Het filmjaar 2018 samengevat in één lijstje: de 25 beste films die je dit jaar kon zien

Wanneer we eerst over het voorbije filmjaar nadachten, deed dat ons weinig bijzonder aan. Tot we dan eens gingen bekijken wat we dit jaar allemaal bekeken hadden en vaststelden dat we bijzonder veel pareltjes hadden gezien dit jaar. Eén film stak er nog net met een neuslengte bovenuit, maar nummers 2 tot 8 zouden in een ander filmjaar ook de absolute favoriet geweest kunnen zijn. Dan weet je dat het een grand cru-jaar was in de cinema met tussen de films die diep onder ons vel wisten te kruipen vooral veel materiaal dat niet uit Hollywood kwam.

1. First Man

 

Onze favoriete film van het jaar kwam zeer onverwacht uit de lucht vallen. Een astronautenfilm, dat was zo ongeveer het laatste waar we hoge verwachtingen van hadden. Het is met dank aan Damien Chazelle (van Whiplash en La La Land) dat we nu vol lof kunnen zijn over deze biopic over Neil Armstrong. De jonge regisseur wilde deze film benaderen als een thriller. Hij wilde vooral eens benadrukken hoe de astronauten destijds bijna dagelijks hun leven op het spel zetten voor hun job en voor hun land, altijd maar op zoek naar vooruitgang.

Chazelle is erin geslaagd om een film te maken die én imposant én breekbaar is. Dat heeft veel te maken ook met de ingehouden manier manier van acteren van Ryan Gosling, die het allemaal heel klein houdt. Dit is geen 'Make America Great Again!'-film, maar een lesje in bescheidenheid tegenover het universum. Ook zo worden Armstrong en zijn collega's geportretteerd: bescheiden. Ook zij deden maar gewoon hun job naar best vermogen.

2. Phantom Thread

 

Het grote gevaar van eindejaarslijstjes is dat datgene wat zich in het begin van het jaar afspeelde, vergeten wordt. Wij zijn gelukkig nog niet vergeten hoe onder de indruk we in februari waren van Phantom Thread.

Deze film over mode-ontwerper Reynolds Woodcock is naar eigen zeggen de allerlaatste rol die Daniel Day-Lewis, drievoudig Oscarwinnaar, ooit zal spelen en dat is jammer. Hij speelt immers geen personage, hij transformeert erin. Ook hier is elk woord dat hij uitspreekt als Woodcock een toonbeeld van stijl en gratie.

Eén en ander wordt in gang gezet wanneer de bekende modeontwerper de serveerster Alma ontmoet. Hij ziet in haar een soort van muze en neemt haar al snel in huis. Het is pas wanneer ze bij hem inwoont dat Alma al snel merkt dat Woodcock een moeilijk mens is.

Phantom Thread staat bol van de dreiging, elke seconde kan de spreekwoordelijke bom ontploffen, maar toch is het de schoonheid die de grootste indruk nalaat. In elke scène schuilt het meesterschap van regisseur Paul Thomas Anderson. Komt daar nog bij: de sublieme soundtrack van Radiohead-gitarist Jonny Greenwood die 90 van de 130 minuten in de film te horen is.

Een meesterwerk, anders kunnen we het niet stellen.

3. BlacKkKlansman

 

Voor wie het nog niet weet: BlacKkKlansman speelt zich af in 1979 en is gebaseerd op waar gebeurde feiten, die zich weliswaar in 1972 afspeelden. De film begint wanneer een zekere Ron Stallworth (John David Washington, zoon van Denzel) de eerste zwarte agent wordt in het korps van Colorado Springs.

Het is het begin van één van die zeldzame films die alles heeft. In een soort van Argo meets Inglorious Basterds krijgen we een verhaal voorgeschoteld dat belangrijk is en beangstigend actueel aandoet, maar dan wel in een film die entertainend en grappig is, waar uitstekend in wordt geacteerd en die ook cinematografisch de dingen knap weet aan te pakken.

Spike Lee heeft een politieke film gemaakt, laat dat duidelijk zijn, maar geen politieke film waarbij je na het bekijken ervan het gevoel hebt dat je hoofd op ontploffen staat omdat je een hele bibliotheek hebt gelezen. Het tempo en de flow van BlacKkKlansman zorgt ervoor dat de film over je heen vloeit en nadien verbluft achterblijft.

4. Call Me By Your Name

 

In dezelfde week dan Phantom Thread kwam er nog een meesterwerkje uit: Call Me By Your Name, een liefdesverhaal dat zich afspeelt in het noorden van Italië van het jaar 1983, maar tegelijkertijd heel erg universeel is.

