Zuhal Demir (N-VA): "Vakbonden hebben een punt: vermogenswinstbelasting is rechtvaardig"

Kamerlid Zuhal Demir gunt de vakbonden hun Feest van de Arbeid. Aan de vooravond van 1 mei staat ze niet klaar met een vat olie om op het vuur te gooien. Een belasting op winst uit vermogen? Moet kunnen. ‘Maar dan moet ook de werkloosheidsuitkering beperkt worden in de tijd.’

(Video van het interview onderaan.)

Zuhal Demir wacht ons op in Le Pain Quotidien, aan de Mechelsesteenweg in Antwerpen. Ze geniet er van een koffie en een kranteninterview met Rudy De Leeuw, voorzitter van de socialistische vakbond. Tegenwoordig woont Demir in Genk, maar ze heeft er al een ochtendlijke vergadering opzitten in de stad van Bart De Wever. “Ik denk dat jullie ook wel blij zijn dat jullie niet helemaal naar Genk moesten rijden”, lacht ze.

Het is donderdag, dus mogen we Demir met de Monkey Mobile naar het parlement in Brussel voeren. Het vragenuurtje in de plenaire vergadering beschouwt ze als het hoogtepunt van haar parlementaire werk, want dan mag ze ministers het vuur aan de schenen leggen. Meer bepaald minister van Werk Kris Peeters (CD&V) heeft een lastige klant aan Demir. Ze wil hem uitvragen over de veroordeelde Syriëstrijders die in gevangenis van een werkloosheidsuitkering blijven genieten – voor terroristen geldt 1 mei niet. Vorig jaar ontweek Peeters haar vraag nog, maar nu staat het in de krant, dus moet de minister eindelijk een antwoord verzinnen.

“Ik vind wel dat ik als parlementslid het recht heb om die cijfers te weten. Dat is van maatschappelijk belang”, verklaart ze. Is ze zeker dat ze Peeters niet gewoon het leven zuur wil maken? “Maar neen! Ik noem hem soms liefkozend Krissie Kris. Enfin, niet dat hij dat weet.”

U bent het gezicht van de harde N-VA die inhakt op de sociale Kris Peeters. Of zien we dat verkeerd?

Zuhal Demir: “Ge ziet dat totaal verkeerd. Wat is sociaal?”

Voor de vakbond bent u wel de aartsvijand.

“Het land heeft nood aan hervormingen en ik probeer die door te duwen. Alle andere landen in Europa hebben hun arbeidsmarkt hervormd om zoveel mogelijk mensen aan de slag te krijgen, zodat ze kunnen bijdragen aan de sociale zekerheid. Kris Peeters treuzelt en besteedt beslissingen uit aan het sociaal overleg. Dan stel je keer op keer vast dat dat afspringt. Je zou toch denken: Kris, doe zelf een voorstel en laat de sociale partners de modaliteiten uitwerken. Misschien ben ik wat ongeduldig, maar we moeten voortdoen in dit land.”

Botsen we op het einde van het sociaal overleg?

“Ook het sociaal overleg heeft nood aan een staatshervorming. Honderd jaar geleden heeft het sociaal overleg goed gewerkt. In de tijd van pastoor Daens stond ik als vakbondsleidster op de barricaden, daar ben ik 100 procent zeker van. In die periode moesten de vakbonden zo optreden. Intussen is de economie veranderd.”

Rudy De Leeuw zegt dat de syndicale strijd dit land heeft grootgemaakt. Geeft u hem gelijk?

“Ja, syndicaal verzet was destijds nodig tegen uitbuiting, maar ik vind het spijtig dat de vakbonden niet mee geëvolueerd zijn met de tijd. Een werknemer van vandaag is niet meer de werknemer van vroeger. Die wil ook flexibiliteit en autonomie. We gaan de 38-urenweek niet afschaffen, maar flexibeler maken, zodat de werknemer in overleg met de werkgever tijdens de vakanties minder werkt als er minder werk is en meer werkt als er meer werk is. Ik vind het niet meer dan normaal dat we evolueren naar zo’n systeem. Ik snap niet waarom ze daar tegen zijn.”

Omdat de werkgevers zullen beslissen wanneer er langer gewerkt zal moeten worden?

“Het zal sowieso altijd in overleg zijn en daar wil ik persoonlijk op toezien. Ik vind niet dat de werkgever eenzijdig mag opleggen hoeveel overuren je gaat kloppen. Ik heb vertrouwen in de werknemer van de 21ste eeuw. Ik ga ervan uit dat het personeel mondig genoeg is om te zeggen dat het niet past of niet gaat.”

U bent de kop van Jut voor de bonden. Rudy De Leeuw weigert met u in debat te gaan.

