“Eurocentjes hebben grote maatschappelijke kostprijs”: Van Overtveldt ziet ze liever in de bank dan op een vloer

Wat moeten we met die koperkleurige centjes van 1 en 2 eurocent? Velen zijn ze liever kwijt dan rijk en gaan op zoek naar creatieve oplossingen. Zoals Dietbrand van Durme, een opticien die de vloer in z’n zaak bezaait met 1-eurocentjes. Een ware attractie, maar volgens minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA) kan je ze beter naar de bank brengen.  

“Mensen doen er beter aan om de muntjes naar de bank te brengen en de waarde op hun rekening te laten zetten. Op die manier blijven er ook genoeg muntjes in omloop.”

Zo reageert Johan Van Overtveldt op de hype die is ontstaan door de 'centjesvloer' van Dietbrand van Durme uit Massemen. Hij plakt momenteel 50 vierkante meter vloer van z’n opticien vol met 1-eurocentjes. Uiteindelijk goed voor zo'n 150.000 koperen munten.

Maar volgens Van Overtveldt zijn ze belangrijker dan je zou denken. "Centjes van 1 en 2 eurocent hebben hebben een grote maatschappelijke kostprijs. De waarde van de munten ligt namelijk een stuk lager dan de kostprijs om ze te produceren en ze in omloop te brengen. Momenteel moeten we zelfs 1- en 2-eurocentjes aankopen in Nederland om aan de vraag te kunnen voldoen. Mensen doen er beter aan om de muntjes naar de bank te brengen en de waarde op hun rekening te laten zetten. Op die manier blijven er ook genoeg muntjes in omloop.”

Intussen krijgt Van Durme veel mensen over de vloer die het ‘kunstwerk’ willen aanschouwen. De centjes zelf worden binnenkort misschien zelfs zeldzaam. Zo zou volgens een enquête van 2012 (eurobarometer) 83 % van de Belgische respondenten voorstander zijn om de munten van 1 en 2 eurocent af te schaffen.

Lees meer