Call Me By Your Name vertelt het verhaal van de ontluikende liefde tussen de tienerjongen Elio (17) en de iets oudere student Oliver (24). En dat is het eigenlijk. De film moet het helemaal hebben van zijn charme, van de onbezorgde fietstochtjes door de weilanden, van het zwemmen in de rivier, van de boeken die gelezen worden, de maaltijden die genuttigd worden met het gezin en hun gasten, van de muziek die wordt gespeeld en van de zomer van de liefde.

Deze film gaat over het mysterie van de liefde, de liefde die je altijd overvalt wanneer je ze het minst verwacht. Zich echt in ons hart vastzetten deed de film in zijn laatste deel, wanneer Elio afscheid heeft moeten nemen, er als een wrak bijloopt en dan pas merkt dat zijn ouders al veel langer het één en ander in de gaten hadden.

Het werd trouwens al snel aangekondigd dat Call Me By Your Name een vervolg zou krijgen!

5. Capharnaüm

 

Nog maar zelden hebben ze ons zo bij elkaar kunnen vegen na een film dan na Capharnaüm. Hoofdfiguur in Capharnaüm is Zain (Zain Al Rafeea), een jongen van een jaar of twaalf die wanneer de film begint gehandboeid vanuit de jeugdgevangenis de rechtbank wordt binnen geleid. Zain is in de rechtbank omdat hij zijn ouders (Fadi Yousef & Kawsar Al Haddad) wil aanklagen omdat ze hem op de wereld hebben gezet. Hij heeft daar nooit om gevraagd, vertelt hij. Pas daarna krijgen we in flashbacks het volledige verhaal te zien.

Het is zo'n film die je doet beseffen hoe fucking goed we het hier hebben. Zo'n film die ons doet beseffen dat je kans op geluk toch nog vooral bepaald wordt door waar je wieg staat. En ook een film die moet doen nadenken over de verantwoordelijkheid van ouders: is het écht verantwoord dat elke idioot - ook als je er de financiën noch de omstandigheden noch de kunde voor hebt? - zoveel kinderen op deze wereld mag zetten als hij wil.

Capharnaüm is zo een zeldzame film die je mee naar huis neemt en in je rugzak stopt voor (hopelijk) de rest van je leven en lijkt zelfs meer op een levenservaring dan op een film.

6. Roma

 

Netflix voelt met Roma één of meerdere Oscars aankomen, wat hen plots een meer belangrijke plaats zou kunnen doen innemen in de distributie van belangrijke films. In Roma blikt regisseur Alfonso Cuarón (van onder andere Gravity en Children Of Men) terug op zijn eigen jeugd in het Mexico van begin jaren zeventig en in het bijzonder op de aanwezigheid van Cleo (in het echt heette ze Libo) daarin, de inwonende dienstmeid en babysit die de kinderen wekte, te slapen legde, hun eten klaarmaakte, met hen speelde, met hen praatte als er hen iets dwars zat, hen naar school bracht en hen daar ook weer ging ophalen.

Met Roma wil Cuarón haar de eer betuigen die ze altijd verdient, maar nog nooit gekregen heeft. Pas nu beseft Cuarón dat wat Cleo allemaal voor hen deed allemaal niet zo evident was. Dat ze een grote invloed heeft gehad op zijn geluk als kind en op wie hij als man geworden is.

We hadden nog het meest een Boyhood-gevoel tijdens het kijken: Roma maakt duidelijk dat elk leven er toe doet. Cleo leidt een schijnbaar onbeduidend leven, maar een onbeduidend leven bestaat niet. Cleo's leven is bijzonder in alle gewoonheid.

7. Lady Bird

 

Het is een redelijk dun plot waarmee Greta Gerwig, die met Lady Bird debuteerde als solo regisseur, veel weet te doen. De film vertelt het wondermooie verhaal van de in 2002 zeventienjarige Christine "Lady Bird" McPhee (Saoirse Ronan) die zich door haar, zo vindt ze zelf, saaie leven voortbeweegt. Wat ze het allerliefst wil, is op universiteit gaan zo ver mogelijk weg van huis, bij voorkeur in New York. Ze heeft een hekel aan haar naam, een hekel aan haar stad (Sacramento) en ze droomt van coolere vrienden, van een mooier en groter huis en van ouders waarvoor ze zich niet hoeft te schamen.

Lady Bird is semi-autobiografisch en speelt zich af in het schooljaar waarin Greta Gerwig zelf afstudeerde van de katholieke school St. Francis in Sacramento, haar thuisstad. Haar moeder heette Christine en diens moeder - de grootmoeder van Greta - kwam aan de kost als verpleegster.

