In het kort
- Psychologische triggers zijn sterker dan de bewuste intentie van een bestuurder om geconcentreerd te blijven.
- Cognitieve vooroordelen zorgen ervoor dat mensen hun vermogen om te multitasken overschatten.
- Bewustzijn van aandachtstekorten redt levens waar boetes falen.
Ondanks strengere straffen en meer mobiele bewaking blijft een aanzienlijk aantal bestuurders hun smartphone achter het stuur gebruiken. Dat meldt Metronieuws.
Verkeerspsycholoog Mariëtte Pol legt uit dat dit niet per se te wijten is aan een gebrek aan wilskracht, maar juist wordt aangestuurd door diepgewortelde gewoontes en psychologische mechanismen.
Kracht van triggers
Uit statistieken blijkt dat een overgrote meerderheid van de bestuurders – zo’n zeventig procent – toegeeft dat ze tijdens het rijden op hun telefoon kijken. Als reactie hierop zet het Openbaar Ministerie meer controleapparatuur in en verhoogt het de boetes tot meer dan 450 euro om dit gedrag te ontmoedigen.
Pol merkt echter op dat zelfs degenen die van plan zijn hun telefoon niet te gebruiken, daar vaak niet in slagen. De komst van een melding werkt als een krachtige trigger, en de directe prikkel uit de omgeving weegt vaak zwaarder dan het eerdere voornemen van de bestuurder om geconcentreerd te blijven.
Illusie van multitasken
Bovendien draagt een verkeerde risicoperceptie bij aan het probleem. Hoewel velen de algemene gevaren van telefoongebruik erkennen, zien ze deze risico’s vaak als abstract of alleen van toepassing op anderen.
Deze cognitieve vertekening wordt versterkt door een overschatting van je eigen multitaskingvaardigheden. Pol legt uit dat het menselijk brein eigenlijk niet meerdere complexe taken tegelijk kan verwerken; in plaats daarvan schakelt het snel tussen die taken heen en weer.
Psychologie speelt grotere rol dan boetes
Dit voortdurende wisselen van focus zorgt voor gevaarlijke hiaten in de aandacht. Als een bestuurder even naar een scherm kijkt, is hij volledig blind voor de weg, en het kost extra tijd voordat hij zich weer volledig kan concentreren zodra hij weer kijkt. In noodsituaties kunnen deze verloren seconden fataal zijn.
Uiteindelijk denken bestuurders vaak dat ze alles onder controle hebben, zonder te beseffen hoe andere weggebruikers hun eigen gedrag moeten aanpassen om deze afleiding te compenseren. Terwijl de overheid inzet op strengere handhaving, stelt Pol dat het vergroten van psychologisch bewustzijn essentieel is om de automatische triggers te doorbreken die tot dit risicovolle gedrag leiden.