“Ik vind dat heel spijtig. Een warme oproep: ’Liefste Rudy, ik weet dat jij me niet graag ziet, maar ik zou graag met u in debat gaan, omdat ik net als jij bekommerd ben over en mee wil werken aan het sociaal overleg. Ik geloof wel in een vakbond, maar niet in een vakbond zoals jij die voor ogen hebt. Ik kan een partner zijn om na te denken over de vraag hoe een moderne vakbond aansluiting kan vinden bij de werknemers van vandaag.’ Ik wil hem daarbij helpen.”

Van bij het begin van deze regeerperiode vragen de vakbonden om iets te doen aan de grote vermogens. Daar is de regering nog niet ver in gegaan.

“Er is de Kaaimantaks. De fraudeurs moeten echt eens worden aangepakt. Toestanden als in de Panama Papers, ik vind dat dat niet kan. Waar ik persoonlijk, als dochter van een arbeider, een groot probleem mee heb, is dat een werknemer die overuren klopt, belastingen betaalt op dat extraatje. Winst uit vermogen kun je daar perfect mee vergelijken, alleen betalen de Couckes en de De Spoelberchs van deze wereld daar geen belastingen op. Ik vind dat die mensen belasting moeten betalen op de winst die ze halen uit vermogen. In die zin vind ik dat de vakbonden en Krissie Kris een punt hebben. Zo’n belasting is rechtvaardig. Máár: dan wil ik ook de beperking van de werkloosheidsheidsuitkering in de tijd bespreken. In België kun je je leven lang een uitkering krijgen, een systeem dat in geen enkel ander land bestaat. Dat is niet gezond voor de mentaliteit van een werkzoekende. Laten we alle taboes van tafel vegen.”

Behoort u eigenlijk tot de linker- of de rechtervleugel van N-VA? Of de Zuhal-vleugel?

“Ik behoor tot de linker- noch tot de rechtervleugel, als die al bestaan. Voor een gemeenschapsvormende volkspartij vind ik het normaal dat we een vermogenswinstbelasting bespreken, samen met de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd. Ben je dan voor dat eerste punt progressief en voor dat tweede rechts?”

Onlangs zei Kris Peeters dat we allemaal boven onze stand leven.

“Dat vind ik niet. Mijn twee zussen moeten potverdikke allebei anderhalf uur op de trein zitten ’s morgens en ’s avonds opnieuw en dat voor een loon van 1.600 euro netto. Ze hebben ook nog eens drie kinderen die naar de crèche moeten. Als je zegt dat iedereen boven zijn stand leeft, heb je geen feeling met de realiteit.”

Is de wil er eigenlijk nog om deze coalitie tot een goed eind te brengen?

“Die wil is er. Ja, er wordt veel gediscussieerd. Parlementsleden moeten het debat voeren en moeten hun partijprogramma blijven verdedigen. Als Eric Van Rompuy het discours van zijn partij verdedigt, heb ik daar geen enkel probleem mee. Moet kunnen. Maar ministers moeten het regeerakkoord uitvoeren, die moeten niet met punten uit het partijprogramma afkomen. (met tekenfilmstemmetje:) ‘Ik ben het sociale gelaat van deze regering.’ Neen, hé. Ministers moeten beleid voeren, laat de discussie over aan de parlementsleden.”

U bent zelf het luidste lid van uw fractie.

“Ik heb ook wel een luide stem. Als je in het parlement zit, móét je je stem laten horen potverdikke. Dat is wat mensen verwachten.”

Onlangs hebt u meegedaan aan het tv-programma ‘Terug naar eigen land’. Daar hebt u veel kritiek op gekregen.

“Op sociale media was het van ‘Demir zaagt’, maar op straat gaven mensen me gelijk. Veel vluchtelingen waren slecht geïnformeerd door de mensensmokkelaars. Zij maken mensen wijs dat ze in Duitsland een auto cadeau krijgen, naast een loon en een sociale woning. Ik vond het mijn plicht om eerlijk te zijn. Ik geef toe dat dat hard kan overkomen.”

Het is wel sprekend voor de toon van uw partij. De N-VA wordt regelmatig een hard discours aangewreven, onlangs nog door Wouter Beke.

“Het verschil zit er hem vooral in dat de Belgische politiek jarenlang nooit iets heeft willen benoemen. Zeg gewoon wat het probleem is. Waarom moet je daar altijd zo wollig over doen?Je moet dingen benoemen om met een oplossing te kunnen komen. De afgelopen dertig jaar vroeg niemand vroeg zich af: waar gaan we naartoe met de multiculturele samenleving, wat zijn de problemen? Multiculturaliteit moest tof zijn. Een kleine tien jaar geleden is integratie verplicht geworden, dankzij de N-VA. Als je vroeger zei dat nieuwkomers zich moest integreren, was dat een groot taboe. Je werd uitgemaakt voor rotte vis en racist. Toen mijn vader in België aankwam, waren er geen cursussen Nederlands. ‘Ze hadden dat beter toen al gedaan’, zegt hij.”

