De ongelijkheid tussen man en vrouw groeit voor het eerst sinds jaren … en ook België scoort slecht

De ongelijkheid tussen mannen en vrouwen is voor het eerst sinds 2006 weer gegroeid. Dat blijkt uit cijfers van het World Economic Forum (WEF). Je zou denken dat dat louter komt door wantoestanden in ontwikkelingslanden, maar ook België gaat erop achteruit. Zo zijn we op twee jaar tijd van de 19de naar de 31ste plaats gezakt qua gelijke kansen voor mannen en vrouwen.

De loonkloof tussen mannen en vrouwen is weer gegroeid. Een nieuw rapport van het World Economic Forum (WEF) stelt dat het 217 jaar zal duren eer mannen en vrouwen gelijke kansen krijgen op de arbeidsmarkt. Vorig jaar was dat nog maar 170 jaar.

Ook als er met andere factoren rekening gehouden wordt, zoals toegang tot gezondheidszorg, opleiding en politieke invloed, is de kloof gegroeid. Zo wordt er voorspeld dat mannen en vrouwen op deze vlakken over 100 jaar gelijke kansen hebben, terwijl daar vorig jaar nog een termijn van 83 jaar op werd geplakt.

Het is voor het eerst sinds 2006 dat er sprake is van een achteruitgang. Saadia Zahidi, die aan het hoofd staat van het onderwijsluik van WEF, zegt in de Britse krant The Guardian dat gendergelijkheid “een morele en economische vereiste” is. “Sommige landen begrijpen dat en ze zien nu de voordelen van de proactieve maatregelen die ze genomen hebben om de genderkloof te dichten.”

Situatie in België

Het rapport lijst 144 landen op het vlak van economie, gezondheid, onderwijs en politieke invloed. België staat op de 31ste plaats, één rang hoger dan Nederland en één rang lager dan Moldavië. Bij ons is de genderkloof al voor 73,9 procent gedicht. Op het vlak van (lager, middelbaar en hoger) onderwijs doen we het opvallend goed, maar vooral qua gezondheidszorg is er nog werk aan de winkel. Zo zou de levens verwachting voor vrouwen in ons land in verhouding lager liggen dan in andere landen. Toch worden Belgische vrouwen gemiddeld nog bijna drie jaar ouder dan de mannen.

Op het economische vlak zijn vrouwen nog ondervertegenwoordigd als wetgevers, als managers en in seniorfuncties. Op het politieke vlak scoren we slecht qua ministerposten, maar vooral qua regeringsleiders. Logisch, want België heeft nog nooit een vrouwelijke premier gehad. Wel doen we het goed qua vertegenwoordiging van vrouwen in het parlement.

Vorig jaar stond België nog de 24ste plaats en het jaar daarvoor op de 19de plaats. Onder andere Cuba, Spanje, Duitsland, Frankrijk, Slovenië, Ierland, het VK, Canada, Bulgarije en de Filipijnen scoren beter dan wij. IJsland staat op nummer één in de ranglijst. Daar is de genderkloof al voor 88 procent gedicht. Noorwegen en Finland staan respectievelijk op de tweede en derde plaats.

Lees meer