalige ministers, en verder zo min mogelijk staatssecretarissen. Men wil het beeld van een opgeblazen ploeg vermijden. En verder duwt MR er een paar "witte konijnen" in. 

De regering-Peeters I is in een pak opzichten historisch, omdat de constructie redelijk onuitgegeven is. Eén Franstalige partij krijgt plots evenveel ministers als de drie Vlaamse samen. Dat maakt de puzzel van hoe deze ploeg er gaat uitzien wat complexer. Je zou immers dat overschot van Franstalige ministers zwaar kunnen gaan compenseren met Vlaamse staatssecretarissen.

Maar niets is minder waar. Onder meer N-VA is als de dood voor het beeld van een obesitasregering. Vandaar ook dat ze de Vlaamse ploeg absoluut op 9 ministers wilden houden. Die federale ploeg wordt dus zeker niet al te groot. "Het mag geen beeld worden zoals de regering-Leburton", valt te horen bij de regeringsvormers.  De socialist Edmond Leburton vormde in 1973 een regering met 22 ministers en 14 staatssecretarissen. Dat dus niet.

Wat dan wel? Er komen 7 Vlaamse en 7 Franstalige ministers, plus Kris Peeters als premier. Alleen op die manier kan je N-VA, dat veel groter is dan de andere Vlaamse partijen, een beetje proportioneel juist bedelen. 

De methode: met de punten

Bij het uitdelen van de posten geldt de methode van punten: 1,5 punten voor een premier of vicepremier, 1 punt voor een minister, en 0,5 punten voor een staatssecretaris. 

Die punten worden uitgedeeld in verhouding tot de sterkte van de partijen. Alleen, de MR kan in deze oefening niet mee opgenomen worden, want ze moet gewoon 7 ministerportefeuilles uitdelen. Maar aan Vlaamse kant moet het wel volgens die methode. De krachtsverhouding, op basis van de zetels in de Kamer, ziet er zo uit: 

Wat betekent dit nu concreet? Als N-VA echt zou aandringen op het respecteren van de verhoudingen, zou ze recht hebben op de post van eerste minister. Maar die gaat naar CD&V. Dus heeft N-VA wel sowieso een vicepremier en twee volwaardige ministers. En dan begint het spel met de staatssecretarissen. Als die echt zo klein mogelijk in aantal moeten zijn, heb je er nog ministens 3 nodig om N-VA juist te bedelen. Plus de posten van kamervoorzitter en senaatsvoorzitter, die nu nog bij Open Vld en CD&V zitten. En zelfs dan eindig je nog niet helemaal op de juiste verhouding. 

Voor N-VA: het hoeft niet de volle pot

Kijken we dan per partij, dan valt bij N-VA te horen dat zij een akkoord en een regeringsvorming niet in de weg gaan staan omwille van personen en posten. Vrij vertaald: ze hoeven niet al die functies. Het beeld van de postjesjagende flaminganten, dat wil De Wever ten alle prijze vermijden. 

Een iets meer voor de hand liggende verdeling is bijvoorbeeld dan deze. Hierbij maar 2 staatssecretarissen voor N-VA en nog eentje bij voor CD&V en eentje bij voor Open Vld. 

De logische namen voor N-VA zijn al gevallen: Jan Jambon lijkt een certitude als minister, en mogelijk zelfs als vicepremier. Al is niet uitgesloten dat De Wever zelf in de regering stapt als vicepremier. Johan Van Overtveldt is de derde naam van de N-VA-delegatie na De Wever en Jambon, en hij wordt getipt als minister van Begroting. Het feit dat alle leden van de Vlaamse N-VA-delegatie ook minister geworden zijn, maakte de federale selectie overigens wat lastig: meteen is er de assumptie dat ook zij allemaal minister gaan worden. Theo Francken is een logische derde, al zit hij niet in de delegatie. Als staatssecretarissen komen de meer ervaren vrouwen binnen de fractie in aanmerking.

