Zo schattig, maar zo ziek: dit zijn de 10 kattenrassen met de meeste problemen

Net als bij rashonden komen ook bij raskatten steeds meer erfelijke aandoeningen voor. De oorzaken zijn inteelt en het fokken om een onnatuurlijk uiterlijk te verkrijgen. Het gemiddelde kattenras heeft maar liefst tien erfelijke aandoeningen. De Pers heeft er maar liefst 21. Maar ook andere populaire rassen als de Maine Coon en de Brits korthaar kampen met ernstige problemen. Dit zijn de 10 rassen met de meeste (erfelijke) gezondheidsissues.

De informatie is verzameld door een panel van meer dan 50 dierenartsen en gebaseerd op meer dan meer dan tweehonderd wetenschappelijke bronnen.

1. De Pers

Oerschattig en doorgaans een prachtig karakter die Perzische katten. Maar dit is wat het advies van de dierenartsen die meededen aan het panel: “Vanwege de vele erfelijke aandoeningen en de uiterlijke kenmerken van de Pers (die het welzijn aantasten) is het af te raden deze kat aan te schaffen”.

Zo heeft de Pers een zeer platte kop, met als gevolg chronisch tranende en pijnlijke ogen, ademnood en een gebit dat niet meer in de bek past. Daarnaast komen er vaak ook andere, pijnlijke, oogproblemen voor, zoals entropion (naar binnen krullend ooglid), problemen met het hoornvlies (corneasequester) en blindheid door PRA (Progressieve retina atrofie of voortschrijdende verslechtering van het netvlies).

Verder lijden Perzen aan cystenieren (PKD), wat leidt tot nierfalen en sterfte op jonge leeftijd. Het autosomale dominante PKD-gen (PKD-1) kan door middel van een DNA-test aangetoond worden, en deze DNA-test wordt gelukkig steeds vaker gedaan. Doordat de Pers vaak gebruikt is voor de opbouw of aanpassing van andere kattenrassen, zijn veel aandoeningen (zoals PKD) verspreid naar andere rassen.

Een verhoogd percentage Perzen heeft bloedgroep B, waardoor de kans op een fatale afbraak van rode bloedcellen bij kittens (neonatale iso-erytrolyse) groot is.

In totaal hebben Perzen een verhoogd risico op maar liefst 21 erfelijke aandoeningen.

2. Devon Rex

Nog een ras dat valt in de categorie “zeer hoog risico op erfelijke aandoeningen”. Er zijn er maar liefst 16 die vaak voorkomen bij Devon Rexen.

De snorharen van de Devon Rex ontbreken of hebben een afwijkende vorm. Dat is een ernstige handicap, die het welzijn van de kat aantast. De wigvormige kop van de Devon Rex zorgt vaak voor een moeilijke geboorte (dystocia).

Bij de Devon Rex komen huidproblemen door Malassezia (gist) voor, waardoor de huid vaak vet aanvoelt. De Devon Rex heeft verder te maken met gewrichtspijn door heupdysplasie en patellaluxatie. Ook erfelijke myopathie (een erfelijke spierziekte) komt voor.

Witte Devon Rex katten kunnen doof geboren worden. Daarnaast is het ras gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis (urolithiase), waardoor problemen ontstaan als blaasontsteking, op ongewenste plaatsen plassen en niet kunnen plassen. Ook blijkt het ras gevoelig voor suikerziekte en voor de dodelijke ziekte FIP (besmettelijke buikvliesontsteking).

Doordat veel katten van dit ras bloedgroep B hebben, is de kans op een fatale afbraak van rode bloedcellen bij kittens (neonatale iso-erytrolyse) relatief groot.

Hypoallergene kat bestaat niet

Een groot misverstand over Devon Rexen is dat hun vacht hypoallergeen is. Allergieën voor katten worden niet veroorzaakt door het type vacht, maar door een eiwit (het Fel d1-eiwit) dat wordt uitgescheiden door de speeksel- en talgklieren. Als de kat zich wast, wordt dat eiwit verspreid over het lichaam. Het komt wel voor dat mensen met een allergie voor katten, op een bepaald type kat minder heftig reageren, maar een hypoallergene kat bestaat niet.

3. De Siamees

De Siamees kampt met maar liefst 18 erfelijke aandoeningen. Amyloïdose (eiwitafzetting) is specifiek voor dit ras. Het zorgt voor aantasting van nieren en lever, met als gevolg vergiftiging door nierfalen of leverfalen. De kat vermagert, wordt steeds zwakker en sterft uiteindelijk een langzame dood.

