Wil je als 'nieuwkomer' in België blijven? Dan moet je contract met waarden en normen ondertekenen

!

Dit artikel werd gemaakt door een van onze bezoekers. Wil je reageren of zelf een artikel schrijven in onze Zoo, be our guest! Lees hier het hoe/wat/waar of begin er meteen aan.

Woensdag keurde de federale regering de inhoud van de ‘nieuwkomersverklaring’ goed. ‘Nieuwkomers’ die langer dan drie maanden in België willen blijven dienen het document te ondertekenen. Deze verplichting geldt vanaf het najaar en enkel voor niet-EU inwoners.

Waarden en normen ondertekenen

Het document verplicht de ondertekenaar enkele waarden en normen in acht te nemen. Waarden en normen als gelijkheid van man en vrouw, vrijheid van meningsuiting, vrijheid van religie … Het document vraagt een engagement tot integratie van de ‘nieuwkomer’. Na ondertekening zal de buitenlander een verblijfsvergunning van vijf jaar krijgen. Tijdens deze periode moet deze bewijzen leveren dat hij/zij zich wil integreren. Dit kan bewezen worden door bijvoorbeeld attesten van taallessen voor te leggen. De dienst vreemdelingenzaken staat in voor de controle.

Voor wie?

Elke niet-EU inwoner die langer dan drie maanden in België wil blijven moet het document ondertekenen. Als zij dit weigeren worden zij niet meteen het land uit gezet. De weigering wordt aan het dossier toegevoegd, in sommige gevallen leidt dit tot ‘onontvankelijkheid’ van het dossier, in andere gevallen kan er een indicatie van radicalisering zijn. Er wordt vooral over asielzoekers gesproken. Maar de grootste groep ‘nieuwkomers’ komt voort uit de ‘gezinshereniging’.

In het programma 'De Ochtend' op Radio 1 geeft Francken het volgend voorbeeld: “Als een Marokkaanse vrouw met een Belgische man wil trouwen. Dan moet zij in Rabat, bij de Belgische ambassade, een visumaanvraag indienen. Als gevolg van die aanvraag zal ze de ‘nieuwkomersverklaring’ in handen krijgen. Ze zal dertig dagen krijgen om de tekst door te nemen en ondertekend terug te bezorgen. Doet zij dit niet, dan wordt haar visumaanvraag zelfs niet bekeken.”

De tekst werd in samenspraak met de bekende filosoof Etienne Vermeersch opgesteld.