“Operatoren moeten niet wachten op de vraag naar glasvezelverbindingen, maar deze zelf creëren”

“Operatoren moeten niet wachten op de vraag naar glasvezelverbindingen, maar deze zelf creëren”

Hoe kan je van supersnelle internetverbindingen een commercieel succes maken? Die vraag stelden onderzoekers van iMinds en de Universiteit Gent zich. Want blijktbaar was de telecomindustrie op zoek naar een ‘killer app’ die zulke verbindingen noodzakelijk zou maken, maar moeten ze daar wel op wachten.

Er bestaan al technieken om internetverbindingen een pak sneller te maken dan wat Proximus en Telenet ons aanbieden, via glasvezel bijvoorbeeld. Maar zulke ‘Fiber to the Home’-technieken (FTTH) zijn erg duur om aan te leggen, en zolang de vraag er is niet is, zullen operatoren ook niet snel geneigd zijn die gigantische investeringen te maken. 

De alledaagse gebruiker ziet de noodzaak daarvan echter nog niet in. Uit onderzoek in Kortrijk, waar een FTTH-proeftuinproject werd gehouden en de gebruikers bestudeerd werden, is dat nog maar eens gebleken. De iMinds-studie van 2015 kon dan ook bevestigen dat mensen die de snelheid van glasvezelverbindingen nog nooit ervaren hebben, er ook de noodzaak niet van inzien. Maar van zodra ze die glasvezelverbinding hebben, gaan ze ermee experimenteren en kunnen ze de stap terug nog maar moeilijk zetten.

Meerdere schermen

Maar waarom zouden we die hoge verbindingssnelheden nu al nodig hebben? Karel Vandenbroucke, onderzoeker bij het iMinds-MICT-UGent-project, denkt dat operatoren zich eerder moeten inzetten op de zogenaamde multiscreengezinnen, in plaats van toch maar die ‘killer app’ te zoeken. In multiscreengezinnen hebben de familieleden de toegang tot vele schermen. In Vlaanderen heeft 77 procent van de gezinnen toegang tot ten minste drie schermen, bij 21 procent zijn er dat zelfs vijf (tv, desktop, laptop, tablet, smartphone).

“De diensten die zij gebruiken, zoals videostreaming en uitgesteld tv-kijken op een groot aantal apparaten, zullen de vraag naar bandbreedte automatisch doen stijgen”, besluit Karel Vandenbroucke. Hij denkt dan onder meer aan zaken zoals Netflix, het Internet der Dingen en het opslaan van grote bestanden in de cloud. “Multiscreengezinnen zijn de exponent van die trend.”

Google Fiber

De onderzoekers denken dan ook dat de operatoren nu al moeten nagaan wie zulke verbindingen zou aanschaffen, en waar ze dus het best uitgerold kunnen worden. De strategie die Google gebruikt voor het Fiber-project wordt naar voor geschoven als een mooi voorbeeld. Want zij gaan eerst na waar er een grote interesse in het project zou zijn, en combineren dat met een sterke lokale betrokkenheid. Lokale scholen, ziekenhuizen en overheidsinstanties krijgen bijvoorbeeld gratis glasvezelaansluitingen als ze erin slagen voldoende residentiële klanten te overtuigen. En dat resulteert in een gezonde commerciële dienst, met 50 tot 60 procent van de gezinnen die na 2 jaar klant worden.

Gesponsorde artikelen