Factcheck: hoeveel brengt een investering in zonnepanelen op?

!

Dit artikel werd gemaakt door een van onze bezoekers. Wil je reageren of zelf een artikel schrijven in onze Zoo, be our guest! Lees hier het hoe/wat/waar of begin er meteen aan.

Kersvers minister van energie Bart Tommelein (Open Vld) maakte vandaag een deel van zijn visie kenbaar: laten we allemaal samen massaal investeren in zonnepanelen. Deze vorm van hernieuwbare energie is vandaag rendabel en vereist dus geen subsidies. Op die manier wordt de Turteltaks ingeperkt: de schulden uit het verleden moeten nog steeds terugbetaald worden, maar we maken tenminste geen nieuwe schulden. Wij vroegen ons af: hoe rendabel zijn zonnepanelen juist?

De laatste jaren zijn de prijzen van zonnepanelen spectaculair gedaald. Dat verklaart waarom je in 2010 nog 350 euro/MWh aan subsidies kreeg en tegenwoordig helemaal niets meer. Maar brengt een investering in zonnepanelen ook echt meer op dan een spaarboekje?

Als je van plan bent te investeren in zonnepanelen, is het heel eenvoudig om je opbrengst te berekenen. Op de website energiesparen.be van het Vlaams Energieagentschap kan je heel gedetailleerd berekenen wat de terugverdientijd, opbrengst en alle verschillende componenten van de investeringskost zijn.

Een voorbeeld:

We geven een voorbeeld voor een gemiddeld Belgisch gezin dat in Leuven woont en nog een dubbele elektriciteitsmeter heeft. In dit geval gebruik je jaarlijks zo’n 3500 kWh elektriciteit. Om je een idee te geven: dat betekent dat je ongeveer 16 zonnepanelen op je dak moet leggen. De btw die je moet betalen is afhankelijk van de leeftijd van je woning. Voor een woning die minder dan tien jaar oud is, betaal je 21% btw op je installatie.

Laten we er even vanuit gaan dat je woning (zoals de meeste in Vlaanderen) al wat ouder is, dan betaal je 6% btw. Het prijskaartje voor de installatie bedraagt dan 6445 euro. Hierin zit zowel de prijs voor de zonnepanelen als voor de omvormers die je nodig hebt om de gelijkstroom van de zonnepanelen om te zetten naar de wisselstroom die uit je stopcontact komt. De omvormers moeten gemiddeld na twaalf jaar vervangen worden. Dit kost je ongeveer 250 euro/kW, dus zo’n 1000 euro voor de installatie die we hier bekijken.

Daarnaast moet je tegenwoordig ook een prosumentenvergoeding betalen. Deze vergoeding brengt in rekening dat je nog steeds verbonden bent met het elektriciteitsnet en dat je dus kan genieten van een stabiele netfrequentie en van permanente elektriciteitsvoorziening. Dat is een dienst die je krijgt, en zoals iedereen weet: niets is gratis in het leven. De prosumentenvergoeding bedraagt 93 euro per kW van je omvormer (je omvormer wordt typisch gedimensioneerd op 90% van het piekvermogen van je installatie). In dit voorbeeld betalen we dus: 334.8 euro voor de prosumentenvergoeding.

Om de berekening correct te uit te voeren hebben we nog een paar aannames nodig: de elektriciteitsprijs stijgt met 3.5% per jaar, een spaarboekje levert jaarlijks 1.5% rente op en de winst die je jaarlijks maakt zet je op een spaarboekje.

Winst na 15 jaren

2437 euro

Winst na 20 jaren

7625 euro

Winst na 25 jaren

14153 euro

Deze winst is afkomstig van het bedrag dat je jaarlijks uitspaart op je elektriciteitsfactuur. Om na 25 jaar evenveel winst te maken door het oorspronkelijke investeringsbedrag op een spaarboekje te zetten heb je een rente van zo’n 3.2% nodig. De tool op energiesparen.be houdt geen rekening met een prijsstijging van het prosumententarief.

Brengen we een inflatie van 2% in rekening, dan daalt de winst na 25 jaar met een kleine 3000 euro, maar dat neemt niet weg dat de investering nog steeds meer opbrengt dan een spaarboekje met 1.5% rente. We kunnen gerust stelen dat de gemiddelde spaarrekening tegenwoordig een heel pak minder oplevert. Bart Tommelein heeft dus gelijk als hij zegt dat het vandaag rendabeler is om te investeren in zonnepanelen dan om je geld op een spaarrekening te zetten.

Welk beleid wil je voeren?

Toch is het belangrijk om goed na te denken over het beleid dat je wil voeren. Het is positief om te horen dat minister Tommelein er zin in heeft, dat hij onmiddellijk met een plan komt en dat hij wil proberen niet nog meer schulden op te bouwen door mensen aan te sporen om te investeren in rendabele technologieën. Hopelijk werkt hij zijn visie ook meer in detail uit. Als mensen massaal gaan investeren in zonnepanelen, wat gebeurt er dan wanneer de zon heel hard schijnt? We zullen zodanig veel elektriciteit produceren dat een aantal grote centrales mogelijk stilgelegd moeten worden.

Bovendien zou een groter aandeel zonnepanelen er ook voor zorgen dat het minder interessant wordt om te investeren in grote elektriciteitscentrales. Die investeringen zijn echter wel nodig, want wat doen we anders wanneer de zon in België niet schijnt? Omdat er nood is aan investeringen in back-up capaciteit en interconnectie om met zo’n grote proportie aan variabiliteit en overcapaciteit om te gaan, is het nog maar de vraag of de Turteltaks ook echt zal dalen.

De voordelen zullen dus vooral gaan naar mensen die zich zonnepanelen kunnen veroorloven en een geschikt dak ter beschikking hebben. Aangezien de visie van de minister geen biomassa omvat, maken we nog een laatste kanttekening: om een biomassacentrale van 200MW te vervangen door zonnepanelen, zouden 420 000 gemiddelde Belgische gezinnen deze investering moeten doen.

We kregen een eerste positieve boodschap van de nieuwe Vlaamse minister van energie, die zichzelf een teamspeler noemt en ons aanspoort tot samenwerken. Hopelijk zal er binnen het team van de Vlaamse regering grondig nagedacht worden over een plan om de complexe uitdagingen binnen de energiesector aan te pakken.

Door Jelle Jaubin voor YERA