Vergeet de sprookjesverhalen tussen PS en N-VA

Bart De Wever N-VA Elio Di Rupo PS
EPA

De informateurs Johan Vande Lanotte (sp.a) en Didier Reynders (MR) blijven aan zet. Ze kiezen nu expliciet voor paars-geel, maar met welke slaagkansen?

In het nieuws: Elio Di Rupo (PS) sneerde naar de Terzake-reporter “dat het zijn zaken niet waren”, of hij al ontmoetingen gehad had met Bart De Wever (N-VA). Vervolgens liet de N-VA de zaak bevestigen in Het Laatste Nieuws vanmorgen: ja, er is nu eindelijk, maanden na de verkiezingen, een eerste ontmoeting onder vier ogen geweest tussen N-VA en PS. Aan tafel: De Wever en Di Rupo, maar ook Paul Magnette (PS), Jan Jambon (N-VA) en Theo Francken (N-VA).

De details: Het gesprek werd ingekleed als een ‘contact tussen de regionale formateurs’, Jambon en Di Rupo dus. Maar alle kopstukken zaten aan tafel, wat het toch ietsje gewichtiger maakt, en er ook op wijst dat in beide partijen niet één oppermachtige baas is die soloslim beslist.

Waarom dit gebeurt: Het nieuws loopt opvallend parallel met twee andere politieke feiten. Eerst en vooral is de PS klaar met de vorming van Waalse regering en de Franse gemeenschapsregering, en kan er dus geschakeld worden federaal. Daarnaast zijn de groenen federaal door de informateurs overboord geduwd, waardoor enkel nog een formule met N-VA én PS overblijft. Over een tiental dagen verwacht iedereen ook een Vlaamse regering, en dan kan definitief een versnelling hoger geschakeld worden federaal.

De grote vraag: Betekent dit nu dat er echt serieus wordt nagedacht over een regering tussen N-VA én PS? Wel, verschillende bronnen bij beide kampen geven genoeg redenen om bijzonder sceptisch te zijn over een dergelijk avontuur. Het lijkt veeleer een onmogelijk sprookje. Sociaal-economisch zijn beide programma’s toch bijzonder moeilijk te verzoenen. Een aantal evidente knelpunten, waar Di Rupo en De Wever met de beste wil van de wereld niet op zomaar uit raken:

  • De Zweedse ‘legacy’: na vijf jaar harde oppositie willen de socialisten een pak maatregelen van de vorige regering terugdraaien. Onder meer de verhoging van de pensioenleeftijd is zo’n strijdpunt, maar daarbij stopt het niet. Voor de N-VA is dat niets minder dan onaanvaardbaar: zij vonden net dat de regering Michel I sociaal-economisch te soft was, niet ver genoeg ging.
  • De begroting: de Waalse regering heeft doodleuk beslist om met tekorten te gaan werken. Maar alles hangt aan alles in dit land: de federale regering moet samen met de gewesten één begroting voor de EU indienen. Als één gewest een gat maakt, moeten de andere de zaak wel dichtrijden. Bovendien: kan de N-VA wéér een regering maken zonder begroting in evenwicht?
  • Taksen: de lijn van de N-VA is altijd duidelijk geweest. “Read my lips, no new taxes“, het had van De Wever zelf kunnen komen. Ook in een nieuwe federale regering zal die lijn niet anders zijn. Maar dat staat haaks op de PS.
  • Het communautaire: de Franstaligen huiveren van ‘confederalisme’, de droom van N-VA. De semantiek kan veel oplossen: het kind een andere naam geven, en plots zou er wel over het communautaire gepraat kunnen worden. Al was het maar omdat een nieuwe financieringswet nodig is. Maar anderzijds: de informateurs willen het communautaire “aan het parlement geven”. Dat is zoveel als zeggen: “Tot nooit meer”. Een bijzonder magere vis dus, om aan N-VA te geven.

In de wandelgangen: In de Wetstraat moet soms eerst een scenario zich voltrekken, om aan te tonen dat iets ‘niet’ kan. Het gevoel overheerst nu dat net daarom de informateurs, Vande Lanotte en Reynders, zo aansturen op paars-geel. Dan kan niemand zeggen “dat de N-VA geen kans had”, of dat “Bart De Wever buitenspel is gezet”. Paars-groen is maar mogelijk, als eerst zeer omstandig wordt aangetoond dat paars-geel niet kan. In die zin is het dus logisch dat er na zo’n eerste schichtige contact tussen PS en N-VA een heuse onderhandeling volgt. Want voor alle duidelijkheid, “Vande Lanotte is inhoudelijk wel degelijk bezig”, zo bevestigen insiders, “hij kan onmogelijk stilzitten”. Maar dat betekent allerminst dat er echt onderhandeld wordt: federaal herhaalt iedereen op dit moment nog gewoon z’n partijstandpunt.

Om rekening mee te houden? De Waalse dynamiek is tegelijkertijd niet onbelangrijk. Di Rupo heeft nu weken doorgebracht met Charles Michel en Jean-Marc Nollet, de sterke mannen van de MR en Ecolo. Je hoeft geen glazen bol te hebben om te zien dat daar banden gesmeed zijn, en dat het uiteraard ook over het federale is gegaan. De kern van paars-groen ligt daar al klaar. Als paars-geel federaal mislukt, hebben PS én MR een evident alternatief achter de hand: de groenen erbij roepen. Net zoals in 2014 de Zweedse coalities Vlaams én federaal gemaakt zijn, kan nu paars-groen Waals én federaal.

En nu? De komende weken brengen één grote verheldering: de casting. Die is vandaag te onzuiver, wat het federale spel ook verhindert vooruit te gaan. Wordt Paul Magnette eindelijk PS-voorzitter en schuift Di Rupo in als Waals minister-president? Alles wijst erop. Maakt de N-VA duidelijk dat het federaal mét Theo Francken (N-VA) zal zijn? Opnieuw zeer waarschijnlijk. Springen of Wouter Beke of Gwendolyn Rutten als voorzitters in de Vlaamse regering? De kans bestaat. Weten met wie je eigenlijk onderhandelt, is tegenwoordig ook al een luxe in de Wetstraat. Eind september is er al veel meer uitgeklaard op vlak van de poppetjes. In tussentijd veel geld inzetten op een paars-gele regering: niet meteen aan te raden.

Gesponsorde artikelen