Westerse wereld heeft zich op China helemaal verkeken

Westerse wereld heeft zich op China helemaal verkeken

Het westen heeft zich over de verdere ontwikkeling van China compleet vergist. Dat blijkt uit de recente aankondiging dat de Chinese leider Xi Jinping de grondwet van zijn land zal wijzigen, zodat hij voor onbepaalde tijd in functie kan blijven. Dat schrijft het magazine The Economist, waar gewag wordt gemaakt van een bijzonder belangrijk signaal.

“Na de instorting van de Sovjet-Unie werd China, de tweede grootmacht van de communistische wereld, door de internationale economische orde omarmd,” aldus The Economist. “Door China een rol te geven in instellingen zoals de World Trade Organisation (WTO), poogde men immers het land in de bestaande structuren te kunnen integreren.”

“Gehoopt werd dan ook dat het land zou evolueren naar een markteconomie, waarbij de bevolking met de hulp van een toenemende welvaart ook democratische vrijheden en rechten zou opeisen. Op die manier moest China uiteindelijk aangespoord worden een rechtsstaat te worden.”

Repressie, staatscontrole en confrontatie

“Die strategie had zeker zijn merites,” aldus het magazine nog. “In ieder geval was deze benadering beter dan een houding die China zou uitsluiten. In werkelijkheid moet echter worden erkend dat China alle groeiverwachtingen heeft overtroffen.”

“Onder het leiderschap van Hu Jintao kon nog worden aangenomen dat de westerse strategieën hun vruchten zouden opleveren. Toen Xi Jinping vijf jaar geleden in China de macht overnam, werd volop gespeculeerd over een snelle evolutie in de richting van een democratisch regime. Die illusie is vandaag echter volledig weggespoeld. Xi Jinping heeft de Chinese politiek en economie in de richting van repressie, staatscontrole en confrontatie gestuurd.”

Onder meer wordt opgemerkt dat Xi zijn macht heeft gebruikt om de dominantie van de communistische partij en hemzelf te versterken. Als onderdeel van een campagne tegen corruptie heeft hij bovendien potentiële rivalen aan de kant geschoven. Tegelijkertijd werd het Chinese leger grondig geherstructureerd, zodat de militaire loyaliteit tegenover de communistische partij en zijn leider kon worden verzekerd.

Ook met de kritiek in de partij, de regering, de media en het internet werd komaf gemaakt. Het persoonlijke leven van de Chinese burger blijft relatief vrij, maar tegelijkertijd werd een apparaat gecreëerd om ontevredenheid en afwijkende meningen op te sporen.

Chinese wijsheid

“Anderzijds heeft China steeds beweerd geen enkele ambitie te hebben om zich met het beleid van andere naties te mengen, zolang het land zelf met rust werd gelaten,” betoogt The Economist. “Steeds meer echter wordt het Chinese autoritaire systeem naar voor geschoven als een rivaal voor de liberale democratie.”

“Op het jongste partijcongres de voorbije herfst kondigde Xi dan ook aan voor andere landen eveneens een nieuw optie aan te bieden. Hij maakte daarbij gewag van Chinese wijsheid en een Chinese benadering voor de oplossing van een aantal problemen waarmee de mensheid wordt geconfronteerd.”

Xi zei later weliswaar dat China geen aspiraties heeft om zijn model te exporteren, maar volgens The Economist is het duidelijk dat de Verenigde Staten niet alleen een economische, maar ook een ideologische rivaal is geworden.

Verder wordt opgemerkt dat ook economisch China een duidelijk succesverhaal heeft geschreven. China is inmiddels de grootste exporteur van de wereld geworden en herbergt bovendien twaalf van de honderd grootste ondernemingen van de hele planeet. Tegelijkertijd moet worden vastgesteld dat China nog steeds geen markteconomie is en ook geen plannen koestert om dat ooit te worden. Het bedrijfsleven wordt steeds vaker als een wapen van de staatsmacht gehanteerd.

China wil subsidies en protectionistische maatregelen gebruiken om wereldleiders te creëren in tien sectoren, waaronder luchtvaart, technologie en energie, die samen bijna 40 procent van zijn economische productie dekken.

Hoewel het land zich minder flagrant schuldig maakt aan industriële spionage, klagen westerse bedrijven nog steeds over aanvallen – door de Chinese staat georchestreerd – op hun intellectuele eigendommen. Op de Chinese markt moeten buitenlandse bedrijven zich bovendien plooien naar de eisen van de lokale autoriteiten. Tenslotte zijn er ook projecten zoals het Belt and Road Initiative, waarmee het land zijn verdere internationale ambities toont.

Gesponsorde artikelen