We hebben een nieuwe vijand: deze kevers die onze koffie durven verpesten

Wij hebben een nieuwe vijand, en zijn naam is hypothenemus hampei. Wat het kevertje ons misdaan heeft? Het  verpest wereldwijd koffie-oogsten. Niet door koffiebonen te eten, neen, ze kruipen in de koffievruchten en brengen daar hun leven door. En tot deze week snapten wetenschappers niet hoe ze konden overleven met al die cafeïne in/aan/rond hun lijf.

De meeste insecten haten cafeïne. Blootgesteld worden aan een grote hoeveelheid ervan is schadelijk voor insecten en mensen. Maar niet voor de hypothenemus hampei, een kever die nog zotter is van koffie dan wij. En de beestjes kunnen er ook keigoed tegen, ze worden in hun leven blootgesteld aan evenveel cafeïne als een mens van 68 kilogram die 500 shots espresso drinkt.

Wetenschappers hebben nu eindelijk uitgedokterd hoe de kever kan leven in iets dat zo giftig is voor de meeste andere levende wezens. En het codewoord is blijkbaar: darmbacteriën. Dat blijkt uit nieuw Amerikaans onderzoek, waarover deze week een artikel staat in het magazine Nature Communications.

Vergeet pesticiden!

De kevers die in het onderzoek onderzocht werden, kwamen uit Guatemala, Puerto Rico, Hawaï, India, Indonesië en Kenia.

De wetenschappers verwijderden de spijsverteringskanalen uit dode exemplaren en dompelden die in een cafeïne-oplossing. En wat bleek? 14 soorten bacteriën overleefden de cafeïne niet alleen, ze gebruikten het als hun enige bron van koolstof en stikstof.

Waarom is dat nu eigenlijk interessant? Wel, als we weten hoe de kevers cafeïne kunnen verdragen, kunnen we onze kostbare koffie-oogsten misschien beter beschermen. "In plaats van pesticiden in te zetten, kunnen we ons misschien focussen op hun darmbacteriën", vertelt wetenschapper Javier Ceja-Navarro in een persbericht.

Met andere woorden: ze zouden met de bacteriën kunnen prutsen en cafeïne voor de kevers even giftig maken als voor andere dieren. Wat we eigenlijk zielig vinden voor die diertjes, maar wat goed nieuws is voor het milieu (minder pesticiden), voor de boeren en voor ons dagelijks kopje troost.

Bron: Washington Post

Lees meer