De scènes die voor de meeste ontroering zorgen, zijn de confronterende scènes waarin Lady Bird en haar moeder Marion (een schitterende rol van Laurie Metcalf) steeds weer botsen met elkaar. Op het eerste gezicht is Marion een slechte moeder, maar dan ga je voorbij aan de intrinsieke bedoeling van Marion die eigenlijk gewoon haar dochter voor allerlei teleurstelling en ontgoocheling in het leven wil behoeden omdat ze zelf haar portie al heeft gehad.

Het levert een levensechte film op waarin een sterke cast en een grappig en doorleefd scenario ervoor zorgt dat het doodgewone verhaal van een in wezen doodgewoon tienermeisje dat het moeilijk heeft tevreden te zijn met wat ze heeft tot leven komt.

8. Cold War

 

De Poolse regisseur Pawel Pawilkowski heeft zijn film al grappend een musical genoemd en we begrijpen het grapje: muziek speelt een grote rol in Cold War. Aan het begin van de film ligt de Tweede Wereldoorlog nog niet zo lang achter ons en in Polen hebben ze besloten om de talenten van de boerenbevolking naar waarde te beginnen schatten. De Poolse overheid organiseert audities, op zoek naar zangers, zangeressen en dansers met wie ze een volksshow kunnen opbouwen.

En daar op die audities ontmoeten Wiktor (Tomasz Kot) en Zula (Joanna Kulig) elkaar voor het eerst. Het is het begin van een romance die vijftien jaar zal duren en die ons in de loop van 88 minuten naar Berlijn, Polen, Joegoslavië en vooral ook Parijs zal brengen. We krijgen dan ook vooral korte indrukken uit het leven van de twee hoofdpersonages. Tableaus. En dan glijdt de tijd weer verder en veranderen er weer dingen. De twee raken elkaar kwijt en zoeken elkaar weer op. Er wordt getrouwd en gescheiden. Niet met elkaar, maar in hun hart blijven de twee trouw aan elkaar.

Pawilkowski heeft deze film opgedragen aan zijn ouders. ook zij heetten Zula en Wiktor en ook zij beleefden die ene grote wispelturige liefde die een leven overheerst. Zo'n liefde die we allemaal wel in ons leven zouden willen. In dat leven dat in het teken staat van die ene allesoverheersende liefde.

9. Shoplifters

 

Eén van de thema's van het filmjaar 2018 is toch zeker kinderverwaarlozing en de bijhorende vraag of ouders wel altijd het beste zijn voor hun kinderen, zo ook in Shoplifters. In eerste instantie lijkt deze Japanse film te gaan om een gezin aan de rand van de maatschappij: grootmoeder, ouders, zoon en dochter die met z'n allen in een veel te krap en vervallen appartementje wonen waarin ze in dezelfde ruimte eten, slapen en hun nagels knippen. Een gezin dat overleeft op luizenjobs en winkeldiefstal, het 'talent' van de vader. Maar gaandeweg wordt het duidelijk dat de film in feite om iets geheel anders draait.

Het gezin neemt een meisje onder hun hoede, Yuri, waarbij ze heel wat littekens opmerken. Ze is ook erg bang om geslagen te worden. Het is het begin van een film die je ethisch in een heel erg grijze zone doet komen. Volgens de letter van de wet is Yuri ontvoerd. En bovendien zit ze nu ook niet in de allerbest denkbare thuissituatie. Maar ze wordt er tenminste liefdevol behandeld en niet langer geslagen. Is het dan oké? Is dit 'gezin' de beste situatie voor het meisje?

Shoplifters is een afwisselend harde, grappige en liefdevolle film. Dit is trouwens één van de films die het samen met Roma, Capharnaüm en Cold War (zie alle drie hierboven) nog in aanmerking komt voor een nominatie in de categorie Beste Buitenlandse Film bij de Oscars.

10. Girl

 

Girl, zo is ondertussen officieel geweten, maakt geen kans meer op die Oscarnominatie, maar heeft wel een hele lading internationale prijzen gewonnen. Het is dan ook met voorsprong de beste Belgische film van het jaar. Het verhaal is ondertussen bekend: Girl vertelt het verhaal van de vijftienjarige Lara. Vroeger heette Lara Victor, maar wanneer Girl begint is haar transitie reeds ingezet en is Lara een meisje dat het wil maken als ballerina.

De grote pijn zit in Girl in kleine momenten. En telkens zien we Lara uiterlijk amper een spier verrekken terwijl we als kijker beseffen dat het niet anders kan dan dat het stormt vanbinnen. Wanneer ze haar oude naam nog eens onverwacht uit de mond van haar broertje doet komen, bijvoorbeeld. Of wanneer een leerkracht in de klas vraagt of Lara even haar ogen wil sluiten zodat hij even kan vragen of alle meisjes het oké vinden dat Lara bij hen doucht.

