In het kort
- Door een bommelding werd het hoofdkantoor van La France Insoumise in Parijs ontruimd.
- Het incident volgt op toenemende politieke spanningen rond LFI na de dood van de extreemrechtse militant Quentin Deranque.
- LFI veroordeelt de bommelding en beschuldigt tegenstanders ervan de tragedie te misbruiken om geweld tegen de partij aan te wakkeren.
Het hoofdkantoor van de Franse extreemlinkse partij La France Insoumise (LFI) in Parijs is woensdag ontruimd na een bommelding. Partijcoördinator Manuel Bompard maakte het nieuws bekend op sociale media en gaf mee dat alle medewerkers veilig waren. De politie kwam meteen ter plaatse.
Politieke context
Het incident vindt plaats in een tijd van verhoogde spanningen rond LFI. Die spanningen zijn veroorzaakt door de dood van de Franse extreemrechtse militant Quentin Deranque. Deranque bezweek aan verwondingen die hij opliep tijdens een protest in Lyon op donderdag. Minstens zes gemaskerde personen vielen hem op brute wijze aan. In die zaak arresteerde de politie al elf mensen, onder wie een medewerker van LFI-parlementslid Raphaël Arnault.
Arnault was in 2018 medeoprichter van de Jeune Garde Antifasciste, een groep die in juni werd verboden en die betrokken zou zijn geweest bij het geweld tegen Deranque.
Beschuldigingen aan politieke tegenstanders
LFI-parlementslid Clémence Guetté veroordeelde de bommelding. Hij vindt dat degenen die de tragedie en de dood van een jonge man gebruiken om LFI aan te vallen, moeten stoppen met hun verachtelijke tactieken. Partijgenoot Paul Vannier reageerde nog krachtiger en beschuldigde politieke tegenstanders die de dood van Deranque in verband brengen met LFI ervan verantwoordelijk te zijn voor de golf van geweld tegen de partij. Hij noemde specifiek figuren als premier Lecornu, minister van Justitie Darmanin, voormalig president Hollande, RN-voorzitter Bardella en extreemrechtse boegbeeld Le Pen als medeplichtig aan het aanzetten tot geweld.
