Vader Bush wordt 90: straffe linksback, achterbaks baasje en middelmatig president

Vader Bush wordt 90: straffe linksback, achterbaks baasje en middelmatig president

George Herbert Walker Bush wordt op 12 juni negentig. Nog veel te vroeg voor een ‘obituary’, maar toch een goed moment voor een voorlopige balans. Dat vindt monkey contributor Flip de Mey.

George Bush, geboren op 12 juni 1924, was de erg ambitieuze zoon van Senator Prescott Bush. Zijn vader was een rijke Oostkust-aristocraat, maar George ging zelf in de oliebusiness om een eigen fortuin te vergaren. In Harvard was Bush een prima student, een straffe linksback op het voetbalveld, en lid van het ultrageheime Skull and Bones-genootschap. In de tweede wereldoorlog diende hij eervol, al is er twijfel over de bewering dat hij als commander de eerste was om zijn neergeschoten bommenwerper te verlaten. Zijn manschappen brandden in elk geval achter zijn rug levend op terwijl hij er met schrammen van af kwam.

CIA-klikspaan

Bush was al op jonge leeftijd een achterbaks baasje. Zo diende hij zich na de moord op Kennedy onmiddellijk aan als klikspaan. Hij was erg gehaast om FBI-Director Edgar Hoover te wijzen op de mogelijkheid van een Cubaanse samenzwering. Veel rijke Texaanse oliebaronnen zagen Kennedy liever dood dan levend, en rechts Amerika hoopte op een invasie van het Communistisch Cuba. En daar dook, onmiddellijk na de moord op Kennedy, plots oliebaron Bush op die dacht dat hij een duwtje richting onverhoedse oorlog met Cuba moest geven. Vreemd is dat hij nadien met klem ontkende wat het onderstaand document zwart op wit bewijst. Vreemd is ook dat Bush een van de enige Amerikanen was die zich niet herinnerde waar hij was op 22 november 1963. Hij was nota bene in Dallas,  op de plaats van de moord dus.Twee zaken vallen op. De nota aan Hoover spreekt duidelijk over “George Bush of the Central Intelligence Agengy”. Ook hierover loog Bush later, toen hij later altijd ontkende ooit een CIA-informant te zijn geweest. Het Memorandum (2e document) van de dag zelf van de moord, vermeldt een telefoon van Bush: hij hoorde weken voor de moord iemand praten over een moordplan op de President. Waarom meldt hij dat dan nà de moord, en niet er voor? Een jaar later gaat Bush in de politiek, en bestrijdt vurig alles waar Kennedy voor stond. Niet in het minst de gelijke-burgerrechten-initiatieven, de politieke wil om de kleurlingen gelijke rechten te geven.

Politicus en bureaucraat

In 1966 heeft Bush zijn congreszetel te pakken. Hij ontpopt zich tot een slaafse dienaar van Nixon. Maar dat breekt hem uiteindelijk zuur op, want Bush laat zich door Tricky Dick overhalen om zijn kamerzetel op te geven, om zich in een hopeloze strijd te werpen voor een senaatszetel. Maar knecht Bush wordt toch beloond voor zijn moeite. Hij rijgt voortaan de topfuncties aan elkaar, Ambassadeur bij de Uno, en later in Peking, Directeur van de CIA (waarvan hij zogezegd nooit informant was geweest) en uiteindelijk Voorzitter van de Republikeinse partij. Telkens valt Bush vooral op door onopvallendheid. Hij is vooral een carrièrist, intrigant en bureaucraat. Hij doet een kansloze gooi naar het presidentschap in 1980. Reagan overheerst dat jaar het rechtse deelnemersveld. Bush wordt gered door de gong, en wordt (omdat hij onbetekenend genoeg is voor die versmade job) opgevist als Vice-president. Een baan die hij alweer onopvallend en erg dienstbaar volbrengt.