Het feit dat we zo kunnen meeleven met Lara is helemaal de verdienste van Victor Polster. Eerst en vooral: Lara ziet er heel erg vrouwelijk uit. Lara is een mooi meisje en hoe dichter Lukas Dhont op haar inzoomt, hoe mooier ze wordt. Maar het is de mooie ingehouden manier van acteren die onze bewondering voor Victor Polster (en voor Lara) doet groeien.

Girl is dan ook een serene waarnemende film. Geen doorsnee transgenderfilm, wel een film die vooral wil meegeven dat een geslachtsverandering psychologisch minstens even zwaar is dan de fysieke verandering die je lichaam ondergaat. Girl is een film die nog even in ons hoofd gaat blijven hangen.

11. Disobedience

 

In Disobedience laait oude passie terug op wanneer Ronit (Rachel Weisz) de begrafenis van haar vader komt bijwonen. Ronit laat zich tegenwoordig Ronnie noemen, heeft haar milieu de rug toegekeerd en is nu een succesvolle fotografe in New York. Wanneer haar vader, die rabbijn is, komt te overlijden, keert ze terug naar haar thuis in Londen en daar ontmoet ze haar oude vlam Esti (Rachel McAdams) die ondertussen getrouwd blijkt te zijn met hun beider beste vriend uit hun jeugd, Dovid (Alessandro Nivola).

Disobedience is een voorbeeld van een film die boven zichzelf uitstijgt door de uitmuntende acteerprestaties. Dit is opnieuw een film die je doet beseffen dat heel veel factoren in je leven afhangen van de omgeving waarin je geboren bent. Eén van die factoren is op wie je verliefd mag worden, terwijl net de liefde nooit beteugeld zou mogen worden.

12. The Guilty/Den Skyldige

 

The Guilty is één van die films (in dit geval uit Denemarken) die zich door het gebrek aan budget gedwongen zien om met een minimum aan middelen een maximum aan resultaat te behalen. In The Guilty bevinden we ons in de alarmcentrale van de politie van Kopenhagen en volgen we Asger Holm (Jakob Cedergren).

Asger krijgt Iben (Jessica Dinnage) aan de lijn. Hij denkt eerst dat ze verkeerd verbonden en/of dronken is, maar krijgt dan toch door dat er meer aan de hand is en komt erachter dat ze ontvoerd wordt. Van dan af staat de rest van de film in het teken van deze ene zaak. The Guilty duurt maar 85 minuten, maar heeft ons wel klamme handjes bezorgd, heeft ons verrast, heeft ons luidop "oooooh" en "shit" doen roepen én heeft ons doen wenen.

The Guilty is zo'n film die je maar één keer voor de eerste keer kan zien. De tweede keer weet je al hoe één en ander in elkaar zit en ga je op andere dingen letten. Maar die eerste keer voel je de spanning, voel je het levensnoodzakelijke van elk telefoontje en voel je de druk van de tijd die ook Asger voelt.

13. Molly's Game

 

Molly's Game kwam in de zalen in de eerste week van het nieuwe jaar 2018 en was het regiedebuut voor topscenarist Aaron Sorkin. Het verhaaltje van Molly's Game is makkelijk na te vertellen, in vogelvlucht: het draait allemaal om Molly Bloom (Jessica Chastain), een ambitieuze skiester die vooral door haar vader (Kevin Costner) tot het uiterste wordt gedreven. Na een ongeval moet ze haar ski's definitief opbergen en neemt ze een sabbatjaar in haar rechtenstudie. Dat sabbatjaar drijft haar naar Los Angeles waar ze, met wat tussenstappen, wekelijks het meest exclusieve pokerspel van de stad organiseert. Daarbij loopt één en ander mis en Molly's Game draait dus rond de snelle op- en ondergang van Molly Bloom.

Molly's Game heeft twee grote troeven. Ten eerste: Aaron Sorkin. De scenarist van The West Wing, The Newsroom, Moneyball, The Social Network en Steve Jobs regisseert zoals hij schrijft: met een enorme vaart. De tweede grote troef is Jessica Chastain. Niet alleen ziet ze er oogstrelend uit, ze laat die dialogen van Sorkin ook knetteren in het juiste tempo én op het juiste ritme, iets waar een Sorkin-scenario mee staat of valt.

