Japanse vissers slachten vandaag 200 dolfijnen in Taiji

Zo'n 200 dolfijnen wachten al sinds zaterdag op hun dood in het Japanse Taiji. Volgens de activisten van Sea Shepherd zullen de dieren vandaag geslacht worden voor hun vlees.

Elk jaar drijven Japanse vissers honderden migrerende dolfijnen bijeen in een baaitje in Taiji, dat enorm streng bewaakt wordt. Daar worden ze in netten gevangen of vanuit de vissersbootjes gedood met speren en messen.

Een deel van de dolfijnen wordt doorverkocht aan aquaria en attractieparken, wat enorm winstgevend is. Het merendeel van de dieren wordt ter plaatse afgemaakt en hun vlees wordt aan de supermarkten verkocht. Deze wansmakelijke praktijken werden wereldberoemd nadat in 2009 de documentaire The Cove uitkwam. 

 

Op zaterdag hebben Japanse vissers 250 voorbijtrekkende dolfijnen de inham ingejaagd. 37 dieren, waaronder een zeldzaam albinokalf, werden afgezonderd en zullen verkocht worden. Twee dieren zijn al overleden in de baai. De rest zal naar alle waarschijnlijkheid vandaag afgemaakt worden.

Sea Shepherd probeert met tweets en een livestream de ogen van de wereld op Taiji te krijgen. "Veel van de 200+ tuimelaars die nog in de inham zitten zijn gewond na ontsnappingspogingen", twitterde de organisatie. Ze heeft alleszins al de aandacht van de nieuwe Amerikaanse ambassadeur van Japan, Caroline Kennedy getrokken. Zij liet alvast weten dat ze enorm bezorgd is door de onmenselijkheid van de drijfjacht.