In het kort
- De Nederlandse Autoriteit Persoonsgegevens heeft Uber een boete van 825 miljoen euro opgelegd voor het onrechtmatig geautomatiseerd beëindigen van accounts.
- De AVG verbiedt het nemen van belangrijke beslissingen uitsluitend via automatisering zonder menselijk toezicht.
- Uber is van plan in beroep te gaan tegen de boete en noemt het bedrag buitensporig hoog.
De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft Uber een boete van 825 miljoen euro opgelegd omdat het geautomatiseerde systemen gebruikte om chauffeursaccounts te deactiveren zonder hiervan melding te maken. Volgens een woordvoerder van de toezichthouder vonden deze praktijken plaats tussen 2020 en 2022.
Gebrek aan transparantie
De AP stelde vast dat Uber de GDPR heeft overtreden, aangezien de Europese privacywetgeving verbiedt dat belangrijke beslissingen uitsluitend via automatisering worden genomen. Bovendien concludeerde de toezichthouder dat het bedrijf het recht op informatie van de chauffeurs niet heeft gerespecteerd. Gezien de ernst van deze overtredingen vond de AP de forse boete gepast.
Reactie van Uber
In reactie hierop zei Uber het fundamenteel oneens te zijn met de uitspraak en noemde het de boete buitensporig. Het bedrijf is van plan in beroep te gaan tegen de beslissing, net zoals bij eerdere opvallende boetes.
Dit volgt op een eerdere boete van 290 miljoen euro die het bedrijf twee jaar geleden kreeg opgelegd voor het doorsturen van gegevens van Europese chauffeurs naar de Verenigde Staten.
Baanbrekende AVG-boete
Deze boete is een van de hoogste die ooit onder de AVG is opgelegd, alleen overtroffen door een boete van 1,2 miljard euro die Meta in 2023 kreeg voor de illegale overdracht van Facebook-gebruikersgegevens.
Omdat het Europese hoofdkantoor van Uber in Amsterdam zit, behandelde de Nederlandse autoriteit de zaak, die aanvankelijk was gestart na een klacht uit Frankrijk.
Fraudedetectie en menselijk toezicht
De geautomatiseerde tools werden gebruikt om mogelijke fraude op te sporen, zoals chauffeurs die inefficiënte routes namen of ritten accepteerden die ze niet van plan waren uit te voeren.
Uber houdt echter vol dat er geen enkel account definitief is gesloten zonder enige vorm van menselijk toezicht en dat chauffeurs de mogelijkheid hadden om deze beslissingen aan te vechten. Het bedrijf beweerde verder dat de specifieke beleidsregels die door de AP onder de loep zijn genomen, niet meer worden gebruikt.
