Waarom het 'cash for car'-principe, extra loon in ruil voor je bedrijfswagen, niet (altijd) interessant is

Vorige week werd het zogenaamde 'cash for car'-principe goedgekeurd. Daardoor zal vanaf volgend jaar elke werknemer met een bedrijfswagen die wagen kunnen inruilen voor extra, lager belast, loon. Een maatregel om de lange files in ons land te verminderen. Maar de vraag is maar hoeveel er van dat principe gebruik gaan maken, want je auto inruilen voor een (iets) hoger loon zal voor velen nadelig zijn, zo blijkt.

Het principe is simpel. Elke werknemer die vandaag een bedrijfswagen heeft, zal die vanaf volgend jaar kunnen inruilen voor een cashbedrag. Dat extra aan loon zal net als de bedrijfswagen op een voordelige manier worden belast. Hoeveel je krijgt, hangt uiteraard af van de waarde van je auto. Heb je ook een tankkaart, dan komt er bij dat bedrag nog eens 20 procent bij. Een slimme maatregel, zou je op het eerste gezicht denken. Maar wie het van naderbij bekijkt, heeft een andere opinie.

Gebrek aan alternatieven

De reden voor het invoeren van het zogenaamde 'cash for car'-principe is het steeds groter wordende probleem van de files in ons land. Het inruilen van je bedrijfswagen betekent alweer een auto minder op de baan, zo redeneerde het kernkabinet van de regering-Michel, dat het principe vorige week heeft goedgekeurd.

Maar het houdt niemand tegen om dat bedrag te gebruiken om een goedkopere auto aan te kopen en het overschot op zak te houden.Dat zei ook Danny Smagghe, woordvoerder van de mobiliteitsorganisatie Touring, vorige maand in Het Laatste Nieuws. "Misschien kopen ze zelfs een occasiewagen, die zijn dan nog eens vervuilender dan een bedrijfswagen waar men maximum vijf jaar mee rijdt", stelt Smagghe. Smagghe, en velen met hem, vreest dat het gebrek aan alternatieven om van thuis naar je werk te pendelen de grote zwakte is van deze maatregel. "Men zal dan nog altijd geneigd blijven om met de auto naar het kantoor te rijden", zo meent Smagghe.

"Voor wie veel rijdt, is deze maatregel oninteressant"

Maar er is nog een ander, misschien wel belangrijker, probleem: het extra cashbedrag dat werknemers krijgen voor het inruilen van hun bedrijfswagen zou een pak lager liggen dan de leasingwaarde van de wagen en voor wie veel kilometers aflegt, zou ook de compensatie voor de tankkaart ruim onvoldoende zijn, dat blijkt uit berekeningen van het Planbureau en cijfers van Renta. "Zeker voor wie veel rijdt, is deze maatregel oninteressant", zo zegt het Planbureau in De Standaard.

"Uit onze cijfers blijkt dat het bedrag voor veel bestuurders niet het aantal kilometers compenseert dat ze vandaag met hun tankkaart afleggen", legt onderzoeker van het Planbureau Alex Van Steenbergen uit. Gecombineerd met het gebrek aan valabele alternatieven op de auto, lijkt dit principe dan ook een dode mus. Er wordt gevreesd dat er maar weinig werknemers gebruik gaan maken van het principe en dat de maatregel dan ook niks aan de files zal veranderen.

Lees meer