Volgens internationale studie is anorexia erfelijk: professor bevestigt

Uit een nieuw internationaal onderzoek blijkt dat anorexia nervosa erfelijk is. Zo werd gemuteerd DNA gevonden op een bepaald chromosoom dat de stoornis mee veroorzaakt. Volgens Elske Vrieze, professor van het Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven, klopt het inderdaad dat anorexia genetisch bepaald is, zowel rechtstreeks als onrechtstreeks. Daarnaast komt anorexia altijd voor in combinatie met psychologische problemen. Ook is het volgens Vrieze beter om niet over eetstoornissen te praten met jongeren, maar te focussen op psychologische issues zoals zelfbeeld en perfectionisme.

Een nieuw wetenschappelijk onderzoek van King's College London en de Universiteit van North Carolina suggereert dat anorexia nervosa in de genen zit, en dus erfelijk is. Wie anorexia heeft, is geobsedeerd door alles wat met gewicht, lichaamsomvang en voeding te maken heeft. Hoewel lijders extreem weinig eten en veel gewicht verliezen, blijven ze zichzelf als te dik beschouwen.

In kader van het onderzoek werden bij de helft van de anorexiapatiënten genen gevonden die gelinkt zijn met emotionele instabiliteit en schizofrenie. Ook werd een link vastgesteld tussen anorexia en het metabolisme of de stofwisseling, waaronder de samenstelling van insuline-glucose en het BMI van de patiënt. De resultaten van het onderzoek zijn vrij verrassend, want voordien werd anorexia vooral toegeschreven aan psychologische problemen en triggers uit de omgeving van de patiënt.

Rechtstreeks én onrechtstreeks erfelijk

Professor dokter Elske Vrieze, specialist in eetstoornissen en gezondheidszorg aan het Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven, liet aan newsmonkey weten dat het al langer geweten is dat anorexia deels erfelijk is. “De aandoening is zeker deels genetisch bepaald,” aldus Vrieze. “Maar er is nog weinig bekend over welke genen anorexia precies in de hand werken. Er zijn al meerdere studies naar gedaan waarbij verschillende genen naar boven komen.”

Wetenschappelijke eensgezindheid over welk specifiek gen gelinkt is met anorexia, is er dus nog niet. Vrieze benadrukt ook dat anorexia niet alleen rechtstreeks erfelijk is (zoals hierboven beschreven), maar ook onrechtstreeks: “Als een kind op jonge leeftijd bijvoorbeeld heel perfectionistisch of angstig is, kan dat een voorteken van anorexia zijn. Ook de thuis- en familiesituatie kunnen een rol spelen. Het gedragspatroon van ouders en familieleden is namelijk ook genetisch bepaald."

Omgevingsfactoren

Toch blijven psychologische problemen een rol spelen bij anorexia. Volgens Vrieze kan erfelijkheid tot zo’n 50 procent anorexia verklaren: “De genetische kwetsbaarheid is natuurlijk bijna altijd in combinatie met nog iets anders. Als een kwetsbaar kind bijvoorbeeld gepest wordt of een trauma oploopt, kan dat de druppel zijn om te gaan vermageren. Dat kan in het begin nog onschuldig zijn, maar het kan snel uit de hand lopen.”

Volgens Vrieze is het niet verstandig om met tieners preventieve gesprekken over anorexia te voeren: “Als ik voor een groep jongeren ga spreken, leg ik de focus niet specifiek op eetstoornissen. Als je dat doet, geef je het probleem aandacht en kunnen tieners in zekere zin juist aangespoord om te gaan diëten.” Vrieze vindt het daarom beter om gesprekken te voeren over issues als zelfbeeld, zelfvertrouwen en perfectionisme. Op die manier hoopt ze de omgevingsfactoren die anorexia in de hand kunnen werken, te beperken.

Lees meer