Genderstereotypen beïnvloeden studiekeuze van jongeren

Genderstereotypen beïnvloeden studiekeuze van jongeren

Jongens kiezen nog altijd massaal voor technische studies, exacte wetenschappen en ICT, meisjes voor opleidingen in verzorging en onderwijs. Het gevolg is dat mannen en vrouwen onevenwichtig verdeeld blijven over de beroepssectoren. “We zijn al op een punt gekomen dat iedereen fan is van gelijke kansen, maar genderstereotypen leven impliciet nog voort”, aldus Helena Bonte, medewerker van RoSa vzw.

Expertisecentrum RoSa heeft zich als doel gesteld om het genderbewustzijn in Vlaanderen te bevorderen en de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen weg te werken. Ieder jaar onderzoekt RoSa de cijfers van Onderwijs Vlaanderen. Die houdt onder andere bij hoeveel jongens en hoeveel meisjes welke studierichting volgen.

Uit de analyse van de cijfers van dit jaar bleek dat er nauwelijks een evolutie waar te nemen is in vergelijking met de cijfers van voorgaande jaren. Vandaag de dag kiezen jongens nog altijd voor ‘typische jongensstudies’ en meisjes voor ‘typische meisjesstudies’.

Onbewust proces

Genderstereotypen worden in onze samenleving op verschillende manieren verspreid. “Jongens en meisjes leren niet op één moment of op één manier wat als typisch voor mannen en typisch voor vrouwen beschouwd wordt”, vertelt Bonte. “Het aanleren van genderstereotypen is een onbewust proces. Van jongs af aan krijgen kinderen beelden te zien van ‘mannelijke’ en ‘vrouwelijke’ beroepen. Dat gebeurt niet alleen via de media, maar ook via schoolboeken.”Daarnaast krijgen kinderen ook genderstereotypen van hun directe omgeving mee. In de klas bevindt zich bijvoorbeeld een blokkenhoek voor de jongens en een poppenhoek voor de meisjes. “Bovendien raden ouders hun kinderen af om bepaalde dingen te doen. Enerzijds heel direct, door te zeggen dat dat niet voor jongens of voor meisjes is, en anderzijds door hen aan te raden om voor een andere activiteit te kiezen”, aldus Bonte. Ook onze taal draagt bij aan het beeld dat we van bepaalde beroepen hebben. We spreken vrijwel altijd over een brandweerman of een verpleegster. En zo ontstaat bij kinderen onbewust het idee dat je enkel bij de brandweer kan werken als je een jongen bent en dat verpleegster zijn iets voor meisjes is.

Onevenwichtige verdeling

Het denken in genderstereotypen heeft nadelen voor zowel de kinderen als de maatschappij. “Kinderen worden beperkt in de ontwikkeling van hun talenten”, meent Bonte. Ze benadrukt dat het niet de bedoeling is dat alle meisjes nu voor voetbal en alle jongens voor ballet moeten opteren. “Kinderen zouden moeten kunnen kiezen uit een veel bredere waaier aan mogelijkheden wat betreft sporten, hobby’s, studies en werk.”

“Het gaat erom dat kinderen hun talenten optimaal benutten”, gaat Bonte verder. “Kinderen hebben diverse interesses, maar laten zich bij belangrijke keuzemomenten toch door genderstereotypen leiden, mede door de meningen van hun ouders en vrienden.” En zo kan het zijn dat een kind kiest voor een opleiding die minder goed bij hem of haar ligt, enkel omdat hij of zij door familie en vrienden aanvaard wil worden.

De gevolgen van genderstereotypering bij studiekeuzes zijn dat mannen en vrouwen onevenwichtig verdeeld blijven over verschillende arbeidssectoren. Bovendien raken bepaalde beroepen niet ingevuld, omdat jongeren vaak ontmoedigd worden om eens naar een beroep te kijken dat buiten het pad ligt dat zij naar verwachting zouden moeten volgen. Zo is er genoeg werkgelegenheid in de ICT-sector, een sector die gedomineerd wordt door mannen en weinig aantrekkelijk gemaakt wordt voor vrouwen.

Gender in de klas

Om kinderen én docenten bewust te maken van genderstereotypen, ontwikkelde RoSa het platform Gender in de klas. Door middel van een website, vorming en workshops geeft de organisatie tips aan docenten die genderbewust willen lesgeven. Ook gaan medewerkers van RoSa regelmatig naar scholen toe om samen met kinderen rondom het thema gender te werken. De reacties van de docenten en leerlingen op het platform zijn meestal positief. “Docenten schrikken vaak even als ze erachter komen dat zij ook genderstereotiepe uitspraken doen”, vertelt Bonte. “Aan de andere kant worden leerlingen zich bewust van het feit dat gender een rol in hun leven speelt en weten zij uit eigen ervaring te vertellen dat zij wel eens met stereotypering te maken hebben gehad.”

Alles is mogelijk

Dit jaar introduceerde de organisatie een nieuw katern binnen Gender in de klas. Dat besteedt aandacht aan de invloed van genderstereotypen op de studiekeuze van jongeren. Binnen dit onderdeel worden docenten aangeraden om bijvoorbeeld zowel een mannelijke als een vrouwelijke vrachtwagenchauffeur uit te nodigen om over hun beroep te praten, of met de klas een bedrijf te bezoeken waar zowel mannen als vrouwen werken. Op deze manier krijgen leerlingen het idee dat zij toegang tot alle beroepen hebben en niet beperkt worden door hun geslacht. Bovendien vindt RoSa het belangrijk dat alle actoren die kinderen in hun studiekeuze beïnvloeden, bereikt worden. “Zowel ouders en docenten als bedrijven en onderwijsinstellingen zouden jongeren moeten laten zien dat alle studies en beroepen voor mannen én vrouwen geschikt zijn”, pleit Bonte. “Een meisje krijgt niet het idee dat een job in de ICT-sector iets voor haar is, als er enkel mannen in de brochure van de ICT-opleiding afgebeeld staan.” Bonte benadrukt nog eens dat het niet de bedoeling is dat meisjes ‘mannenberoepen’ moeten gaan uitvoeren en jongens ‘vrouwenberoepen’. “Belangrijk is dat jongens en meisjes alle mogelijkheden aangeboden krijgen en kiezen voor een richting waar zij talent voor hebben.” En daar zouden alle betrokken actoren aan kunnen bedragen.

© 2015 – C.H.I.P.S. StampMedia – Lisa van der Waal

Gesponsorde artikelen