President

In 1988 kan Bush op de golf van Reagan-sympathie zelf President worden. De grijze muis is President. Hij doet het al bij al erg goed. Als de Irakezen Kuweit binnenvallen brengt hij een brede internationale coalitie op de been, bevrijdt Koeweit maar is wijs genoeg om niet door te stoten naar Bagdad. Zijn eigen zoon zou bij de tweede golfoorlog bewijzen hoe ‘wijs’ die terughoudendheid was. Bush was ook een verantwoorde financiële bestuurder. Ook weer in strijd met de principes die zijn zoon huldigde, verhoogde hij – ondanks zijn belofte (“read my lips, NO new taxes”) – de belastingen. Goed bestuur, maar een politieke doodzonde in de States. To make things worse, slabakte de economie. Vooral dat maakte hem ‘dead meat’ in de strijd tegen het politieke genie Bill Clinton. It’s the economy stupid!, werd Clintons mantra. Bush werd niet herkozen, en zijn zoon George Jr. toen nog een ruggengraatloze leegloper, zou Bill Clinton er jarenlang om haten.

Vader van Dubya

Rechts Amerika duwt in 2000, na acht jaar Clinton, zoontje Bush op de voorgrond. Bill Clinton was, ondanks het schandaal rond Monica Lewinsky nog ontzettend populair. Maar de stijfdeftige Democraat Al Gore weigert elke hulp van Clinton. Gore wint nipt, maar de Bush-clan steelt de overwinning in Florida waar ‘toevallig’ broer Jeb Bush gouverneur is. De onmisbare hulp van de opperrechters die nog door Reagan en Vader Bush waren benoemd, is uiteindelijk doorslaggevend. De verkiezing van zijn zoon zou voor het imago van de vader rampzalig worden. Op een welhaast pathologische manier wil zoon Bush in alle opzichten het tegenovergestelde van zijn vader doen. De gevolgen zijn catastrofaal. George jr. begint twee eindeloze oorlogen, draait in acht jaar de hele economie in de soep en verkwanselt alle internationale goodwill. Vader Bush lijdt er zichtbaar onder, maar houdt zich op de achtergrond. Het desastreuze palmares van de zoon, maakt de Bush-naam politiek giftig. Latere Republikeinse kandidaten houden zich zo ver mogelijk van zowel de vader als de zoon. Bush, inmiddels een oude knar, mengt zich nooit in het gekibbel over de politieke erfenis die zijn lichtzinnige zoon achterliet. Senior valt nog enkel op door zijn bizarre verzameling kleurrijke kousen. Bush ontpopt zich tot een voorbeeldig oud-President. Hij is loyaal naar zijn opvolgers, en komt zelfs met Clinton en Obama tot vriendschappelijke relaties. Niet bepaald vanzelfsprekend in de erg gepolariseerde hedendaagse Amerikaanse politiek. Gisteren nog had de stokoude Bush de hoffelijkheid persoonlijk Obama te gaan begroeten, toen die in de buurt van zijn woonplaats landde met zijn Air Force One. 

Voorlopige eindbalans

De eindbalans toont ons een ambitieuze bureaucraat, die er enkel boven het maaiveld uit stak in 1988 door op Reagans schouders te kruipen. Zoals het een bureaucraat betaamt was hij al bij al een voorzichtig en degelijk beheerder van de nationale zaak. Een middelmatig president die snel zou zijn vergeten, als zijn zoon er niet alles aan gedaan had om zijn naam definitief in het collectief geheugen te griffen als synoniem voor wanbeleid. Het lijkt unfair dat de vader op de zwarte lijst van de geschiedenis staat omwille van de fouten van de zoon. Maar het blijft een historisch feit: zonder een eerste Bush in het Witte Huis was de tweede ons bespaard gebleven. Wie ten slotte niet mag ontbreken in het plaatje is Barbara. Deze sterke no-nonsense vrouw had meer dan één vinger in de pap bij de politieke carrières van twee, en misschien ooit drie Bush-presidenten (als de Jeb-supporters onverhoopt hun zin krijgen). We hopen dat vader Bush 100 mag worden zonder nog een van zijn zoons president te zien worden.

Gesponsorde artikelen