Donderdag was een dag met alleen verliezers, en een bijzonder zwarte dag in de strijd tegen verkrachting

Donderdag was een dag met alleen verliezers, en een bijzonder zwarte dag in de strijd tegen verkrachting

Gisteren was een dag met alleen maar verliezers. Niemand kan en mag blij zijn met de ontknoping. Maar het was vooral een hele zwarte dag in de strijd tegen verkrachting. Hier is waarom.

Het stormde gisteren op Twitter & co, maar het gonsde niet echt van berichten van vrouwen die zelf het slachtoffer zijn van een verkrachting. Het zijn er nochtans niet weinig. Eén op acht. En da’s het meest conservatieve cijfer.

Bottom line is dit: het speelt zelfs geen rol of de betreurde Steve Stevaert zich al dan niet schuldig heeft gemaakt aan verkrachting, sinds gisteren is de drempel die vrouwen over moeten om naar de politie te stappen of om hulp te zoeken nadat ze verkracht zijn niet lager, maar hoger geworden. En net dat is het drama. Tijd om enkele mythes over verkrachting op te helderen. Niet uit disrespect voor wie dan ook, wel uit respect en in naam van de meer dan acht vrouwen die vandaag in ons land verkracht zullen worden.

Tijd om enkele mythes over verkrachting op te helderen. Niet uit disrespect voor wie dan ook, wel uit respect en in naam van de meer dan acht vrouwen die vandaag in ons land verkracht zullen worden.

40 procent van die vrouwen zullen hun pijn in alle stilte verbijten. Ze zullen er zelfs niet over praten met kennissen of vrienden. Slechts 13 procent van de vrouwen die verkracht worden door iemand die niet hun partner is, zal ooit de moed kunnen opbrengen om wat haar overkomen is te delen met haar levensgezel. Er zijn daar een aantal gegronde redenen voor. Iets wat jammer genoeg gisteren uit de reacties alweer bleek (“Wie weet wat had ze aan die avond?”, was één van de meest frappante), we leven nog steeds in een cultuur waarin verkrachting wordt geminimaliseerd. Verkrachting is in de perceptie van de meeste mannen – en uit onderzoek blijkt ook één op vier vrouwen – iets dat “weliswaar onaangenaam is, maar niet levensveranderend”.

Er is een bijzonder triest onderzoek naar de performantie van politiediensten waaruit blijkt dat “we” overweldigend vinden dat het gerechtssysteem tekort schiet op het vlak van het vervolgen van drugsdealers, inbrekers en fraudeurs, maar minder dan 10 procent van de mensen vindt dat dat ook het geval is voor het onderzoeken van partnergeweld en verkrachtingen.

Verkrachting is in de perceptie van de meeste mannen – en uit onderzoek blijkt ook één op vier vrouwen – iets dat “weliswaar onaangenaam is, maar niet levensveranderend”.

Niet geloofd

Ten tweede: de angst om niet geloofd te worden, zit diep ingebakken. En die angst is niet subjectief. Een VN-rapport toonde vorig jaar nog aan dat de aangiftes van verkrachting in ons land zelden in een veroordeling resulteren. Ligt het Europees gemiddelde op 14 procent, dan hinkt België met 4 procent ver achterop.

Eén van de grootste mythes rond verkrachtingszaken is dat het in veel gevallen gaat om beschuldigingen die vals zijn. In realiteit ligt dat cijfer bijzonder laag, en het is ook al vier decennia – sinds dat bijgehouden wordt – ongewijzigd. Het gaat om acht procent. Als je er de slachtoffers boven de 18 jaar uitfiltert, gaat het zelfs maar om twee procent.

Valse beschuldigingen?

Er zijn studies die gepeild hebben naar wat mensen geloven dat het percentage valse beschuldigingen van verkrachtingen is. Dat draait rond de 50 procent. Laat ons dat even opnieuw naast elkaar zetten, opdat het goed doordringt: we geloven dat in de helft van de gevallen een vrouw die klacht neerlegt voor verkrachting de dader vals beschuldigt. In realiteit is dat tussen 2 en 8 procent.

We geloven dat in de helft van de gevallen een vrouw die klacht neerlegt voor verkrachting de dader vals beschuldigt. In realiteit is dat tussen 2 en 8 procent.

Hier is nog een opvallend cijfer, alweer eentje dat consistent is na vier decennia van onderzoek en analyse in de westerse samenleving: 4,5 tot 6 procent van de mannen zijn verkrachters. Wie denkt dat alle mannen potentiële verkrachters zijn, een beetje zoals alle honden braaf zijn tot ze bijten, heeft het mis. Mannen in onze moderne maatschappij die overgaan tot verkrachting – het is een belangrijke nuance, in andere delen van de wereld gelden andere normen jammer genoeg voor verkrachting, bijvoorbeeld in conflictgebieden in Afrika – zijn wel degelijk ziek in hun hoofd. De overweldigende meerderheid van de mannen slaagt er zonder al te veel problemen in om ondanks het feit dat ze blijkbaar om de zoveel seconden aan seks denken, hun seksuele impulsen onder controle te houden.

We weten ook door, alweer decennia aan degelijk onderzoek, dat mannen die verkrachten dat in de meeste gevallen niet doen omdat ze uit zijn op seksuele gratificatie. Ze doen wat ze doen om zich een machtsgevoel aan te meten, uit woede of door een drang om zichzelf te zien als iemand die anderen kan domineren, te bevestigen. Frustratie maar over het algemeen geen seksuele frustratie.

