We spraken Milow de dag na de verkiezingen en nee, het is niet toevallig dat het nieuwe ‘Lean Into Me’ zo optimistisch klinkt

Kevin Zacher

Het is de middag na de verkiezingen wanneer we Milow ontmoeten in Leuven. De dagen voordien hebben we veel naar ‘Lean Into Me’ geluisterd, het zesde album van Milow met teksten die bol staan van nostalgie en ook wel veel optimisme. 21 vragen staan er op ons blaadje papier, maar dat zullen we in het gesprek amper gebruiken. Milow is immers een vlotte babbelaar en de vragen en onderwerpen dienen zich als vanzelf aan. Maar aan één ding kunnen we niet voorbij: verkiezingsdag en zijn nasleep.

Milow: Ik kom nog regelmatig in Leuven. Ongeveer één derde van het jaar, opgeteld, ben ik in Los Angeles, een ander derde in Leuven en nog een ander derde ben ik onderweg voor promo en concerten. Nu ben ik bijvoorbeeld net terug uit Duitsland en ben ik teruggekomen om te stemmen. Het deed me heel veel plezier om te zien dat Leuven één van de steden was die tegen de stroom van de verkiezingsuitslag inging. Toen ik dat zag, zag ik mijn onuitgesproken gevoel bij de mensen die hier wonen bevestigd. Hier kijken veel mensen op een positieve manier naar de wereld, heb ik het gevoel. Ik beweeg me tussen gelijkgestemden.

Ik had niet gepland om over politiek te praten, maar ik denk ook dat het even niet anders kan. Ik merk dat mensen nu overal wel schroom hebben om erover te beginnen praten, want een groot deel van de mensen denkt anders dan een ander groot deel van de mensen.

Milow: We zijn in België niet toonaangevend, het is een tendens. Trump komt elke dag tot in onze huiskamers, staat elke dag in onze kranten. Hij komt met heel veel dingen weg. Voor een gedeelte van de bevolking lijdt dat tot verbijstering en voor een ander gedeelte is hij een – zelfs al zullen ze het niet toegeven – inspiratiebron. En dat is een heel jammerlijke evolutie.

Hoe negatiever en brutaler “het nieuws” wordt, hoe meer ik de neiging heb om er op mijn manier tegengewicht tegen te bieden. Ik probeer optimisme te bieden. Ik begrijp het wel: mensen proberen persoonlijk geluk na te streven en proberen een toekomst voor zichzelf te voorzien en daar horen steeds meer angsten bij omdat die enge buitenwereld elke dag heel de dag door binnenkomt.

Ik zou mezelf eerder een realist noemen, maar ik vind optimisme ook een beslissing en een levenskeuze. Vandaag hoopvol zijn is moeilijk, je kan heel makkelijk tegenargumenten geven waarom je ’t niet zou zijn. En toch wil ik beslissen om het wél te zijn. Ik geloof echt dat mensen een verschil kunnen maken. Ik vind het doodzonde dat het momentum van de klimaatmarsen net niet is volgehouden tot nu, want dat toonde echt aan hoe een groepje mensen dingen in beweging kan brengen. Ik hoop dat we dat gevoel, met heel veel gelijkgestemde muzikanten, ook wel een beetje kunnen overbrengen via muziek.

Het verzet: niet bitter, niet cynisch

Jij woont ondertussen al zo lang in de Verenigde Staten dat je een VS onder Obama en de VS onder Trump hebt meegemaakt.

Milow: In Californië is dat effect gelukkig relatief beperkt, maar wat mensen te weinig beseffen is dat zowel Obama als Trump even representatief zijn voor een deel van de bevolking van de Verenigde Staten. Het is een kant van dezelfde medaille.

Ik heb Politieke Wetenschappen gestudeerd dus het interesseert me ook heel erg om tijdens het reizen de tendensen te zien die overal zijn. Uitzoomen helpt om perspectief te krijgen. Na de verkiezingsuitslag hier heeft België wel een deel van zijn morele autoriteit verloren om nog te kunnen oordelen over de VS en Trump. Er is een soort van gelijkaardige voedingsbodem. Zoveel verschil is er niet en het verzet anno 2019 is om te proberen om net niet bitter, cynisch en bruut te worden. Alles is tijdelijk.

