In het kort
- Fietsen wordt steeds populairder voor woon-werkverkeer in Vlaanderen, maar de auto blijft het dominante vervoermiddel.
- Het gebruik van elektrische bedrijfswagens neemt enorm toe in België.
- Er zijn regionale verschillen in woon-werkgewoonten, waarbij fietsen meer voorkomt in Vlaanderen dan in Wallonië.
Meer dan de helft van de Vlamingen pendelt nu met de fiets naar het werk. Dit markeert een significante verschuiving in de woon-werkgewoonten, met 17,6 procent die regelmatig de hele afstand van en naar hun werk fietsen, een stijging van ongeveer 6 procent in de afgelopen vijf jaar.
Auto blijft populairste
Hoewel fietsen aan populariteit wint, blijft de auto de dominante vervoerswijze voor Vlaamse pendelaars. Bijna 80 procent vertrouwt op de auto, alleen of in combinatie met andere vervoerswijzen. Er is een groeiende trend naar elektrische voertuigen. Het aantal werknemers dat gebruikmaakt van elektrische bedrijfswagens steeg met 58 procent in slechts één jaar.
Deze bevindingen zijn gebaseerd op Acerta’s tiende mobiliteitsbarometer, die gegevens analyseert van 380.000 werknemers die voor meer dan 40.000 werkgevers werken.
Regionale verschillen
Het onderzoek laat een duidelijk regionaal verschil zien. Fietsen komt aanzienlijk meer voor in Vlaanderen dan in Wallonië. Terwijl meer dan de helft van de Vlaamse werknemers de fiets gebruikt in hun woon-werkverkeer, doet slechts 6 procent in Wallonië dat af en toe.
Ondanks de opkomst van de fiets blijft de auto koning in het woon-werkverkeer in Vlaanderen. 77,1 procent van de werknemers gebruikt de auto om naar het werk te gaan. Minder mensen vertrouwen echter alleen op de auto, slechts 44,5 procent vergeleken met 21 procent minder vijf jaar geleden. Dat wijst op een groeiende voorkeur om de auto te combineren met andere vervoerswijzen.
Daling van openbaar vervoer
De toegenomen populariteit van fietsen en auto’s gaat ten koste van het openbaar vervoer, waarvan het aandeel is gedaald tot onder de 7 procent.
Interessant genoeg laat het onderzoek ook een sterke neiging zien van mensen om te werken in dezelfde provincie als waar ze wonen. Dit is vooral duidelijk in Antwerpen, West-Vlaanderen, Limburg, Luik en Luxemburg, waar meer dan 80 procent van de werknemers in dezelfde provincie woont en werkt.
Over het algemeen woont de gemiddelde Belgische werknemer 21,2 kilometer van zijn werk, waarbij de afstanden groter zijn in Wallonië (25,8 km) dan in Vlaanderen (20,8 km).
