Entrepreneur Xavier Damman mag op diner bij koning Filip, wil het gesprek in het Engels, en dat is… niet evident

Entrepreneur Xavier Damman mag op diner bij koning Filip, wil het gesprek in het Engels, en dat is… niet evident

De koning nodigt regelmatig mensen uit “om z’n voeling te houden met de maatschappij”. Zo dus ook toen hij negen jonge mensen uitnodigde om over de toekomst te praten: duurzaamheid en de impact van technologie… Eén van de gasten was Xavier Damman, een Silicon Valley-Belg die altijd out of the box denkt. Dus waarom dat diner niet in het Engels laten doorgaan, vroeg die? Mmmh… moeilijk, want “ieder spreekt z’n eigen taal” is nog steeds de regel blijkbaar.

Op bezoek mogen bij de koning: het is niet iedereen gegeven. Maar Xavier Damman is een straffe gast: entrepreneur in Silicon Valley, maar ook in België, waar hij met z’n Manifesto probeert een beter klimaat voor ondernemerschap en change te creëren.

Niet onlogisch dus dat koning Filip en koningin Mathilde hem uitnodigden op een diner, om het samen met negen andere jonge mensen te hebben over de toekomst. Dat hij enkel veganistisch eet, dat konden ze in de keuken van het paleis nog wel aan.

Op z’n Facebook-pagina vertelt hij over een andere vraag die hij stelde aan het paleis: in welke taal zal er gesproken worden? Altijd heel gevoelig, zoiets. Want de regel is dat de koning en koningin ‘taalneutraal’ zijn, en dus spreken ze constant in beide talen. En tegelijk moet elke gast z’n eigen taal hanteren, een kwestie van protocol.

Kunnen we dat communautaire niet achterlaten in de 20ste eeuw?

Maar Damman kwam met een andere benadering: “Die regel werkte toen België nog enkel draaide rond Vlamingen en Walen. Maar vandaag is België veel meer dan dat, en dat moeten we net omarmen. Diversiteit is een kracht als we samenwerken. En daarop drong ik erop aan om heel het diner in het Engels te doen. Want een aantal gasten, waaronder ikzelf, verstaan ook geen Nederlands. Het gaat niet om het respecteren van de regionale talen, maar om ideeën uitwisselen om de wereldproblemen samen aan te pakken. En die uitdagingen zijn veel belangrijker dan elkaar te dwingen om regionale talen te leren. Kunnen we dat communautaire niet in de 20ste eeuw achterlaten?”

De koning hield het uiteindelijk op een Belgisch compromis: “Ieder mocht z’n eigen taal mocht spreken, inclusief Engels als hij of zij dat wilde”. “Ik was zo wel de enige die Engels sprak. Maar in elk geval kon iedereen me verstaan”, schrijft Damman.

“Voor mij is België geen land, zo vertelde ik de koning. Het is een concept. Maar een heel mooi concept, waar we allemaal trots op moeten zijn. Een concept om verschillende culturen bijeen te brengen in een klein stuk land met een gemeenschappelijk project. Een concept dat we geexporteerd hebben als stichtend lid van de EU. En uiteindelijk een concept dat steeds waardevoller wordt, nu de wereld kleiner wordt.”

Gesponsorde artikelen