Gedoemd om te lukken: er bestaat geen alternatief voor de Zweedse coalitie

© epa

Tergend traag kruipt de federale regeringsonderhandeling naar de eindmeet. De vaart die er initieel inzat, is eruit. Maar anders dan pakweg in 2007 of 2010 is er deze keer eigenlijk geen alternatief. Dat maakt het misschien wel lastig, maar tegelijk ook helder. Want als de coalitie gevormd is, slaat de huidige malaise zo weer om in euforie.

"Tja, we hebben geen alternatief". Dat zinnetje, vaak tussen mond en tanden tijdens langere uiteenzettingen over het wel en wee van de Zweedse coalitie, duikt de laatste tijd veel op. Inspirerend is het niet, eerder de gedachte van een shotgun marriage: trouwen van moeten...

De Zweedse coalitiegesprekken lopen niet echt vlot, om even een understatement te gebruiken. Het wringt en kraakt wat, zeker omdat in de laatste rechte lijn steeds duidelijker de links-rechts tegenstellingen terugkomen tussen CD&V en haar linkerkamer Beweging.net enerzijds, en de conservatief-liberale motor N-VA-Open Vld aan de andere kant. 

Dat die tegenstellingen over de economische breuklijnen lopen is duidelijk: er komt wel degelijk een ethisch luik aan het regeerakkoord dat meteen ook een paar doorbraken regelt op dat vlak. En het communautaire blijft diep verborgen in de atomaschriftjes. Ja, er zijn wel wat afspraken, ("wij maken ons geen zorgen", klinkt het bij N-VA), maar die blijven uit het hoor- en gezichtsveld van zowat iedereen die ze ooit zou kunnen lekken. 

Het economische als rode draad

Laat dat economische, bij gebrek aan communautaire agenda, net de drijfveer zijn van drie van de vier partijen aan tafel: dit land economisch een ruk naar rechts geven. Bij N-VA werd het heel fel voor de verkiezingen geroepen, en houdt men het aan tafel rustiger. Bij Open Vld hadden we voor de verkiezingen een progressieve campagne, maar leeft aan tafel het gevoel dat eindelijk hun programma wordt uitgevoerd. En de MR wil ook wel best tonen dat de breuk met de PS groot is. 

Bij CD&V is de appetijt al oneindig veel kleiner geworden, na het initiële enthousiasme. De eerlijkheid gebied te zeggen dat de laatste momenten van de Vlaamse regeringsvorming ook bijzonder hard verliepen, alleen stond de pers daar niet op te kijken. Deze keer is iedereen bij de christendemocraten wakker, en wordt de frustratie openlijk getoond.

"Waar kan ik heen?" Niet naar de PS

Maar CD&V heeft één nadeel: het kan nergens anders heen. Want als dit mislukt, moet CD&V terug naar de PS. Daar kunnen ze momenteel het bloed van de Vlaamse christendemocraten drinken. De verzuring tussen beiden begon in de eerste week na de verkiezingen. CD&V eiste dat de N-VA aan zet kwam, ze moesten minstens een serieuze kans krijgen. Bij de PS werd dat gelezen als "Bart De Wever een rondje laten lopen". Het feit dat Wouter Beke, de CD&V-voorzitter, niet meer telefoneerde met Paul Magnette, de PS-voorzitter, werd bij die laatsten gelezen als een signaal dat CD&V dubbel spel aan het spelen was. De PS was er heilig van overtuigd dat MR en ook cdH achter hun rug met CD&V én N-VA aan het complotteren waren. Dat zette de tegenbeweging in gang: een snelle regeringsvorming in Wallonië en Brussel. 

Dat was voor CD&V een donderslag bij heldere hemel: de belofte om éérst federaal alles te regelen was nochtans heel duidelijk uitgesproken tussen PS en CD&V. In een heftige tegenreactie smeedde Beke daarop een Vlaamse coalitie met de N-VA. Het vervolg hebben we de afgelopen maanden gezien. Maar de wederzijdse woede is groot. Zo groot dat als CD&V ooit terug zou willen naar die PS, dat op blote, bloedende knieën zal moeten gebeuren. 

From ancient grudge break to new mutiny

De animositeit tussen beide partijen loopt bovendien al veel langer. Sinds 2007, toen Yves Leterme (CD&V) zijn partij in kartelvorm terug in de arena bracht als Vlaanderens leidende politieke kracht, botsen de christendemocraten op de PS. In 2007 blokkeerden ze via het cdH al een centrumrechtse regering. In 2010 moest CD&V zelfs een PS'er in de Zestien slikken, een gedachte die veel christendemocraten nog altijd ongemakkelijk maakt. Een deel van de partij ziet de huidige anti-PS-coalitie dan ook als zoete wraak. 

En stel u nu voor dat al die strubbelingen tussen PS en CD&V uitgeklaard worden, dan is er nog altijd geen alternatief. In een geval van mislukking van de Zweedse coalitie is een heruitgave van de regering Di Rupo de meest logische formule. Krijgt de N-VA geen centrumrechtse regering zonder PS, dan komen de communautaire eisen wel degelijk op tafel, en dan moet de N-VA in oppositie. Een absolute nachtmerrie voor N-VA, maar ook Open Vld. Die zitten dan in Vlaanderen in een regering mét de N-VA, en federaal krijgen ze diezelfde machine van 33 kamerzetels dan in hun nek. 

De sleutel ligt bij de liberalen

De sleutel ligt in zo'n geval bij de liberalen. Zonder MR en Open Vld kan je geen klassieke tripartiete vormen. En het is quasi ondenkbaar om zich in te beelden dat, na alles wat er gebeurd is, de Franstalige liberalen alsnog met de PS in zee gaan. Die vernedering zal Charles Michel nooit willen ondergaan. Het risico dat de Franstalige liberalen namen in juli, toen ze gesprekken begonnen met de N-VA, was een point of no return voor hen. Het is realistisch te stellen dat de liberale familie bijzonder hard vastkleeft aan de N-VA op dit moment. En met samen 67 zetels hebben ze een heel stevig blok, dat alternatieven quasi uitsluit. Eén compleet andere coalitie kan: een combinatie van PS, sp.a, CD&V, cdH, Groen, Ecolo en zelfs het FDF, die nodig zijn met hun twee zeteltjes. Politieke fictie lijkt het, die enkel kan na maanden en maanden onderhandelen.

Het is geen prettige gedachte voor de Zweedse onderhandelaars, dat de bindende factor gebrek aan een alternatief is. Maar het is wel een politieke realiteit, die in ieders achterhoofd zal zitten, als zondagavond de finale gesprekken worden ingezet. 

Lees meer