Niet vast te pinnen

Eén van de zaken die het moeilijk maken om de scope van het probleem verkrachting in onze maatschappij te aanvaarden, is dat die 4,5 à zes procent mannen die verkrachten niet vast te pinnen zijn op politieke overtuigingen, religieuze of sociale status tout court. Bij die zes procent zitten dokwerkers. Politici. Pastoors en bisschoppen. Journalisten. Artsen. Mannen die links zijn, en mannen die rechts zijn. Mannen die groen zijn. Blauw, geel of rood. 60 procent van de verkrachters blijkt “gelukkig getrouwd” te zijn.

Waar we wel eerlijk in moeten zijn, en iets dat ook wetenschappelijk bewezen is overigens, is dat onze neiging om het slachtoffer van een verkrachting niet te geloven, toeneemt met de morele en reële machtspositie die de vermeende pleger bekleedt in onze maatschappij.

Het is waarom Bill Cosby, die lieve Dr. Huxtable in wat destijds de populairste tv-show in de wereld was, decennia lang kon wegkomen met het verkrachten van tientallen vrouwen. Jimmy Savile, de populairste tv-figuur in de UK in de jaren zeventig, door de queen tot ridder geslagen en door paus Johannes Paulus II onderscheiden in de Orde van Sint-Gregorius de Grote wordt ondertussen beschuldigd in 214 misbruikzaken en 34 verkrachtingen. Tussen 1958 en 2007 werd hij een paar keer door de politie ondervraagd, en in de jaren 80 onderzocht Scotland Yard beschuldigingen tegen hem, maar tot een strafzaak kwam het nooit. Want, Jimmy, die zou zoiets nooit doen.

Maar Jimmy deed het wel, weten we nu. En Bill ook.

Bij die zes procent zitten dokwerkers. Politici. Pastoors en bischoppen. Journalisten. Artsen. Mannen die links zijn, en mannen die rechts zijn. Mannen die groen zijn. Blauw, geel of rood. 60 procent van de verkrachters blijkt “gelukkig getrouwd” te zijn. 

Voorbereid

Een andere mythe is dat verkrachting vaak een accident is, iets wat gebeurt in the heat of the moment, al dan niet ingegeven door drank en misverstanden. Minstens 71 procent van alle verkrachtingen zijn goed en lang voorbereid door de dader. In 20 procent van de gevallen blijkt dat de dader al meteen bij het ontmoeten van zijn slachtoffer zichzelf de intentie aanmeet om haar te misbruiken.

En er is geen zachte manier om dit te zeggen: verkrachters zijn van nature serieel. Uit alle onderzoek blijkt dat er op een paar procenten na niet zoiets bestaat als een eenmalige verkrachter. De regel is, en zowel psychiaters als politiemensen die bezig zijn met verkrachtingszaken weten dit verdomd goed, dat verkrachters verkrachten tot ze gepakt worden.

97 procent nooit gepakt

97 procent van hen wordt overigens nooit gepakt of vervolgd. Wat verklaart waarom er zo’n verschil is tussen het feit dat slechts zes procent van de mannen verkrachters zijn, maar één op acht van de vrouwen in ons land tijdens hun leven verkracht wordt. Als je schrikt van dat laatste cijfer: het is het laagste dat we konden vinden. Volgens Amnesty International worden zes op de tien Belgische vrouwen ooit blootgesteld aan een vorm van ernstig seksueel geweld en wordt één op de drie vrouwen ooit gedwongen tot seksuele betrekkingen in ons land.

Een andere mythe is dat verkrachting vaak een accident is, iets wat gebeurt in the heat of the moment, al dan niet ingegeven door drank en misverstanden.

Doordat onze cultuur weigert om enkele ongemakkelijke waarheden in de ogen te kijken, gebeurt het maar al te vaak dat daders van seksueel geweld lang – vaak levenslang – kunnen blijven doorgaan met hun praktijken. Iedereen is onschuldig. Tot het tegendeel bewezen wordt. Einde verhaal. Het is de basis van onze rechtstaat. Het was een terechte opmerking van heel velen gisteren. Maar het is ook een systeem dat ertoe leidt dat 97 procent van de verkrachters vrijuit gaat.

Het leed dat verkrachters aanrichten bij hun slachtoffers, maar ook aan de maatschappij, valt niet te minimaliseren. Er is een reden waarom mensenrechtenorganisaties verkrachting als de op één na zwaarste misdaad zien die kan gepleegd worden. Slachtoffers van verkrachting zien op korte termijn hun leven instorten. En ze kampen de rest van hun leven met de psychologische gevolgen.

Eén slachtoffer dat ik voor dit artikel sprak, verwoordde het zo: “De living dead, ze bestaan. Het zijn er miljoenen. Maar het zijn niet de zombies die je ziet op tv. Het zijn de slachtoffers van verkrachting.”

Als je geconfronteerd werd met seksueel geweld van welke aard ook, dan zit je met heel wat vragen. Deze website helpt slachtoffers, familie en vrienden bij hun zoektocht naar antwoorden. Ook wil deze website slachtoffers helpen om aangifte te doen bij de politie.

Gesponsorde artikelen