Slaap je ook slecht door die hitte? Dit is waarom en wat je er kan aan doen

Allemaal heel mooi, dat zwoel weer, maar het heeft wel één nadeel: 's nachts is het zo warm dat we slecht slapen. Waarom is dat? En wat kan je er aan doen? Sommige dingen zijn erg logisch, maar andere niet: wist je bijvoorbeeld dat eerst een warme douche nemen, echt helpt?

De ideale temperatuur om te slapen is zo'n 18 à 19 graden. Maar, in je huis, op je appartement of op je kot is het nu ook 's nachts vaak een stuk warmer, en niet iedereen wil of kan een airco opzetten.

Blijkbaar is het vooral het in slaap geraken dat cruciaal is: eenmaal als je “vertrokken bent”, daalt je inwendige lichaamstemperatuur. En voor wie geen last heeft van dingen als slaapapneu bijvoorbeeld, kan je dan, zelfs bij tropische temperaturen een goeie nachtrust hebben.

Maar het probleem is dus dat in slaap geraken, je lichaam moet daartoe wel de krijgen, en da’s lastiger wanneer de omgevingstemperatuur te hoog is.

Het eerste dat je kan doen is de logica zelve: de omgevingstemperatuur zo laag mogelijk krijgen. Hou overdag de ramen en gordijnen dicht en eenmaal als het buiten frisser is dan binnen moet je de ramen openzetten.

Een koude douche nemen voor je gaat slapen? Niet doen. Dan vernauwen je bloedvaten en raak je je warmte juist moeilijker kwijt. Hoe tegenstrijdig het ook klinkt: een warme douche of een warm bad helpt.

Want door de warmte van een bad of douche gaan je bloedvaten openstaan. Daardoor kun je - als je uit de warmte van het bad of de douche komt - makkelijker lichaamswarmte verliezen.

Iets koud eten of drinken, helpt blijkbaar ook. Alleen: doe wel iets zonder (veel) suiker, want van die suiker, bijvoorbeeld in een ijsje, val je dan weer moeilijker in slaap.

Airco?

En dan is er airco. Wel, in alle eerlijkheid, en we zeggen het met het nodige voorbehoud want echt niet goed voor het klimaat: de beste, meest effectieve oplossing is airconditioning. Die mag je niet extreem hard zetten - we hebben die neiging - maar op bijvoorbeeld 19 à 20 graden.

Er zijn wel een aantal nadelen. Airconditioning is niet goedkoop om te beginnen. Zelfs de toestellen met een A of A+-certificatie verbruiken nog altijd veel stroom.

In de aankoop ben je ook al snel 300 euro kwijt - en 1.000 euro of meer voor de verplaatsbare kamermodellen die extra functies hebben, krachtig zijn en het minst verbruiken én het stilst zijn.

Dat laatste is wat veel mensen sowieso tegenhoudt: “ik kan niet slapen van die herrie die dat ding maakt”. Er zijn toestellen die rond de 50 dB doen op de markt, en worden gepromoot als superstil. In vergelijking met oude airco’s is dat misschien zo, maar een constant gezoem aan 50 dB is voor velen nog steeds hinderlijk.

Dat zit nochtans vooral in ons hoofd: het is perfect mogelijk om in te slapen bij het geluid dat airco’s maken, als we stoppen met aan dat geluid te denken.

Nog een probleem met verplaatsbare en betaalbare airco’s is dat de warmte die ze uit de lucht nemen, moet afgevoerd worden via een slang, die standaard al snel 13 cm diameter heeft. Je moet die slang uit een raam of deur naar buiten hangen, wat weer een opening creëert die warmte binnenlaat.

Er zijn systemen op de markt ondertussen waarmee je bij wijze van een velcrotape die je op het raam kleeft een soort gordijntje maakt waar je via een ritssluiting de uitlaat van de airco kan doorlaten. Dat kost iets van een 25 euro. Het bestaat ook in versies voor deuren.