14. The Florida Project

 

"The Florida Project" was de vroege ontwikkelingsnaam voor Disney World. Het is dan ook een geniale titel voor een film over schrijnende armoede die zich afspeelt in de schaduw van datzelfde Disney World. Een film die focust op mensen die om welke reden dan ook niet meekunnen in de maatschappij, in de steek zijn gelaten door het kapitalisme en door de individualistische American Dream die stelt dat ieder zélf verantwoordelijk is voor zijn of haar slagen of falen en dus niet gelooft in een doorgedreven sociale zekerheid.

Halley (Bria Vinaite) lukt het niet om te slagen in dat leven. Ze woont samen met haar dochter Moonie (Brooklynn Kimberly Prince) in een motel dat eufemistisch The Magic Place heet, gelegen is vlakbij Disney World en geschilderd is in een vrolijkmakend paars. Halley is stripper van beroep, probeert wat geld te verdienen door de verkoop van nepparfum op parkeerplaatsen en eet elke avond gratis wafels die een vriendin haar toestopt. Langzamerhand wordt Halley wanhopiger en wanhopiger waardoor ze steeds extremere dingen gaat doen om haar dochtertje en zichzelf toch op zijn minst dat dak boven hun hoofd te kunnen geven.

Het meest deprimerende van de zaak is: zulke motels bestaan echt in de Verenigde Staten. Sterker nog: de motels die je in de film ziet, zijn echte motels die op het moment van het filmen ook open waren. De grote verdienste van The Florida Project is dat de film armoede zichtbaar maakt. Het zit 'm in alles: de kinderen die tijdens de zomervakantie maar wat ronddolen omdat ze én geen speelgoed hebben én geen ruimte hebben om ermee te spelen. Het zit 'm in de te grote goedkoop uitziende t-shirts die ze dragen, in de ijsjes waar ze om bedelen en in het personage van Bobby (Willem Dafoe), de manager die de schrijnende toestanden allemaal met lede ogen aanziet en toegeeflijk is waar hij maar kan. Want Bobby beseft wat wij als kijkers ook zien: zolang er niks verandert in het Amerikaanse sociale zekerheidsstelsel is elk van die kinderen eenzelfde trieste lot beschoren.

15. Christopher Robin

 

Eén advies aan iedereen die denkt te volwassen te zijn om de Winnie The Pooh-film Christopher Robin te kijken: omarm het kind in jezelf. Dat kan mét kinderen - de film is fantasierijk en grappig en uiteindelijk komt alles helemaal goed - maar dat kan zelfs ook zonder kinderen.

Er hangt immers een zekere somberte over de film, wat wij nu net zijn sterkste punt vonden. De gehele look van de film is nogal mistig, in fletse kleurtjes, en de pluche dieren die onze beroemde vrienden verbeelden, zien er eerlijk gezegd nogal afgeleefd uit. Regisseur Marc Forster heeft dan ook gekozen voor een look die meer aanleunt bij de tekeningen van A.A. Mine dan bij de look die Disney aan Winnie The Pooh heeft gegeven en voor een algehele sfeer van melancholie die wij met graagte omarmd hebben.

Het is duidelijk wat voor boodschap de makers van deze film ons willen meegeven: omarm het kind in jezelf. Maar ook: koester wat je hebt. Of raak het alleszins niet kwijt. Geef voldoende aandacht aan de mensen die belangrijk voor je zijn. En probeer je soms ook eens te verplaatsen naar de tijd toen jij nog een kind was.

De film is warm, charmant en speels, maar gaat er ook vanuit dat kinderen best tegen een stootje kunnen, zolang op het einde alles maar weer goed komt.

16. Mary Poppins Returns

 

De laatste jaren is Disney heel erg aan de slag gegaan met zijn eigen erfenis. Er zijn al live-action bewerkingen verschenen van Cinderella, Jungle Book en Beauty And The Beast en er zitten er nog heel erg veel in de pijplijn. Het is een evolutie die ons wel eens doet zuchten van vermoeidheid en de grote vraag die we ons daarbij stellen is een oprecht 'waarom'. Die films zijn al eens gemaakt en zijn goed zoals ze zijn.

Is het een teken van bloedarmoede? We huiverden in eerste instantie dan ook toen de plannen bekend raakten voor een vervolg op Mary Poppins, 54 jaar na het origineel. Die originele film was een inslaand succes bij zijn release en heeft doorheen de jaren - terecht - de status van iconische film verkregen.

Het doet ons veel deugd om te kunnen zeggen dat deze nieuwe film bewijst dat je ook respect kan betonen aan het origineel in een nieuw verhaal. Het verhaal in Mary Poppins Returns speelt zich af 25 jaar na de gebeurtenissen van de oorspronkelijke film.

