In het kort
- NASA wil tegen 2032 een permanente basis op de maan bouwen.
- Het geplande ruimtestation rond de maan wordt voorlopig stopgezet
- De focus verschuift volledig naar langdurig verblijf op het maanoppervlak.
NASA gooit zijn toekomstige ruimteplannen helemaal om. De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie wil de komende jaren alles inzetten op een permanente aanwezigheid op de maan. Dat betekent dat andere projecten, zoals een ruimtestation rond de maan, tijdelijk naar de achtergrond verdwijnen.
Focus op maanbasis
De nieuwe plannen draaien rond een maanbasis die vanaf 2032 effectief bewoond moet worden. Astronauten zouden er dan voor langere tijd verblijven, in plaats van korte missies zoals vroeger. Het project kost naar schatting zo’n 20 miljard dollar (ongeveer 17 miljard euro) en wordt in verschillende fases opgebouwd.
In een eerste fase ligt de focus op mensen en materiaal veilig op de maan te krijgen. Daarna volgt de effectieve bouw van de basis, met meerdere bemande missies per jaar. Uiteindelijk moet het geheel uitgroeien tot een semi-permanent complex waar astronauten langere tijd kunnen leven en werken. De zuidpool van de maan geldt als belangrijkste locatie. Daar zouden interessante grondstoffen aanwezig zijn, zoals waterijs, dat kan dienen voor drinkwater en brandstof. Ook zaken als maanrovers en energievoorziening worden de komende jaren uitvoerig getest.
Ruimtestation geschrapt
Om die plannen mogelijk te maken, zet NASA een streep door de Lunar Gateway. Dat was een klein ruimtestation dat rond de maan zou draaien en als tussenstop moest dienen voor missies. Volgens NASA past dat project niet meer in de nieuwe strategie. De organisatie kiest ervoor om middelen en energie volledig te richten op infrastructuur op het maanoppervlak. Het ruimtestation is daarmee niet definitief van tafel, maar het project wordt wel voor onbepaalde tijd gepauzeerd.
NASA wil niet alleen terug naar de maan, maar er ook echt blijven. Hiermee wordt ingespeeld op de groeiende internationale concurrentie in de ruimtevaart, waarbij landen als China gelijkaardige ambities hebben.