Muziek is misschien in het algemeen wel een tegengewicht. Ik was gisteren op een concert en even leek iedereen daar even vergeten te zijn dat er nog zoiets als een buitenwereld was.

Kevin Zacher

Milow: Muziek kan inderdaad wel een soort van constante zijn. Verkiezingen komen en gaan en een beleid is altijd tijdelijk. Een aantal van de songs op ‘Lean Into Me’ heb ik ook wel bewust geschreven omdat ik ze gepast vond in deze tijden. Tussen mijn 15e en 25e heb ik heel veel muziek en concerten opgezocht en ik zocht in die muziek ook antwoorden op mijn levensvragen. Als ik het gevoel had dat de artiest mij begreep was me dat zo veel waard. Misschien kan ik iemand ergens ook wel even dat gevoel geven.

Ik ben de eerste om te zeggen hoe onbelangrijk muziek is. En tegelijkertijd vind ik het de essentie van zoveel dingen. Beide zijn waar.

Bob Dylan zei ooit: “Songs zijn zelden wat ze lijken. Een liedje dat vreedzaam en zorgeloos lijkt, is vaak geschreven in een sombere stemming.” Is dat ook op jou van toepassing?

Milow: Ik kan pas nummers als Lay Your Worry Down of Help schrijven als ik zelf uit die donkere periode ben. In het moment zelf heb ik te weinig overzicht. Ik denk dat het Springsteen was die ooit zei dat je op je 18 genoeg emotionele bagage hebt om er de rest van je leven over te kunnen schrijven. Ik denk dat dat wel klopt. Je moet maar eens denken aan de eerste keer dat je hart gebroken werd: je kan het nog zo makkelijk bovenhalen.

‘Lean Into Me’ is voor mij de perfecte weergave van wie ik ben en hoe ik de laatste twee jaar naar de wereld kijk. Maar dat wil niet zeggen dat de verhalen die erin zitten allemaal over de laatste twee jaar gaan. Michael Jordan bijvoorbeeld gaat voor mij over de maakbaarheid van het leven. Alles was nog mogelijk. Ik vind het belangrijk om de context van de buitenwereld in m’n muziek te verwerken en het over meer te laten gaan dan alleen mijn eigen bekommernissen. Alleen doe ik dat onrechtstreeks.

Naïviteit

In Michael Jordan zing je over ambitie en over dromen, maar ook over je vader die je erin afremde en je heel nuchter vertelde dat het een harde wereld is. Ik heb de indruk dat je dat geplaatst hebt nu, die lastige relatie met je vader.

Milow: Ik kijk er nu milder naar, dat klopt. Ik besef nu dat vaders en moeders ook maar zonen en dochters zijn van hun vaders en moeders. En kinderen van hun generatie. Ik ben blij om te zien dat onze generatie opvoeding toch op een andere manier benadert. De band met mijn moeder was veel meer vanzelfsprekend, die met mijn vader was een bron van veel frustratie en verdriet. Ik vond het lastig dat het zo moeizaam ging tussen ons.

Deze plaat voelt echt weer als een album. Deze songs horen samen te komen, op één of andere manier.

Milow: Ik heb nog nooit zoveel nagedacht over het nut van een album in 2018-2019. Van zodra Spotify opkwam was ik een grote fan, als muziekfan. Ik merk bij mezelf dat als ik muziek luister dat dat nog zelden in de vorm van een album is. Drie jaar geleden heb ik ‘Modern Heart’ uitgebracht en ik heb toen gemerkt dat Howling At The Moon, de single, de rest van die plaat wat in de schaduw heeft gesteld, wat ik heel jammer vond. Ik heb toen overwogen om in de toekomst gewoon een aantal nummers per jaar uit te brengen, los van elkaar, maar ik merkte al snel dat je dan bij stijloefeningen uitkomt, zoals Summer Days dat ik geschreven had voor de zomer en voor de live-concerten.

Homerun

Eind 2017 schreef ik dan Michael Jordan en toen wist ik: “Dit is het begin van een album”, want dat soort nummer kan je niet kwijt in een wereld waarin je enkel singles uitbrengt voor Spotify en de radio. En zelfs als een paar nummers meer beluisterd zullen worden dan een paar anderen zal ik dit album blijven verdedigen. Ze waren allemaal nodig. En ik denk dat ik hier toch verhalen verteld heb die ik nog niet verteld had, op een meer ongefilterde manier dan voordien.