Logischerwijs krijgt N-VA'er Siegfried Bracke zijn begeerde kamervoorzitterschap. Voor de Senaat ligt het wat moeilijker, het is onduidelijk of de N-VA die post überhaupt wil. 

CD&V: het onderste uit de kan

CD&V speelt hoe dan ook boven haar gewicht. De vraag is hoeveel. Want de christendemocraten willen veel. Het premierschap van Kris Peeters kost 1,5 punt. Het vicepremierschap nog eens zoveel. Wie dat wordt, is overigens nog niet duidelijk. Koen Geens heeft ambitie, maar ook Pieter De Crem, die al vicepremier was, mag zeker aanspraak maken. Beiden zitten nu in de CD&V-delegatie met Wouter Beke, maar onder die twee is geen duidelijke hiërarchie. Als staatssecretaris zou Hendrik Bogaert dan de logische keuze zijn.

Alleen, zoals gezegd, CD&V wil veel. Met name Marianne Thyssen als eurocommissaris. En dat kost 1,5 punt. Zelfs dan nog een compensatie door N-VA en Open Vld een staatsecretaris extra te geven, en die van CD&V te schrappen, kom je er niet: dan blijft CD&V gigantisch overbedeeld. Het verklaart meteen waarom de anderen het zo moeilijk hebben nu hun fiat voor Thyssen te geven.

Open Vld: het probleem De Gucht

Hetzelfde geldt overigens voor de liberalen. Normaal gezien mogen de liberalen dus aanspraak maken op een vicepremier, dat wordt Alexander De Croo. Daarnaast hebben ze nog één minister: Maggie De Block. Het is dan een beetje kijken of ze één of misschien twee staatsecretarissen uit de brand spelen. Na de Vlaamse stoelendans wordt het uitkijken of Open Vld-voorzitter Gwendolyn Rutten nu alsnog dan Noël Slangen oppikt om bijvoorbeeld staatssecretaris van Privacy te worden. Er is natuurlijk nog het kamervoorzitterschap van Patrick Dewael. Maar dat valt normaal gezien weg, en dan kan die gewoon weer fractieleider worden.

Ook hier is het heet hangijzer de post van Europees Commissaris. Karel De Gucht wilt zichzelf graag opvolgen, maar als zijn partij de volle pot moet betalen voor die post in punten, wordt het heel lastig. Dan sneuvelt de staatssecretaris, maar eigenlijk zou dan ook de ministerpost van Maggie niet meer kunnen. Op papier lijkt dat dus niet haalbaar. 

MR: 7 portefeuilles, en meer dan genoeg kandidaten

Aan Franstalige kant dus de absolute weelde van 7 posten. Alleen gaat iedereen ervan uit dat die niet allemaal ingevuld zullen worden door MR-kopstukken. Twee externe mensen zou gezond zijn, zo is te horen. De naam van econoom Bruno Colmant staat in De Morgen, maar Charles Michel heeft vast nog wel een paar straffe figuren in zijn mouw zitten. 

Vraag is wat er met Didier Reynders gebeurt. Ook hij wil naar de Europese Commissie, maar MR heeft al zoveel posten, dat dat ook voor MR hoog gegrepen is. Het zou anderzijds wel veel oplossen: Charles Michel is dan af van zijn grootste rivaal en kan zelf eventueel vicepremier worden. Olivier Chastel is een zekerheid als minister bij de MR, net zoals Willy Borsus, die nu in de delegatie zit. Ook namen als Daniël Bacquelaine en Marie-Christine Marghem, twee kamerleden, vallen. 

En daarnaast staan de kopstukken van de regionale niveau's ook te trappelen. Zo wil Vincent De Wolf, de MR-kopman in Brussel maar wat graag het vooruitzicht van vijf jaar oppositie ruilen voor de federale regeringsbanken. Kandidaten genoeg dus, maar Reynders is de man om in de gaten te houden. 

Lees meer