Verder komen er diverse oogproblemen voor, die pijn, ongemak en blindheid kunnen veroorzaken (cataract, cornea sequester en PRA). Ook zien we relatief vaak pijnlijke gewrichtsproblemen door heupdysplasie, loslaten van de heupkop ter hoogte van de groeischijf en losse knieschijven (patellaluxatie).

Twee typen kanker worden vaker gezien bij de Siamees: tumoren van specifieke afweercellen (mastceltumoren) en lymfeklierkanker (maligne lymfoom). Het ras is gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis (urolithiase) en suikerziekte. Verder zien we een erfelijke stofwisselingsziekte (MPS VI).

4. Maine Coon

Deze kleine reus is een beetje het absolute comebackverhaal onder de kattenrassen. In de late jaren vijftig was het ras bijna uitgestorven. Een kleine groep fokkers heeft ervoor gezorgd dat het ras niet ten onder ging. In 1967 werd het ras voor het eerst weer erkend. Nu is het één van de populairste. Maar, zeker niet de gezondste. Het ras heeft aanleg voor 13 erfelijke aandoeningen ondertussen.

HCM bijvoorbeeld, een hartziekte die een verminderd uithoudingsvermogen, verlamming van ledematen en plotselinge sterfte tot gevolg kan hebben. Daarnaast is de Maine Coon door zijn grote bouw extra gevoelig voor het ontwikkelen van pijnlijke gewrichtsproblemen.

Heupdysplasie komt veel voor, en maakt dat de kat moeilijk loopt. Ook andere gewrichtsproblemen, zoals het loslaten van de heupkop ter hoogte van de groeischijf (epifysiolyse van de heupkop) en losse knieschijven (patellaluxatie) komen erg vaak voor bij de Maine Coon.

Main Coons hebben ook vaak een erfelijke vorm van staar met (gedeeltelijke) blindheid, en oorontsteking veroorzaakt door een middenoorpoliep.

5. Heilige Birmaan

Bij de Heilige Birmaan komen 10 erfelijke aandoeningen voor. De belangrijkste zijn: nierfalen door cystenieren (PKD) en hartfalen (HCM). Het achteruitgaan van de nieren heeft vergiftiging tot gevolg waardoor het dier vermagert, zich steeds slechter voelt en uiteindelijk sterft.

Hartfalen kan leiden tot kortademigheid, conditieverlies en soms ook tot een plotselinge dood. Ook oogproblemen komen voor, zoals problemen met het hoornvlies (corneasequester) en blindheid door staar.

Verder is het ras gevoelig voor het ontwikkelen van suikerziekte, de dodelijke infectieziekte FIP en blaasgruis (urolithiase), met blaasontsteking en plasproblemen (op ongewenste plaatsen plassen en niet kunnen plassen) als gevolg.

Een deel van de Heilige Birmanen heeft bloedgroep B, waardoor er een verhoogde kans is op fatale afbraak van rode bloedcellen bij kittens (neonatale iso-erytrolyse).

6. Scottish Fold

Met “amper” aanleg voor zes erfelijke aandoeningen lijkt de Scottish Fold misschien wel een goeie keuze. Maar het is de ernst van die aandoeningen die dit ras in de top 10 doet belanden.

Het typische kenmerk van de Scottish Fold, de gevouwen oren, is het gevolg van een spontane mutatie in een gen dat het kraakbeen van het oor aantast. Het gaat om een zeer ernstige erfelijke aandoening: osteochondrodysplasie (een aangeboren groeistoornis van het kraakbeen en de botten) en beperkt zich niet tot de oren. Het zorgt ook voor kortere, misvormde poten en kreupelheid, met pijnlijke gewrichtsontsteking als gevolg.

Andere aandoeningen die relatief vaak voorkomen: benauwdheid bij katten met een platte snuit (brachycephalie) en aangeboren doofheid bij witte katten. Daarnaast heeft een verhoogd percentage dieren bloedgroep B, waardoor er een grotere kans is op een fatale afbraak van rode bloedcellen bij kittens (neonatale iso-erytrolyse). Ook is het ras gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis, met een pijnlijke blaasontsteking tot gevolg.

De dierenartsen zijn ook hier categoriek: “Alles bij elkaar genomen, is het zeer af te raden om een Scottish Fold aan te schaffen”.

