Left Right
scrollTop top

Waarom niemand de Olympische Spelen nog wil organiseren


Waarom niemand de Olympische Spelen nog wil organiseren

De procedure voor de toewijzing van de Olympische Winterspelen van 2022 draait stilaan op een ramp uit. Stad na stad trekt zijn kandidatuur opnieuw in. Vooral in westerse landen is de oppositie van de bevolking te groot om de investeringen te rechtvaardigen.

Deze week kondigde het Poolse Krakau officieel aan de kandidatuur voor de Olympische Winterspelen van 2022 opnieuw in te trekken. Uit een referendum bleek namelijk dat 70 procent van de inwoners er niet voor te vinden is. In januari trok ook het Zweedse Stockholm zich terug omdat de grootste politieke partij geen geld wil investeren. In november van vorig jaar zag ook München zich genoodzaakt de biedingsprocedure te verlaten na een referendum, net als het Zwitserse bod van Davos/St. Moritz ingetrokken werd.

Tegenkanting bevolking

Van de vier resterende geïnteresseerden, zijn er nog eens twee waarvan de kandidatuur aan een zijden draadje hangt. Zo beginnen ook de inwoners van het Noorse Oslo zich meer en meer te roeren tegen de forse investeringen die nodig zijn. En het Oekraïense Lviv lijkt niet meteen in polepositie te liggen na de zware onrusten van de afgelopen maanden.

Jarenlang werden de gigantische investeringen in infrastructuur gerechtvaardigd door te stellen dat ze een boost zijn voor de economie op lange termijn. Maar nieuwere studies concluderen steeds vaker dat die stelling niet klopt. Zo schrijft Victor Matheson, hoogleraar economie, in zijn paper dat de investeringen vaker leiden tot hoge kosten voor de lokale economie tijdens de bouwwerkzaamheden. “In het beste geval worden de sportgerelateerde investeringen goedgemaakt op lange termijn. De extra jobs die het project oplevert, maken ook enkel de verliezen goed die een gevolg zijn van besparingen elders in de regio.”

Winst of verlies

Om zo’n mega-evenement winstgevend af te sluiten, moet er maximaal gebruik gemaakt worden van bestaande infrastructuur. Tijdens de Spelen van Montreal 1976 moesten bijna alle stadions nieuw worden gebouwd, wat tot een verlies van 1,2 miljard dollar leidde. Acht jaar later vonden de Spelen in Los Angeles plaats, waar voornamelijk gebruikgemaakt werd van bestaande infrastructuur. De stad maakte er dan ook meer dan 200 miljoen winst op. 

Ten tweede moet het merendeel van de investeringen naar niet-sportgerelateerde infrastructuur gaan. Zo kunnen nieuwe metrolijnen of wegen de economie echt een boost op lange termijn geven, in tegenstelling tot een groot bezoekersaantal gedurende twee weken. Al moet ook die infrastructuur goed gepland worden. Zo werd in Sochi bijvoorbeeld vele miljarden gespendeerd aan weinig gebruikte treinverbindingen.

Almaty versus Peking

Zeker in tijden van economische crisis is het niet meer te verantwoorden om miljarden te investeren voor een eenmalig project. We zien dan ook steeds vaker dat grote sportevenementen richting landen met een dictatuur gaan, of landen die enorme voorraden fossiele brandstoffen hebben. De twee overblijvers voor de Spelen van 2022 zijn dan ook Almaty uit Kazachstan en het Chinese Peking, in 2008 nog organisator van de Zomerspelen.


Deze artikelen kunnen u misschien ook interesseren…


Corona Virus Update

  • Wereld
  • Aantal
    besmettingen
    43.478.447
  • Aantal
    doden
    1.159.319
  • België
  • Aantal
    besmettingen
    321.031
  • Aantal
    doden
    10.810