Japan doodde dit jaar 333 walvissen “voor de wetenschap” en 200 daarvan waren zwanger

De Japanse walvisvloot is weer thuis na haar jaarlijkse rondje in de wateren aan de Zuidpool. Dit keer werden 333 dwergvinvissen gedood, 230 daarvan waren vrouwtjes en daarvan was 90% zwanger. Japan zegt dat het bloedbad wetenschappelijke bedoelingen heeft, maar dat is slechts een dekmantel om toch aan walvisvlees te komen.

Het vlees van de 333 dwergvinvissen zal worden verkocht. De meeste Japanners eten echter nauwelijks nog walvisvlees. De vraag is dan ook laag en in feite is de walvisvangst een sterk gesubsidieerd verhaal.

Het Internationaal Gerechtshof bepaalde in 2014 dat Japan de walvisvangst in de arctische wateren moet stoppen. Tokio zegt dat de walvisvangst bedoeld is voor “wetenschappelijke doeleinden”. Wetenschappelijk onderzoek is toegestaan volgens een internationaal verbod op de commerciële walvisvangst dat in 1986 van kracht werd.

4.000

Na de uitspraak van het hof in 2014 besloot Tokio de walvisvangst tijdelijk stop te zetten. Maar die heeft het dus weer opgenomen, want “de stand van zwangere dwergvinvissen is gezond” volgens het Japanse agentschap voor de visserij. Japan wil in de komende twaalf jaar 4.000 walvissen doden en in de toekomst wil het land zelfs de commerciële vangst weer hervatten.

Volwassen dwergvinvissen hebben gemiddeld een lengte van 7 tot 7,5 meter, met een maximum van 9 tot 11 meter voor vrouwtjes en 9 tot 10 meter voor mannetjes. Beide geslachten wegen in volwassen vorm gemiddeld 4 à 5 ton en maximaal 14 ton. Bij geboorte zijn de baby's 2,4 à 2,8 meter. Dwergvinvissen leven gemiddeld 30 tot 50 jaar met een maximum van 60 jaar.

Dwergvinvissen krijgen na een dracht van 10 à 11 maanden één jong, dat bij de geboorte zo'n 450 kg weegt.