7. De Brits korthaar/langhaar

Eén van de populairste rassen vandaag de dag. Überschattig met een grote ronde kop en grote ogen, maar, dat is nu net het probleem. De platte snuit (brachycephalie) van Britse kortharen veroorzaakt nogal eens benauwdheid, tranende ogen en een afwijkende stand van het gebit, met mogelijk pijn als gevolg.

Omdat de kop erg breed is in verhouding tot het bekkenkanaal van de moeder, verloopt de geboorte vaak moeizaam. Daarnaast komen bij dit ras veel andere erfelijke aandoeningen voor: hartfalen door HCM (wat een plotselinge dood kan veroorzaken); pijnlijke gewrichten en moeilijk lopen door heupdysplasie en losse knieschijven (patellaluxatie).

Ook nierfalen door cystenieren (PKD) komt vaak voor. De introductie van de genen van de Pers in het ras, heeft er waarschijnlijk toe geleid, dat de PKD-1 mutatie nu ook bij de Brits korthaar te vinden is. Deze aantasting van de nieren veroorzaakt vergiftiging van het lichaam. Het gevolg is vermagering, een gevoel van algehele malaise en uiteindelijk een langzame dood van de kat.

8. Exotisch korthaar

De Exotisch korthaar is een kortharige Pers en eigenlijk hebben ze gewoon dezelfde gezondheidsproblemen als de Pers. Benauwdheid door een te nauwe neus; continu tranende ogen; afwijkende gebitsstand, en problemen bij de geboorte (dystocia). Dat laatste vormt een gevaar voor moeder en kitten.

Net als bij de Pers is de kans op nierfalen door cystenieren (PKD) groot bij de Exotisch korthaar. Het lichaam van de kat raakt dan vergiftigd, met vermagering, algehele malaise en uiteindelijk sterfte als gevolg.

Er worden relatief vaak oogproblemen gezien, zoals blindheid ten gevolge van PRA. Witte katten kunnen doof geboren worden. Verder is het ras gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis (met blaasontsteking en plasproblemen als gevolg), en voor de dodelijke ziekte FIP.

9. De Burmees

De Burmees heeft te kampen met 14 erfelijke aandoeningen. Door een platte snuit (brachycephalie) kan hij last krijgen van benauwdheid en tranende ogen, en heeft hij een afwijkende stand van het gebit, wat pijnklachten kan geven.

Een andere erfelijke aandoening waar je rekening mee moet houden, is spierzwakte door hypokaliëmische myopathie, waardoor de dieren zwak en sloom worden. Behandeling is mogelijk, maar de aandoening is te voorkomen door ouderdieren te testen met een DNA-test.

Verder komt kanker van de huid (mastceltumor) vaker voor. Het ras is ook gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis, de dodelijke ziekte FIP en suikerziekte.

Bij de kittens komen zeer ernstige erfelijke ziektes voor (Burmese head defect en gangliosidose), maar door de ontwikkeling van goede DNA-testen lopen de aantallen hiervan gelukkig terug.

Doordat veel katten van dit ras bloedgroep B hebben, is de kans op een fatale afbraak van rode bloedcellen bij kittens (neonatale iso-erytrolyse) relatief groot.

10. De Oosters korthaar/langhaar

De Oosters korthaar is ontstaan uit kruisingen met de Siamees. Daardoor delen ze veel erfelijke ziektes. Net als bij de Siamees komt amyloïdose (eiwitafzetting) vaker voor. Het zorgt voor aantasting van nieren en lever, waardoor het dier zichzelf langzaam vergiftigt. De kat gaat steeds minder eten en drinken, verzwakt, en wordt langzaam maar zeker ernstig ziek. Uiteindelijk sterft hij, want een behandeling is er niet.

Aantasting van de ogen door de erfelijke aandoening PRA komt relatief vaak voor. Door deze aandoening verslechtert het netvlies en wordt de kat uiteindelijk blind.

Ook worden enkele vormen van kanker vaker gezien bij de Oosters korthaar: mastceltumoren (tumoren van specifieke afweercellen) en lymfeklierkanker (maligne lymfoom). Verder vindt bij de Oosters korthaar vaker een moeilijke geboorte (dystocia) plaats, en is het ras gevoelig voor het ontwikkelen van blaasgruis (urolithiase), met een pijnlijke blaasontsteking als gevolg.

Jouw ras er niet bij? Dat wil niet zeggen dat er geen problemen zijn. In de Raskattenwijzer van de organisatie Dier&Recht vind je meer informatie.

Meer
Lees meer...