Wat vertellen al die peilingen ons nu precies?

Wat vertellen al die peilingen ons nu precies?

Peilingen zijn geen verkiezingsuitslag, ze zitten er soms behoorlijk naast. Maar je kan er wel degelijk iets uit leren. Ze tonen trends, bewegingen en mogelijkheden voor partijen. Newsmonkey analyseert de cijfers van de laatste grote peilingen en probeert conclusies te trekken.

Voor we naar de cijfers van de partijen gaan, een aantal belangrijke ‘voorafjes’:

  • Dit soort peilingen hebben zo’n 1.000 ‘respondenten’ (mensen die antwoorden) nodig, om betrouwbaar te zijn. Dat wil zeggen: 1.000 mensen die een min of meer correcte afspiegeling zijn van de totale bevolking.
  • De resultaten hebben een foutenmarge van zo’n 2,5 tot 3 procent. Elk cijfer van een partij dat je krijgt, “zweeft” dus een beetje: het kan echt wel een stevig stuk minder zijn of een stevig stuk meer. Je moet  CD&V op 20 procent dus eigenlijk lezen als: tussen de 18,5 en 21,5 procent.
  • Ongeveer een kwart van de kiezer, ietsje meer zelfs, heeft nog niet beslist. Dat wil dus zeggen, los van de foutenmarge, dat er nog serieuze verschuivingen kunnen komen. Opnieuw, een CD&V tussen de 20 procent zit dus eigenlijk niet tussen de 18,5 en 21,5 procent, maar dat gaat nog veel breder. Pakweg 15 procent als absoluut minimum en 25 procent als absoluut maximum.
  • Interessant is dat peilingen niet alleen vragen “op wie gaat u stemmen”, maar ook “op wie overweegt u allemaal te stemmen”. Die tweede vraag meet het potentieel van een partij: de visvijver waarin een partij maximaal vist. Dat potentieel wordt dan, al dan niet, omgezet naarmate de verkiezingen dichter komen en mensen beslissen. 
  • We kijken naar peilingen van TNS (VRT en De Standaard) en van IPSOS (VTM en De Morgen). Beiden peilen al jarenlang in België en hebben dus behoorlijk wat geleerd uit fouten uit het verleden. En ze geven heel gelijklopende tendenzen.
EPA

N-VA: doorstomen boven de 30 procent

N-VA doet het consistent goed in de peilingen. Bart De Wever heeft voor zichzelf de lat op 30 procent gelegd: haalt hij dat, dan is het een grandioze overwinning. 

  • De trends zijn duidelijk: in 3 peilingen zit de partij telkens ruim boven de 30 procent. De kans dat ze die score niet meer haalt wordt met de dag kleiner. 
  • Enkel voor de Europese verkiezingen (die de N-VA niet zo belangrijk vindt) scoort de partij duidelijk minder goed: ‘maar’ 27,3 procent. Geen verrassing, de eerder onbekende Johan Van Overtveldt moet opboksen tegen onder meer Guy Verhoftstadt bij Open Vld.
  • N-VA heeft een groot potentieel: iets meer dan de helft van de kiezers overweegt een stem op N-VA. Nu al is 62 procent daarvan “omgezet”. Die zeggen dus: ik overweeg erop te stemmen én ik ga het ook doen. Geen enkele partij scoort op die “omzetting” zo hoog. Vraag is of ze dat bij dat kwart onbesliste kiezers ook gaan kunnen omzetten tegen zo’n hoog percentage.

CD&V: lastig, maar niet zonder hoop op Kris

CD&V heeft voor zichzelf de lat op 20 procent gelegd: halen ze dat dan kraaien ze victorie. 

  • De peilingen geven aan dat 20 procent heel moeilijk wordt: in de twee VTM-peilingen is die score veraf, in de VRT-peilingen voor de Kamer zakt de partij zelfs tot 16,4 procent. De kans wordt met de dag kleiner dus.
  • Maar er is (een beetje) hoop. Want, als je vraagt naar het Vlaams Parlement, waar Kris Peeters de kopman is, springt de partij wel naar 20 procent. Hij moet dus dat effect op heel zijn partij proberen over te brengen. Peeters blijft ook voor de meeste Vlamingen dé man om de Vlaamse regering te leiden. Alleen, hij staat enkel in de provincie Antwerpen op de lijst. 
  • Nog wat hoop: de partij heeft een stevig potentieel. 44 tot 47 procent van de Vlamingen overweegt wel een stem op CD&V. Alleen wordt dat potentieel dus maar heel matig omgezet.

