In het kort
- Abrini staat bekend als de ‘man met het hoedje’ die te zien was op camerabeelden van de luchthaven.
- Tien jaar na de aanslagen van 22 maart 2016 heeft Christelle Giovannetti één van de daders ontmoet in de gevangenis.
- Het gesprek moest helpen om antwoorden te vinden en een nieuw hoofdstuk te beginnen.
Tien jaar na de aanslagen in Brussel heeft een overlevende van de aanslag in metrostation Maalbeek één van de daders genaamd Mohamed Abrini ontmoet in de gevangenis. Abrini werd bekend als de ‘man met het hoedje’ na de aanslagen van 22 maart 2016.
Ontmoeting
Giovanetti overleefde de aanslag in metrostation Maalbeek in 2016. Jaren later besloot ze dat ze Abrini persoonlijk wilde spreken. Het gesprek werd voorbereid door een organisatie die bemiddelt tussen slachtoffers en daders. Aan Belga vertelt ze waarom ze Abrini wou spreken. Voor haar draaide de ontmoeting niet om vergeving. Ze wilde begrijpen wie de persoon achter de aanslag was. Volgens haar wordt het moeilijk om iemand volledig te negeren wanneer je hem recht in de ogen kijkt. Dat moment maakte duidelijk dat achter de dader ook een mens zit.
Het gesprek vond plaats in de gevangenis waar Abrini zijn straf uitzit. Zulke ontmoetingen worden zorgvuldig voorbereid en gebeuren alleen wanneer beide partijen daar klaar voor zijn. Voor sommige slachtoffers kan zo’n gesprek helpen om hun ervaringen beter te verwerken.
Man met het hoedje
Mohamed Abrini kreeg zijn bijnaam nadat hij op camerabeelden van de luchthaven van Zaventem te zien was samen met twee zelfmoordterroristen. Terwijl zij hun bommen tot ontploffing brachten, verliet hij de luchthaven. Later werd hij opgepakt en veroordeeld voor zijn rol in de aanslagen. In België kreeg hij een gevangenisstraf van 30 jaar. Zijn naam bleef jarenlang verbonden aan het beeld van de man met de hoed op de luchthaven.
De aanslagen van 22 maart 2016 kostten in totaal 32 mensen het leven en lieten honderden gewonden achter.
Ontmoeting
De ontmoeting betekende voor de overlevende niet dat alles afgesloten is. Ze ziet het eerder als een stap in een lang proces. Het gesprek gaf Giovanetti de kans om vragen te stellen die al jaren in haar hoofd zaten. Volgens haar verandert er iets wanneer je oog in oog staat met iemand die betrokken was bij zo’n tragedie. Je kijkt niet meer alleen naar het beeld uit de media, maar naar een persoon die voor je zit.
Voor veel slachtoffers van de aanslagen blijft de zoektocht naar rust en begrip lang duren. Initiatieven waarbij slachtoffers en daders met elkaar praten zijn zeldzaam, maar voor sommigen kunnen ze een belangrijk moment vormen in hun verwerking.
