In het kort
- De Israëlische aanvallen op Gaza gaan door ondanks een staakt-het-vuren-akkoord, met Palestijnse slachtoffers tot gevolg.
- Sinds het staakt-het-vuren zijn er meer dan 750 Palestijnen omgekomen, wat de verwoestende impact van het aanhoudende conflict onderstreept.
- De wederopbouw van Gaza zal enorme financiële middelen en jarenlange inspanningen vergen om essentiële voorzieningen, infrastructuur en menselijke ontwikkeling te herstellen.
Volgens de Palestijnse autoriteiten zijn er gisteren vijf Palestijnen omgekomen bij Israëlische aanvallen in heel Gaza. De dodelijke slachtoffers vielen op verschillende locaties, waaronder Gaza-stad, gebieden in het noorden en Khan Younis in het zuiden.
Menselijke tol loopt verder op in de regio
Ondanks het staakt‑het‑vuren dat Israël en Hamas in oktober vorig jaar sloten, blijven dagelijkse incidenten plaatsvinden. Sinds de inwerkingtreding van het akkoord zijn volgens lokale gezondheidsautoriteiten meer dan 750 Palestijnen omgekomen. Israël meldt in dezelfde periode vier gesneuvelde soldaten.
Onlangs heeft Israël zijn aanvallen op Gaza opgevoerd, zelfs terwijl er nog conflicten gaande zijn met Iran en Hezbollah in Libanon. Het Israëlische leger rechtvaardigt deze dagelijkse aanvallen als noodzakelijk om Hamas-doelen uit te schakelen.
Kosten van de wederopbouw
Een gezamenlijk onderzoek van de Verenigde Naties en de Europese Unie schat dat de wederopbouw van Gaza de komende tien jaar meer dan 60 miljard euro zal kosten. In de eerste achttien maanden is 22 miljard euro nodig voor het herstel van essentiële voorzieningen, de heropbouw van cruciale infrastructuur en het opnieuw op gang brengen van economische activiteit. Het rapport schetst de omvang van de schade: meer dan 371.000 woningen zijn verwoest, meer dan de helft van de ziekenhuizen is buiten gebruik en bijna alle scholen zijn verwoest of zwaar beschadigd. De economie van Gaza is sinds het begin van het conflict met 84 procent gekrompen.
Volgens het onderzoek heeft de oorlog de menselijke ontwikkeling in Gaza met 77 jaar teruggeworpen. Ongeveer 1,9 miljoen mensen zijn ontheemd, velen meermaals, en meer dan 60 procent van de bevolking is hun huis kwijtgeraakt.