Het is dus een nieuw verhaal, maar de geest van de film uit 1964 waait wel door deze. Net als in Christopher Robin wordt aangeklaagd hoe volwassenen het kind in zichzelf kwijtraken en wordt er geplaagd met de ongrijpbaarheid van magie, dan wel verbeelding. De liedjes zijn uitstekend en Emily Blunt is perfect gecast als Mary Poppins. Een grote meevaller, dus.

17. The House That Jack Built

 

Geen film die de meningen in 2018 zo wist te verdelen als deze The House That Jack Built. Tijdens zijn première tijdens het filmfestival van Cannes lokte de film controverse uit doordat meer dan 100 mensen de zaal waren uitgelopen. Op de sociale media circuleerden beschrijvingen zoals "vies", "om van te kotsen", "zielig", ... Een journalist nam zelfs in de mond dat dit een film is die nooit had mogen zijn gemaakt.

En we geloven dat allemaal wel. The House That Jack Built is immers zwarter dan zwart, gewelddadig en zelfs sadistisch. Maar dat is alleen maar de saus om een verhaal te vertellen over een seriemoordenaar (een werkelijk sublieme rol van Matt Dillon) die de esthetische waarde in de dood ziet. Sommige scènes zijn inderdaad confronterend, maar The House That Jack Built is ook gewild grappig. Toen wij gingen kijken, werd er in onze zaal veel gelachen en dat is een tour de force tijdens een film als deze. De beste Von Trier sinds pakweg Melancholia.

18. Der Hauptmann

 

Deze Duits-Frans-Poolse co-productie vertelt het waargebeurde verhaal van Wili Herold (Max Hubacher), een jonge soldaat - 21 jaar amper - die twee weken voor het einde van Wereldoorlog II de bui al voelt hangen en net als vele anderen deserteert. In het begin van de film wordt hij achtervolgd als loslopend wild, maar hij weet zijn belagers te verschalken en alsof God ermee gemoeid is, vindt hij aan de rand van een bos een vastgereden jeep met op de achterbank een koffer met daarin een prachtig kostuum van een SS-officier bij de Luchtmacht. Als overlevingsstrategie besluit hij die rol aan te nemen om vervolgens te merken dat het effect van zo een kostuum groter is dan hij zelf verwacht had.

De film van Schwentke gaat in grote mate dus over de macht van het kostuum, maar zet ook het gehele bureaucratische systeem van het naziregime te kakken: Herold kan zich alleen maar als een nazikapitein blijven voordoen omdat hij lef heeft en bijwijlen goochelt met de naam van Hitler zelve. Er is (bijna) niemand in de hele constructie van rangen en procedures die Herold zijn mandaat, dat hij naar eigen zeggen van de Führer zelf heeft gekregen, in twijfel durft te trekken. Je wil immers niet diegene zijn die twijfelt aan de vertrouwelingen van de grote baas.

De boodschap van Schwentke is duidelijk: het is makkelijk om je mee te laten slepen in tijden van oorlog dus laten we nooit de gruweldaden vergeten die destijds jegens andere mensen hebben plaats gevonden. Maar ook: laten we nu nog waakzaam zijn, want het kan zo opnieuw gebeuren.

19. A Star Is Born

 

A Star Is Born is de derde remake van een film die zijn eerste versie kende in 1937. Het is redelijk meta allemaal: Bradley Cooper, producer en debuterend regisseur voor A Star Is Born, staat eigenlijk bekend als acteur. En Lady Gaga, wereldster en popfenomeen, geeft als actrice gestalte aan een dienster die haar grote doorbraak als zangeres beleeft.

Spelen wat je kent en doen alsof het je allemaal voor de eerste keer overvalt: het lijkt ons een veel moeilijkere rol dan je in eerste instantie zou denken, maar de fans van onder andere American Horror Story weten al langer dan vandaag dat deze zangeres ook best een stukje kan acteren.

A Star Is Born blinkt niet uit in onvoorspelbaarheid, maar toch hebben we tweemaal met tranen in onze ogen zitten kijken: tijdens de performance van Shallow en tijdens de slotperformance. Het gebeurt en het is niet tegen te houden, ook al beseften we heel goed dat de makers precies wisten op welke knopjes ze aan het duwen waren. Dat A Star Is Born wérkt, heeft dan ook veel te maken met de authenticiteit en de overgave van zijn twee hoofdrolspelers.

20. Avengers: Infinity War

 

Op papier leek deze film tot mislukken gedoemd: eerst achttien films en tien jaar lang opbouwen om dan al die verschillende verhaallijnen te laten samenkomen in film nummer negentien. Het gevaar voor een chaotische soep waarin de superhelden over elkaar zouden struikelen lag op de loer, maar als bij wonder is Avengers: Infinity War dat niet geworden.

