Geschiedenisboeken mogen weer worden herdrukt: we zijn er al langer dan we dachten blijkt nu

Uit een nieuwe archeologische vondst in Marokko blijkt dat de eerste homo sapiens 280.000 tot 350.000 jaar geleden al leefde. Tot nu werd aangenomen dat onze soort 200.000 jaar geleden is ontstaan in Ethiopië.

Dat schrijft het Max Planck Instituut voor Evolutionaire Antropologie in Leipzig in het wetenschappelijk tijdschrift Nature.

De fossiele botresten werden gevonden in de Jebel Irhoud-grot ten westen van Marrakesh. In de jaren zestig werden daar ook al mensenbotten gevonden. Door de recente vondst wordt de theorie verworpen dat de homo sapiens plots is ontstaan in Ethiopië. De mens heeft zich geleidelijk ontwikkeld en verspreid over heel Afrika.

"Tot nu toe dachten we dat onze soort zich ontwikkeld had in een soort van Tuin van Eden in Afrika. Maar nu blijkt die Garden of Eden heel Afrika te zijn. Een hele grote tuin", zegt onderzoeker Jean-Jacques Hublin in het blad.

Modern gezicht, weinig hersenen

Volgens de onderzoekers duiden de fossielen op een simpele homo sapiens. Net als alle moderne mensen had hij een klein gezicht, een grote kin en dunne wenkbrauwen. Het verschil is dat deze homo sapiens een platte lange schedel heeft waarin een groot, vrij primitief brein moet hebben gezeten.

In mei was er ook al groot nieuws over de geschiedenis van de mens: de homo naledi leefde namelijk tegelijk met de homo sapiens. Eerder werd gedacht dat deze soort miljoenen jaren geleden leefde, maar de naledi blijkt veel jonger te zijn: deze oermens leefde tussen de 335.000 en 236.000 jaar geleden.

Vijf soorten homo's

Hij had een anderhalve meter lang lichaam, een brein zo groot als een appelsien (ongeveer een derde van ons brein tegenwoordig), een vooruitstekende snoet en lange, kromme vingers. In Afrika leefde hij dus samen met de vroege homo sapiens. In Europa en West-Azië liepen in die tijd de neanderthalers rond. In Midden-Azië leefde de denisovamens en op Indonesië de homo floresiensis. Van die vijf soorten is er nog maar één soort over, de homo sapiens.

Volgens de onderzoekers laten de vondsten zien dat er een veel grotere diversiteit van mensensoorten bestond aan het einde van het geologische tijdvak het Pleistoceen dan voorheen werd aangenomen.