The Conjuring 2: Horror zoals het moet

The Conjuring 2: Horror zoals het moet

In 2004 verraste James Wan vriend en vijand met Saw, een brutale thriller die nog net iets verder ging dan The Silence Of The Lambs en Se7en. Met een beperkt budget maakte hij een film die de aandacht vasthield van begin tot eind. Een uur aan een stuk kijken naar twee acteurs op één locatie. Met Saw vond hij ook een nieuw genre uit, dat van de ‘Torture Porn’. Ondertussen zijn er talloze films die bij Saw hun mosterd haalden. Velen dachten dat dit een ‘lucky shot’ was van een beginnend regisseur die voor eeuwig zou geassocieerd worden met deze film. Niets was minder waar. De man bleef aan de weg timmeren en bewees al meerdere keren dat hij het horrorgenre in de vingers heeft als geen ander. De ‘gore’ uit Saw laat hij grotendeels achterwege, maar met The Conjuring en Insidious leverde hij wel twee knappe huiverthrillers af. Het was dus uitkijken naar het vervolg op eerstgenoemde.

Net zoals in deel I krijgen we hier een ‘case’ voorgeschoteld van de Warrens, een koppel paranormaal onderzoekers die heel wat prominente zaken onderzochten waarin spoken of geesten de hoofdrol speelden. Hun bekendste ‘case’ is wellicht die van Amityville (ondertussen ook al verschillende malen verfilmd). The Conjuring 2 begint met een séance waarin Lorraine zich verplaatst in de moordenaar van Amityville. Ze ziet de moorden voor haar ogen gebeuren en komt op het einde oog in oog te staan met een geest die haar waarschuwt dat ze moeten stoppen met hun onderzoek naar het paranormale… Lorraine waarschuwt Ed en ze besluiten om het wat kalmer aan te doen. Dan verplaatst de handeling zich naar Enfield Road in London, waar Peggy Hodgson in haar eentje moet zorgen voor haar vier kinderen. Janet, de tweede oudste, worstelt wat met zichzelf en hoort vanalles op haar kamer. Als voorwerpen zich ook beginnen te verplaatsen en zelfs de andere leden van het gezin getuige zijn van onverklaarbare zaken, worden de Warrens erbij gehaald. Zij stemmen toe om alleen eens te komen polsen…

Wan weet als geen ander hoe hij de juiste sfeer moet creëren om dit soort films geloofwaardig te maken. De eerste kennismaking met het huis van de Hodgkins is vintage Wan. Meegevoerd door de zwierige camerabewegingen, lopen wij als het ware door het huis, van kamer naar kamer, terwijl alle leden van het gezin zich klaar maken om naar bed te gaan. De toon voor de rest van de film is gezet. De camera beweegt sierlijk en er wordt zorgvuldig opgebouwd naar de verschillende schrikmomenten. Dit wordt bereikt door vanalles te laten zien, maar ook soms net door dingen niet te laten zien. Als Janet geïnterviewd wordt door Ed en Lorraine, blijft de camera constant op Ed gericht, terwijl we Janet heel wazig op de achtergrond zien. Haar stem verandert in die van haar kwelgeest en onze verbeelding doet de rest, of toch niet…? Farmiga en Wilson voelen zich als vissen in het water en spelen hun rollen voortreffelijk. Echter ook Madison Wolfe is geloofwaardig als Janet. Bovendien wint de film aan authenticiteit door de rollen van Frances O’Connor als de moeder (jawel, dat is dezelfde actrice die de gekwelde moeder speelde in The Missing) en Delaney en Doyle Kennedy als de buren van Peggy. Ook de production design is van een heel hoog niveau. Je waant je echt in de jaren ’70.

Ik las her en der al in recensies dat de film te lang zou duren en dat het allemaal een beetje meer van hetzelfde is. Ik ben het daar niet mee eens. De film ziet er fantastisch uit, er wordt goed geacteerd en er wordt heel zorgvuldig opgebouwd. Wan heeft heel goed gekeken naar de voorbeelden uit de jaren ’70 (The Shining, The Excorcist, The Omen, enz.) en doet er zijn eigen ding mee op zijn eigen, weergaloze manier. Hoewel de ‘gore’ zeer beperkt blijft, is deze film zeker niet voor gevoelige kijkers. Maar wie houdt van het genre, zal hieraan zeker een vette kluif hebben. Stiekem ben ik toch benieuwd wat Wan zal doen met de op til zijnde Aquaman.

Regie: James Wan

Met: Patrick Wilson, Vera Farmiga, Madison Wolfe, Frances O’Connor, Lauren Esposito, Benjamin Haigh, Patrick McAuley, Simon McBurney, Maria Doyle Kennedy, Simon Delaney, Franka Potente, Bob Adrian & Bonnie Aarons

Kurt Blogt

Gesponsorde artikelen