Maurits Vande Reyde (Open Vld): “Jonge politici treden te weinig uit de schaduw van hun partij”

Maurits Vande Reyde (Open Vld): “Jonge politici treden te weinig uit de schaduw van hun partij”

Guy Verhofstadt en Karel De Gucht deden het hem al voor, maar nu is het aan Maurits Vande Reyde, één van onze Leiders voor Morgen. De 30-jarige man uit Diest is sinds kort de voorzitter van Jong Vld, maar heeft er al een mooi parcours opzitten. Tot daarvoor was hij dé begrotingsadviseur op het kabinet van Annemie Turtelboom. Vande Reyde is ambitieus en vooral … hij wil verandering: “Ik wil al die achterhaalde privileges en regels doorbreken”.

Doet de jongste generatie politici op een andere manier aan politiek? Of op welke manier denken zij anders over politiek?

“Er zit veel jeugdig talent in de jongerenpartijen en in de parlementen. Met veel kennis en de wil om dingen anders te doen. Over zaken zoals meer inspraak voor mensen en de omgang met belangenorganisaties, daar zie je bij jongeren toch een compleet andere visie dan bij geroutineerde beroepspolitici.”

“Alleen spelen jongeren nog te veel op safe. Ze treden te weinig uit de partijschaduw en kleuren amper buiten de veilige lijntjes van de politique politicienne. Ik vind het bijvoorbeeld vreemd dat er bijna nooit dissonante stemmingen in het parlement voorkomen, terwijl daar toch veel passeert waarmee jongeren onmogelijk akkoord kunnen gaan. Even geleden zag ik voor het eerst één van de jongste parlementsleden op Villa Politica. Meteen had hij het over “een draagvlak scheppen met breed overleg tussen alle stakeholders”. Dan denk ik: dat kan anders.”

“Bij jongerenvoorzitters is het nog erger, daar hoor je al helemaal geen fundamentele kritiek op de eigen partij. Niet dat je zinloos tegen schenen moet stampen, maar als je als jongerenvoorzitter nooit kritisch bent: waarom stap je dan gewoon niet meteen in de echte politiek?”

“Jongeren kunnen volgens mij veel doorbreken. We moeten beseffen dat de almacht van partijen een constructie is met beperkte houdbaarheidsdatum. Ik zie ons ooit evolueren naar een Amerikaans systeem, waarbij je losjes gelieerd bent met gelijkgezinden en vooral je eigen stem en mening hebt. Als er iemand daarmee kan beginnen, zijn wij het wel.”

Zou u ook voor een andere partij kunnen militeren? Welke?

“Als jongerenvoorzitter heb ik de grote luxe om buiten de partijpolitieke context mijn ding te doen. Daarvoor heb ik mijn job als begrotingsadviseur op een kabinet vaarwel gezegd. Ik ben blij met die keuze, want werken voor een partij maakt je altijd wel een beetje militant. Als je een echte mening wil brengen, ben je best zo onafhankelijk mogelijk.”

“Wat andere betreft partijen: bij Groen zit een groot deel van de voorstellen intellectueel goed in mekaar. Jammer dat ze dat allemaal onbenut laten door mee te gaan in een populistische links-rechts strijd. Verder heeft N-VA wel eens een punt, al zijn het er steeds minder. D66 heeft een sympathiek profiel. CD&V en s.pa daarentegen zijn geen echte politieke verenigingen met een duidelijke visie. Daarvoor blijven ze te verzuild.”

Wat drijft u in de politiek?

“Geert Noels schreef een tijdje geleden dat we over veel dingen geweldig kwaad mogen zijn in dit land, maar dat alleen nog zijn over de verkeerde dingen. Ik deel die mening: het maatschappelijk debat is afgevlakt tot een paar makkelijk te vatten conflicten. De vaagheid is enorm. Daardoor kunnen duizenden privileges, waarvan geen zinnig mens ze ooit zou bedenken, rustig voorbestaan. Die mee doorbreken, daarvoor doe ik het.”

“Om een concreet voorbeeld te geven: de financiering in het onderwijs is een geweldig kluwen. Geld bedoeld voor onderwijs zit daar al jaren vast op rekeningen van bisdommen. Dat wordt dan in allerlei schimmige vennootschappen gestoken terwijl scholen geen geld hebben om schimmel te verwijderen. Dat zijn het soort hemeltergende toestanden die maar niet veranderen. Als er ooit een nationale betoging komt waar waarin dat soort zaken aan bod komen, dan sta ik op de eerste rij.”

“Dat is hetgeen wat me drijft in de politiek: al die achterhaalde privileges en regels doorbreken. Eerst achter de schermen, als medewerker in drie parlementen en een kabinet, om beter te begrijpen hoe dingen in mekaar zitten. Nu als jongerenvoorzitter om er ook iets aan te doen.”

Wie zijn die generatiegenoten waarmee u dezelfde drijfveren deelt?

“Het gaat misschien vreemd klinken: Olivier Deschacht. Omwille van het underdog gevoel tegenover een dozijn linksachters die allemaal zogezegd beter waren. En ergens vorig jaar verdedigde hij in Extra Time de keuze om niet zijn man, wel de bal te volgen bij een bepaalde spelfase. Tegen de mening van drie studiogasten in. Dat gevoel van “ik weet dat het niet mainstream is, maar ben er vrij zeker van dat ik gelijk heb” herken en apprecieer ik wel.”

“Lizz Muray. Schreef een indrukwekkende bestseller over haar levensverhaal: van dakloos kind tot Harvard afgestudeerde. Ik geloof enorm in de mogelijkheden van sociale mobiliteit, hoe je zelf die keuzes in handen hebt. Opportunisme is voor mij niets negatiefs. Dat ik uit een groot gezin kom, met zeven zussen en drie broers, heeft daar waarschijnlijk iets mee te maken. Allemaal zelfde opvoeding, allemaal ander pad. Mijn partijvoorzitter herhaalt het wel eens graag, en daarom heeft het iets van een partijslogan, maar toch: Niet je afkomst, wel je toekomst telt. Ongeveer de enige politieke oneliner die ik, net als Lizz Muray, volledig onderschrijf.”

“En verder ook nog: Michael Van Peel, vanwege de analytische geest. Tom Naegels, wel een jaar of tien ouder, maar vaak even gefrustreerd over het maatschappelijk debat, en toch niet in staat is om er afstand van te nemen. En John Mayer. Omdat hij zijn mening niet opdringt maar subtiel verwerkt in zijn nummers.”

Gesponsorde artikelen