Zonder te oordelen over anderen: ik ontmoet vaak jonge muzikanten, van rond de 20, en die schrijven geen albums meer, enkel losse tracks. Ik merk ook wel dat een aantal van die carrières pijlsnel de hoogte in schieten om dan héél snel op een hoogtepunt te komen, waarna ze niet meer verder kunnen. Er wordt geen ruimte meer gecreëerd voor een geleidelijke groei en volgens mij heb je daarvoor albums nodig. Ik heb Zita Swoon vaak bezig gezien bijvoorbeeld, maar ik kénde die albumtracks wel hé.

In Liefde Voor Muziek werd het ook wel heel duidelijk dat je Stef Kamil Carlens erg bewondert.

Milow: Zeker. Ik vond het ook wel een beetje mijn missie om die man zijn belang duidelijk te maken, want plots zat ik tussen een aantal mensen die amper wisten wie Stef was of wat Zita Swoon was. Dat was geen gerommel in de marge hé. Over dEUS wilde Stef het minder hebben, maar ook die eerste platen van dEUS: die hebben belang gehad hé.

Op dezelfde manier wil ik nu een lans breken voor albums. Je album moet een missie zijn, je statement aan de wereld. Toen mijn doorbraak kwam – 2007 in België, 2009 in Europa – was ik me er heel erg van bewust dat ik élke kans moest grijpen. En tegelijkertijd durfde ik wel denken aan de lange termijn waardoor ik bepaalde keuzes heb genomen en een paar keer strategisch “neen” heb gezegd. De Lotto Arena in 2020 komt voor mij nu op een goed moment. De tijd is er rijp voor, ik ben er klaar voor. Dat is één van de dingen waarvan ik blij ben dat ik ze niet te vroeg heb gedaan.

Wat ik nooit meer terug zal hebben is die onbevangenheid van het eerste album, ‘The Bigger Picture’. Debuutplaten zijn vaak zo goed omdat er werk in zit van vijf of soms wel tien jaar. Het is eigenlijk al een soort best of aan het begin van je carrière. Nu weet ik veel beter hoe een song in elkaar zit, maar de onbevangenheid, het naïeve kijken naar de song, is er wel door verdwenen.

Ik vind naïviteit wel een mooie eigenschap.

Milow: Ik ook, zeker en vast. Ik vind dat we met z’n allen terug wat vaker naïef moeten zijn. Op een bepaald punt in ons leven beginnen we een idee te toetsen aan de kansberekening. En als een idee weinig kans op slagen heeft, dan beginnen we er al niet meer aan. Dat is doodjammer, want de mooiste dingen ontstaan vaak against all odds. En wat jeugd zo charmant maakt is die onberekenbaarheid. Zij doen dat nog niet, dat berekenen. Voor de meeste mensen raast het leven zo snel voorbij dat ze gewoon zoeken naar wat houvast en niet eens meer tijd hebben om na te denken over wat hun droom ook alweer was.

Vergeten een goeie vriend te zijn

Je hebt er nooit een geheim van gemaakt dat je op een zakelijke manier nadacht over je carrière én voor zoveel mogelijk mensen wilde spelen. Je hebt daar altijd veel kritiek op gekregen, je zou niet authentiek zijn enz.

Milow: Ik denk nog altijd hetzelfde: in hoe meer landen ik veel mensen kan bereiken hoe meer ik mij geïnspireerd voel om mijn verhaal te vertellen. Het lijkt me logisch: iedere muzikant wil dat zijn muziek door zoveel mogelijk mensen gehoord wordt, daar moet niemand flauw over doen.

Kevin Zacher

Een deel van de verklaring is volgens mij ook dat mensen me niet zo goed kennen. Dat komt deels omdat ik een buitenbeentje ben, maar dat ligt niet aan mij. Ik heb geprobeerd om het geijkte pad te volgen, ik ben aan gaan kloppen bij managers en platenlabels in België om ontdekt te worden en die zagen het potentieel niet in mij en mijn muziek. Waardoor ik op een bepaald moment aan mijn DIY-verhaal ben beginnen timmeren, maar dat was toen zeker niet mijn eerste keuze. Nu is het een godsgeschenk, maar het maakt wel dat ik dat buitenbeentje blijf omdat ik nog minder met andere mensen in aanraking kom. Mede daardoor vond ik Liefde Voor Muziek ook zo tof om te doen, omdat je daar op relatief korte tijd toch een bijzondere band opbouwt met enkele van je collega’s. Mijn conclusie is: we lijken allemaal meer op elkaar dan we denken, los van hokjes en genres.