De plot samenvatten is onmogelijk en zinloos. Het volstaat om te zeggen dat superschurk Thanos op zoek is naar de zes Infinity Stones en dat alle helden uit de voorgaande afleveringen zullen moeten samenwerken als ze een kans willen maken om Thanos te stoppen. Die Thanos is trouwens een heerlijke schurk, want hij wil niet zomaar de wereld vernietigen, maar hij heeft een rationele beweegreden. Volgens Thanos zijn er te veel monden en te weinig voorraad om al die monden te voeden. Hij wil dus de helft van de bevolking op de Aarde en de andere planeten uitroeien om de anderen de kans te geven om te overleven, ver weg van honger en armoede. Een nobel doel, zowaar, ware het niet dat hij daarvoor eerst moet overgaan tot een meervoudige genocide.

Je voelt aan alles dat het menens is in Infinity War. De vrijblijvendheid van de meeste voorgaande afleveringen is weg. Het is bittere ernst nu en in tegenstelling tot bij andere films durf je je hand er niet meer voor in het vuur steken dat alles wel goed zal aflopen. Er wordt nog wel eens gegrapt en gegrold wanneer we bij The Guardians Of The Galaxy aan boord stappen, maar de momenten van lichtheid zijn schaars.

De epische strijd op Wakanda bij Black Panther is de lange eindsprint naar een einde dat zo poëtisch en verbijsterend tegelijkertijd was dat we bijna met open gezakte mond naar het scherm zaten te staren. Dat een Marvel-film ons ooit nog zo zou kunnen ontroeren.

21. Isle Of Dogs

 

De centrale figuur in Isle Of Dogs is de twaalfjarige Japanse jongen Atari, het geadopteerde neefje van burgemeester Kobayashi, die op zoek gaat naar zijn verdwenen hond nadat de burgemeester heeft besloten alle honden uit de stad Megasaki City naar een enorme vuilnisbelt te verbannen. Er zijn immers te veel honden en ze lijden allemaal aan hondengriep en snuitkoorts.

Je hoeft geen uil te zijn om uit te dokteren dat Anderson hier met dit verhaal over honden meer wil vertellen dan een verhaal over honden. Feit is dat de interpretatie van de film kan verschillen naargelang wie hem ziet. Voor ons stonden de honden symbool voor hoe de wereld van vandaag omgaat met de vluchtelingencrisis en de vuilnisbelt voor de onmenselijke vluchtelingenkampen zoals we dat in Calais gekend hebben. Atari is dan die ene zeldzame ziel die zich daadwerkelijk het lot van de gestranden aantrekt en pleit voor – what’s in a word - menselijkheid.

Uiteraard zijn dit allemaal extra’s. Aan de basis blijft Isle Of Dogs een stop-motion film waarbij je niet vergeten mag hoeveel wérk erin gekropen moet zijn. Zo is de vacht van honden eigenlijk wol en zit elk shot naar aloude Anderson-traditie weer propvol details. Isle Of Dogs is een film die je minstens tweemaal zou moeten zien om hem ten volle te vatten, maar laten we niet vergeten dat het in de eerste plaats een film is waarvan genoten kan worden vol verrassende en soms echt wel van de pot gerukte donkere humor.

22. The Disaster Artist

 

The Disaster Artist vertelt het waargebeurde verhaal van acteur, regisseur en scenarist Tommy Wiseau. Hij heeft met The Room (2003) een cultklassieker afgeleverd die door kenners wordt omschreven als de Citizen Kane van de slechte films. The Disaster Artist beschrijft het productieproces van die film.

Humor is misschien wel het moeilijkste genre dat er bestaat. Het accent van Tommy, zijn onnozele lach (waar we wel elke keer mee moesten lachen) en zijn overtuiging over zijn talent en zijn visie: het zou makkelijk naar uitlachen kunnen neigen, maar dat wordt het nergens. The Disaster Artist maakt Tommy Wiseau niet belachelijk. Het is een film over een man die gelooft in zichzelf en daardoor alles op alles wil zetten. Een film ook over een vrijgevig man die alles wil doen voor de vriendschap. Een man die voordien misschien wel heel erg eenzaam was en die die ene die zich niet schaamt om bij hem te zijn daardoor zeer stevig aan de borst drukt.

Meer dan een verhaal over een vreemd figuur is The Diaster Artist een eerbetoon.

