Zeven redenen waarom Assassin’s Creed 4: Black Flag een van dé toppers van 2013 is

Zeven redenen waarom Assassin’s Creed 4: Black Flag een van dé toppers van 2013 is

Assassin’s Creed 4: Black Flag gooit je in het leven van Edward Kenway. Je volgt hem wanneer hij rond 1715 Engeland tijdelijk wil verlaten om rijk te worden in de Nieuwe Wereld, waar hij in het Caraïbische gebied aan de bak komt als piraat en verzeild geraakt in de strijd tussen de Tempeliers en Assassins. 

1. De zeegevechten zijn verslavend

De zeegevechten die in Assassin’s Creed III werden geïntroduceerd, zijn briljant uitgewerkt in de opvolger. Je brengt zowat de helft van je tijd door op zee, en we hadden nooit durven voorspellen dat dat zo tof kon zijn. Het beschieten en enteren van schepen is tot in de puntjes uitgewerkt, net als de sublieme bewegingen van de golven. Het ‘nog één schip en dan stop ik’-voornemen blijkt al te vaak tevergeefs.

2. De open wereld is enorm

Assassin’s Creed 4: Black Flag speelt zich af in een gigàntische open wereld, gecentreerd rond drie grote steden en een hoop eilandjes, al dan niet met forten die je kan innemen. Er valt bijzonder veel te ontdekken, waardoor je vele tientallen uren kan doorbrengen met de singleplayercampagne alleen al.

3. De game biedt superveel afwisseling

AC4 biedt een hele waaier aan bezigheden en uitdagingen. Zo kan je zowel op land als op zee jagen op dieren, kan je schepen uitsturen om handel te drijven, kan je in zijmissies moordcontracten uitvoeren, sluipmissies tot een goed einde proberen te brengen, opslagplaatsen beroven… Als je al niet afgeleid wordt door een vijandelijk konvooi dat je nog wil beroven, een koerier die je nog onderuit wil halen of een rondvliegend blad papier met een zeemansliedje dat je nog wil vangen. Opmerkelijk is dat Ubisoft al die dingen weet te versmelten tot een logisch geheel, iets wat we gerust een huzarenstukje durven noemen.

4. Je hebt veel keuzevrijheid bij de aanpak van een probleem

De keuzevrijheid die je als speler hebt om je doelen te bereiken is al jarenlang een van de handelsmerken van de Assassin’s Creed-franchise. Voor alle problemen zijn verscheidene oplossingen, de ene al wat gemakkelijker of doeltreffender dan de andere. 

5. De Caraïben zijn prachtig

Wanneer je een piratengame maakt, kan je die maar beter laten plaatsvinden temidden hagelwitte ‘Bounty-stranden’ dan in onze Noordzee. De game ziet er absoluut verrukkelijk uit, niet alleen op next-gen maar ook op de oude consoles. En dat heeft niet alleen te maken met de omgeving: ook minder tot de verbeelding sprekende taferelen zijn prachtig en met veel detail weergegeven. Het uitzicht vanuit de top van je mast is adembenemend. 

6. De multiplayer is verslavend

De multiplayermodus van Assassin’s Creed IV: Black Flag is eigenlijk een game op zich. De psychologische steekspelletjes tegen andere spelers blijven ongemeen boeiend, en verlengen de levensduur van de sowieso al lange game nog maar eens met vele tientallen uren.

7. Je kan worstelen met alligators

In de moerassen kan je worstelen! Met alligators! 

Wat de game nog van de overwinning kan houden

We zijn gek op ‘Assassin’s Creed IV: Black Flag’, maar hebben er ook wel wat op aan te merken. Zo had het verhaal veel meeslepender gekund, vinden we het vechtsysteem iets te simpel en lijkt het missieverloop soms iets te veel opgebouwd rond vaststaande formules.

Gesponsorde artikelen