Over vriendschap zing je in Break The Silence. “Crazy how time will fly /Especially when life gets in the way”, zing je daar. Ik heb ook vaak het gevoel dat ik te weinig tijd heb om aan iedereen te kunnen geven wat ze verdienen. Ik probeer er wel te zijn voor iedereen, maar dat is moeilijk. Hoe definieer jij vriendschap?

Milow: Da’s best een moeilijke vraag. Het is een hele uitdaging om vriendschappen te onderhouden. In het begin dacht ik dat het lag aan mijn levensstijl, maar ik merk dat het voor veel mensen zo is. Ik vergeet vaak gewoon een goeie vriend te zijn en ik wil Milow niet als excuus gebruiken.

Ik heb daar al wel veel over nagedacht en ik denk dat dat komt omdat vriendschap niet geformaliseerd is. Huwelijken worden in een contract gegoten, net als werkrelaties of samenwonen. Maar voor vriendschappen bestaat zoiets niet, er zijn geen wederzijds geformaliseerde rechten en plichten. En vriendschap is altijd het eerste dat opgeofferd wordt als het leven ertussen komt te staan. Elk jaar in januari neem ik me voor om een betere vriend te worden en dat lukt eigenlijk nooit. En ik weiger me daarbij neer te leggen. Vandaar ook Greatest Expectations op de plaat: ik wil de lat hoog leggen. We moeten tijd maken.

Het gaat er ook vaker over op de plaat: het feit dat je iets waarmee je zit kan delen, maakt het een pak draaglijker.

Ben jij zelf ook iemand die tijdig en makkelijk hulp gaat vragen? Heb jij het bijvoorbeeld gedaan na het plotse overlijden van je vader?

Milow: Achteraf gezien had ik toen wel wat therapie kunnen gebruiken. Ik heb de laatste jaren in mijn omgeving gezien dat er een hele hoge drempel is om hulp te vragen, zowel binnen een vriendenkring als voor professionele hulp. Mensen zeggen vaak “Laat het maar weten als ik iets kan doen”, maar er is schroom om daar ook effectief op in te gaan. Dat taboe op hulp vragen moet echt gesloopt worden.

De eerlijkheid gebiedt me om te zeggen dat ik toch eerder zelf ook een binnenvetter ben. Anderzijds ben ik al jaren onderweg met dezelfde mensen op een tourbus. En dan gebeurt het ook wel dat daar uren wordt doorgepraat over iets. Met die kern van mensen hebben we wel al wat meegemaakt. Het mooie is: muziek kan altijd een deel van de behandeling zijn. Het van zich afschrijven en wegspelen van zorgen is een cliché, maar wel eentje dat, toch voor een deel, klopt. Toen ik in een regelmaat begon te komen van het spelen van enkele tientallen concerten per jaar, begon ik te voelen dat dat gegeven me ook rust bracht. Ik zou het niet meer kunnen moest ik bijvoorbeeld beginnen met één concert per jaar te gaan spelen.

Er staat een groot concert voor jou gepland in de Lotto Arena op 15 februari 2020.

Milow: Ik besef dat ik de laatste jaren België misschien wat verwaarloosd heb, maar dat was door omstandigheden. Mijn agenda werd gedomineerd door het buitenland. Nu wilde ik eens iets bijzonder doen. De timing klopt. Ik ga er echt van proberen van genieten en er een soort van homecoming-feestje van maken. Ook al is België niet meer het grootste land waar ik speel, het is wel het belangrijkste, want het is enkel hier dat er vrienden en familie komen kijken. Of fans die in 2006 al ‘The Bigger Picture’ in huis hadden, ook al waren het er toen niet veel. (glimlacht)

Tickets voor Milow in de Lotto Arena op 15 februari 2020 kan je hier bestellen. ‘Lean Into Me’ is nu verkrijgbaar en te streamen.

Gesponsorde artikelen