23. The Rider

 

We hadden net een mooie en poëtische film gezien toen we op de aftiteling wel opvallend vaak dezelfde achternaam terug zagen komen en ook "Lane Scott by Lane Scott" zagen voorbij rollen. Wat blijkt nu: het verhaal van Brady Blackburn (de naam van het hoofdpersonage) is eigenlijk dat van Brady Jandreau, zijn zus Lilly in de film is zijn eigen zus Lilly Jandreau en Wayne Blackburn, zijn vader in de film, is gewoon zijn eigen vader, Tim Jandreau.

Regisseuse Chloë Zhao leerde Brady Jandreau kennen op een ranch in South Dakota waar hij haar leerde paardrijden en haar gaandeweg zijn levensverhaal vertelde terwijl Zhao research aan het doen was voor haar vorige film Songs My Brother Taught Me (2015). Ze besliste daar en toen dat ze haar volgende film zou ophangen aan het levensverhaal van die cowboy en rodeorijder die na een stevige val van een wild paard en een trap op zijn hoofd op zoek moest gaan naar een nieuwe identiteit. Zhao besloot om ook zo dicht mogelijk bij het echte leven van Brady te blijven en castte meteen hemzelf, zijn familie, zijn vrienden en ook zijn allerbeste vriend - de sinds een ongeval zwaar gehandicapte stierenrijder Lane Scott - in de film.

De hele film deed ons denken aan The Wrestler van een tiental jaar geleden (wat als datgene wat je doet in het leven plots helemaal wegvalt?), maar The Rider is een stuk poëtischer én tragischer. De tragiek zit 'm in de armoede die je overal ziet (de vader van Brady woont in een trailer, kan zijn huur niet betalen en vergokt zijn geld), de poëzie zit 'm vooral in die scènes waarin Brady bij zijn paarden kan zijn.

The Rider was de vierde productie van de Amerikaanse afdeling van het Belgische productiehuis Caviar.

24. Beautiful Boy

 

Felix Van Groeningen heeft een film in Hollywood gemaakt en anders dan bij vele Europese regisseurs die die kans krijgen, is het een goeie geworden. Beautiful Boy geeft, voor zover we dat kunnen nagaan, een realistisch beeld van verslaving. Herstel is geen lijn opwaarts, maar een lijn die fluctueert. Dat zien we ook in deze film: goeie en slechte periodes wisselen elkaar af en daartussen beweegt zich een vader die eerst verrast wordt, dan met goede moed de reis richting herstel met zijn zoon wil aanvatten, verderop in de reis zijn best doet om in zijn zoon te blijven geloven en te blijven investeren, maar tegelijkertijd sterker en sterker gaat beseffen dat hij ook de rest van zijn gezin moet blijven beschermen.

Ook sterk aan Beautiful Boy is dat de film niet duidelijk één oorzaak naar voren schuift die de middelenafhankelijkheid van zoon Nic kan verklaren. Want die is er niet altijd. Waar we Felix Van Groeningen heel erg dankbaar om zijn, is dat Beautiful Boy geen tearjerker is geworden die zo zaterdagavond op Vitaya had gekund. Het overgrote deel van de film is sterk en ondanks zijn onderwerp is hij soms zelfs vertederend mooi en grappig.

25. The Sisters Brothers

 

Met The Sisters Brothers heeft de Fransman Jacques Audiard een western ingeblikt zoals we er nog nooit eentje hebben gezien. In The Sisters Brothers wordt op een bijna absurd hoog niveau geacteerd, er zit ontzettend veel humor in de film die altijd slim is en nooit belachelijk wordt en de film snijdt dieper dan welke western eerder we ook gezien hebben.

The Sisters Brothers draait rond Charlie Sisters (Joaquin Phoenix) en Eli Sisters (John C. Reily), huurmoordenaars met een goede reputatie die de jacht inzetten op een zekere Hermann Kermit Warm (Riz Ahmed) die naar verluidt een formule zou hebben gevonden om goud te doen oplichten in de rivier.

Met mindere acteurs zou The Sisters Brothers allicht een minder krachtige film geworden zijn, maar zowel Joaquin Phoenix als John C. Reily zetten een glansprestatie neer. De twee zijn schitterend als de broers die voor elkaar door een vuur gaan, maar ook die ruzies met elkaar maken die alleen broers met elkaar kunnen maken en elkaar plagen zoals alleen broers dat met elkaar mogen doen.

Subtiel is de film niet. Iedereen zal de boodschap kunnen lezen die Audiard wil vertellen. Broederliefde voor alles in The Sisters Brothers. Maar als we alles bij elkaar nemen, verrast The Sisters Brothers veel meer meer dan verwacht. We hebben gelachen, we zijn geraakt en we hebben enkele van de allerbeste acteerprestaties van het jaar gezien.

Lees meer