De staat was nalatig?

“Toch wel een beetje. ‘We geven nieuwkomers een uitkering en laten ze doen.’ België scoort heel slecht op de tewerkstelling van nieuwkomers van de tweede en derde generatie. Dat is een tikkende bom. Ik snap niet dat politici hun kop in ’t zand steken. Zo organiseer je een groot probleem. Als er plots uitspattingen als radicalisme de kop opsteken, zijn politici verbaasd. ‘Hoe komt dat?’ Ja, jullie hadden misschien een ander beleid moeten voeren? Een beetje strenger. Streng is nooit slecht, zei mijn pa altijd. Als kind vond ik dat niet leuk, maar nu denk ik dat hij gelijk had. Ik kom uit een mijnwerkersgezin. Ik heb veel kansen gehad, maar ik had ook het geluk dat mijn vader zo streng was.”

Kristof Calvo (Groen) heeft u een sms gestuurd over uw harde taal in ‘Terug naar eigen land’. Hij begreep dat niet.

“Ik heb niet gereageerd op Calvo zijn sms. Hallo? Moet ik, omdat ik een allochtone achtergrond heb, zeggen wat links zegt? Moet ik dan een ander standpunt hebben over de vluchtelingencrisis? Dat is toch racistisch?”

Racisme is relatief, dachten wij.

(lacht uitbundig) Het misschien omgekeerd racistisch.”

De laatste tijd is er veel te doen over president Erdogan. Leeft dat bij de Turkse gemeenschap?

“Enorm. Iedereen heeft een schotelantenne en internet, men volgt wat er zich in Turkije afspeelt. Zo’n 65 procent van de Turkse Vlamingen op Erdogan hebben gestemd. Samen met Meyrem Almaci (Groen), met wie ik trouwens goed overeen kom, heb ik een duidelijk standpunt ingenomen over de persvrijheid. Het kan niet dat kritische journalisten in de gevangenis terechtkomen. Wij zijn verkozen en als je je stem niet laat horen, doe je je werk als volksvertegenwoordiger niet. Niet enkel de politici met Turkse roots moeten dat doen, maar bijvoorbeeld ook een Wouter Beke (CD&V), mijn lieve buurman in de Kamer. Ik ga hem straks vragen wat hij ervan vindt dat één van zijn schepenen in Genk zegt dat de persvrijheid erop vooruitgegaan is in Turkije.”

Bent u zelf naar Limburg verhuisd omwille van de provinciale evenwichten binnen uw partij?

“Neen, dat is omdat ik voluit voor het gezin ga. Ik moest van thuis uit heel hard studeren. Dus ga je naar de universiteit, doe je nog drie jaar stage als advocaat en dan kom je in de politiek terecht op een moment dat je aan een gezin zou moeten beginnen. Zo stel je kinderen almaar uit en uit. In mijn vriendenkring zie ik dat ook. Professioneel ben ik tevreden, maar als ik van één ding oprecht spijt heb, is het dat ik geen mama ben. Dat knaagt, want ik ben nu al 36. Iedereen zegt die is verhuisd om burgemeester of minister te worden, maar dat is allemaal speculatie.”

Het is klok die tikt?

“Ja! Hebben jullie daar een probleem mee? Vrouwen stellen hun kinderwens te veel uit voor hun carrière. We willen een goede werknemer zijn en een goede vriendin en een goede partner. Ik vind dat spijtig. Een gezin is nu een prioriteit. Een tweede reden voor mijn verhuis is dat ik mijn familie de voorbije tien jaar enorm verwaarloosd heb. Dus bij deze: ma en pa, het spijt me. Ik slaap nu tijdelijk bij mijn ouders en dat is wel een aanpassing. Om 10 uur ’s avonds belt mijn pa al: ‘Waar zijt ge?’ Als ik dan in een bestuursvergadering zit, lachen ze mij keihard uit. Ik weet dat het goedbedoeld is, maar gelieve dat niet meer te doen, pa!”

Zo, we zijn er. Uw werkdag kan beginnen.

“En wie gaat mij vanavond naar Genk brengen?”

Uw pa?

“Die zou dat nog doen ook. Neen, ik zal de trein nemen. Dat duur wel anderhalf uur, maar dat is je eigen schuld als je in Genk gaat wonen. Genk is thuiskomen. Het is een mooie stad. En het zal er na 2018 nóg gezelliger worden! (schatert)

 

Lees meer