Open Vld: vasthouden wat er is, en misschien Maggie

Open Vld staat op een historisch lage score. Maar er is misschien wel Maggie De Block…

  • De score in het algemeen is belabberd. Zo’n 13,5 procent, daar rond ligt het als je de peilingen vergelijkt. Bij de VRT peiling is de uitsplitsing tussen Kamer en Vlaams Parlement nog pijnlijker: de partij zakt tot 12,7 procent voor het Vlaams Parlement.
  • Wat is het goede nieuws dan? Wel er zijn twee boegbeelden die de partij omhoog tillen. Niet verrassend: Guy Verhofstadt haalt 16,7 procent in de peiling voor de Europese verkiezingen. En nog belangrijker, voor de Kamer, met Maggie De Block, klokt de partij af op 15,1 procent. Er zijn dus nog mogelijkheden, alleen speelt Gwendolyn Rutten Verhofstadt en De Block voorlopig niet uit. En opnieuw: De Block staat uiteindelijk enkel in Vlaams Brabant op de lijst. Als je ze niet nationaal uitspeelt, krijg je enkel in die provincie een De Block-effect.
  • Opvallend: Open Vld spreekt veel meer vrouwen dan mannen aan in de peilingen. De partij koos voor een zachte, positieve campagne. Die stoot blijkbaar mannen af, die kiezen proportioneel vaker voor N-VA. 

sp.a: windstil in het dal

Bij sp.a mag men hopen op nog een maand knallend en polemisch campagne voeren. Anders is het bonjour tristesse.

  • De resultaten liggen allemaal in dezelfde lijn: lichtjes onder de score van 2010, die op haar beurt onder de score van 2009 lag, en zo verder. Tussen de 12 en de 15 procent, daar lijkt het nu op.
  • Geen grote verschillen tussen Vlaamse, Federale of Europese scores. Geen boegbeeld-effect zoals bij CD&V en Open Vld dus. 
  • Klassiek: de communicerende vaten met Groen. Die doen het goed, dus dan doet sp.a het slecht. 

Groen: de lift naar boven

De trend bij Groen is wel positief.

  • De partij peilt consistent boven de vorige kiesuitslag. Maar is dat nu de bescheiden winst van pakweg 8,5 procent of de magische drempel van 10 procent over? Moeilijk te zeggen: hoe kleiner de partij, hoe minder betrouwbaar het cijfer wordt. 
  • Wel duidelijk: de trend is opwaarts. De partij peilt goed en snoept kiezers af van de socialisten. 
  • Maar groene kiezers zijn twijfelaars, blijkt uit de peilingen: velen overwegen ook een stem op sp.a of CD&V. Vraag is dus hoe “dwingend” die zichzelf in de markt zetten. Maakt Peeters er een heel felle strijd met De Wever van, of springt Bruno Tobback op de barricaden als de ‘held van links’? Dan kan groen het slachtoffer worden. 

Vlaams Belang: de bodem eruit geslagen

Vlaams Belang maakt een heel gevaarlijke trend mee in de peilingen: de roetsjbaan naar beneden.

  • De peilingen schommelen fors: van 10,3 tot 6,8 procent als slechtste score. Het is moeilijk vast te stellen waar het precies kan eindigen. Maar dat het een stevig verlies zal worden, lijkt nu al vast te liggen. “Belachelijk”, noemt voorzitter Gerolf Annemans ze, maar hij gaf behoorlijk wat uit aan interne peilingen, die ook op onweer stonden.
  • Dit fenomeen, van een partij in vrije val in peilingen, krijg je om de zoveel verkiezingen. Een partij begint te schuiven, en verliest quasi alles aan een ander. In 2003 was dat met Groen zo, die alles aan Steve Stevaert verloren. Nu verliest het Belang alles aan Bart De Wever. Eén derde van al de VB-kiezers in 2010, kiest nu voor N-VA
  • Die roetsjbaan gaat, indien de trends zich doorzetten, tot pijnlijke effecten leiden. In de provincie Limburg bijvoorbeeld, komt de kiesdrempel in zicht voor het VB.

LDD: geen enkele zekerheid, ook niet achter de IJzer

LDD is dood op basis van deze peiling. Alleen is het geen West-Vlaamse peiling

  • Wat u en ik al lang wisten, wordt bevestigd: LDD maakt geen schijn van kans meer. 
  • Alleen is Jean-Marie Dedecker zijn strategie heel simpel: één zeteltje halen voor de Kamer in West-Vlaanderen. Een nationale peiling kan daar niets zinnigs over zeggen, tenzij dat de Vlaming in het algemeen niets meer moet hebben van LDD. Geldt dat ook voor de West-Vlaming?

PVDA+: Kiesdrempel zegt u? Da’s toch nog een eind

PVDA+ tenslotte, door sommigen al lang uitgeroepen als een volwaardige nationale partij, moet eigenlijk nog alles bewijzen.

  • Hier eigenlijk hetzelfde fenomeen als bij LDD: onmogelijk dat ze plots overal zetels gaan halen op basis van deze peilingen. 
  • De strategie van de Communisten is dus soortgelijk aan LDD: alles inzetten op één provincie. In hun geval Antwerpen. Daar haalden ze in 2012 voor de gemeenteraadsverkiezingen in de stad Antwerpen een hele mooie score (10 procent). Alleen, de stad is de provincie nog niet. Het wordt duidelijk nog heel stevig knokken voor Peter Mertens en co.

Gesponsorde artikelen