Jongeren en slaapmedicatie: wat zijn de gevaren?

Jongeren en slaapmedicatie: wat zijn de gevaren?

Hoe gaan jongeren om met slaappillen? En wat zegt de wetenschap? We vroegen het aan Adizah, die ondanks haar 24 jaar al een verleden van slaappillen heeft, en een slaapspecialist van het slaapcentrum in het UZA.

Adizah: “Ik heb vier jaar geleden mijn allereerste slaappil genomen. Ik was ziek en werd zo misselijk van de pijnstillers dat ik ‘s nachts niet kon slapen. Mijn huisarts heeft toen slaappillen voorgeschreven ter vervanging van de pijnstiller ’s avonds. Zo kon ik, ondanks de pijn, toch makkelijk in slaap vallen. Ik ben dus nooit begonnen vanwege slaapproblemen. Op het moment dat ze de juiste pijnstillers hadden gevonden, waar ik niet misselijk van werd, ben ik onmiddellijk gestopt met het nemen van die slaappillen.”

Ondertussen neemt Adizah toch regelmatig weer een slaappil. “Te veel stress, te veel werk, te veel hooi op mijn vork genomen. Zo veel dat ik er niet meer van kon slapen. Ook mijn slaapritme verslechterde met de dag. Een andere dokter heeft mij nogmaals slaappillen voorgeschreven, wel omdat ik dat uitdrukkelijk gevraagd had. Als je urenlang ’s nachts wakker ligt, raak je zo gefrustreerd dat een slaappil op dat moment de enige mogelijke oplossing is.”

Verslaving

Toch beweert Adizah dat ze ‘zonder’ kan. “Ik kan met trots zeggen dat ik niet verslaafd ben aan slaapmedicatie.” Aan haar gezichtsuitdrukking valt te zien dat ze de waarheid spreekt. Maar hoe komt dat? “Ik neem alleen als ik echt zo veel stress heb dat ik er niet van kan slapen. Ik ben student en dan spreekt het voor zich dat dit vooral tijdens de examens is. Ik neem ze meestal de dagen dat ik geen examen heb, zodat ik vroeg kan opstaan en studeren. Want als ik er één neem de dag voor een examen, vergeet ik bijna alles en leg ik mijn examen super wazig af. Maar aan de andere kant moet het soms wel. Ik kan moeilijk naar school gaan en vragen om mijn examen op een andere dag te doen ‘omdat ik slecht of niet geslapen heb’. Dat is nu eenmaal geen geldige reden.”

“Tussen de examenperiodes, zoals nu, neem ik ze bijna niet. Momenteel pendel ik tussen Oostende, Antwerpen en Zaventem, wat ervoor zorgt dat ik bijna niet aan slapen toe kom – korte nachten dus – en dat het dus ook niet nodig is om een slaappilletje in te nemen. Heel soms, als ik dag nadien vroeg op moet staan en de nacht voordien echt niet in slaap kan vallen, dan durf ik er al eens te nemen. Uren gaan namelijk zo traag als je in slaap probeert te vallen.”

Adizah kijkt voor het slapengaan nog wat tv op kot. “Daarna kruip ik in mijn bed en check dan vaak nog even Het Nieuwsblad of Het Laatste Nieuws, maar daar blijft het bij. Ik zet natuurlijk ook nog even mijn wekker en controleer het weerbericht voor de dag nadien, maar dat is alles. In mijn bed kijk ik niet meer naar de sociale media. Ik kijk er alleen naar in de zetel, terwijl ik tv aan het kijken ben.”

Wat zegt de wetenschap?

Is dit allemaal wel zo gezond? We vroegen het aan professor Johan Verbraecken, medisch coördinator van het slaapcentrum in het UZA. En wat blijkt? Adizah is eerder de uitzondering dan de regelmaat. Volgens prof. Verbraecken is slaapmedicatie heel verslavend. “Na een tijd gaat de slaapmedicatie minder goed werken en moet je dus telkens een grotere dosis nemen. Bovendien kan je dus ook niet meer zonder de medicatie slapen. Dan word je dus met andere woorden een junkie.”

Waarom zijn slaappillen zo gevaarlijk?

Professor Johan Verbraecken: “Heel wat mensen denken dat ze goed slapen als ze een slaappil genomen hebben, terwijl de slaap nog altijd relatief slecht en oppervlakkig is. Het is een artificiële slaap die gecreëerd wordt. Bovendien kunnen slaapmiddelen bijwerkingen hebben, waardoor mensen zich de dag erna minder goed kunnen concentreren en functioneren, dat ze meer problemen hebben met het besturen van een voertuig, enzovoort.”

Schrijven jullie dan nooit slaapmedicatie voor?

“Alleen bij een acuut probleem, zoals een examen dat eraan komt, uitgesproken stress of liefdesperikelen. Dat kan allemaal slapeloosheid opwekken, maar het is uiteraard de bedoeling dat die slapeloosheid geen eigen leven gaat leiden. We behandelen dat op die manier om het grootste leed te verhelpen, zodanig dat het snel weer beter gaat en we relatief makkelijk kunnen stoppen met de medicatie. Als je niets doet, is de kans groot dat het slaapprobleem hardnekkig wordt en je allerlei dingen gaat doen om de slapeloosheid te compenseren.”

Komen hier ook veel jongeren ?

“Ja, en wel om specifieke redenen. Sommigen vanwege slapeloosheid, maar ook voor een verschoven slaapritme. Door uit te gaan, bijvoorbeeld, en dus altijd later en later op de avond te gaan slapen, loopt het ritme volledig uit de pas. Dat zien we heel vaak bij mensen die net afgestudeerd zijn en beginnen werken. Ze kunnen niet meer uitslapen, want ze moeten vroeg op hun werk zijn. De combinatie met niet voor twee uur ‘s nachts in slaap geraken, houdt niemand lang vol natuurlijk.”

Ook het gebruik van beeldschermen heeft gevolgen voor de slaap?

“Multimedia is een pure slaaprover. In plaats van naar bed te gaan, doen mensen nog allerlei dingen op hun computer of gsm, zoals op Facebook scrollen, YouTube kijken, chatten met vrienden. Dat zijn niet alleen zaken die de slaap uitstellen – de slaaptijd wordt korter -, ze halen ook de slaapkwaliteit naar beneden. Op termijn heeft dat natuurlijk negatieve gevolgen. Maar ook het licht zelf van een smartphone of computer is slecht. Het blauwe licht dat uitgestraald wordt, onderdrukt het melatonine, het hormoon dat de biologische klok regelt. Als dat onderdrukt wordt, ben je minder slaperig en heb je dus meer moeite met in slaap vallen.”

Bestaat er een echte oplossing?

“Voor chronische slapeloosheid geven wij cognitieve gedragstherapie. Dat wil zeggen dat wij een lifestyle proberen op te leggen. Gezond eten én leven hebben namelijk een sleutelrol in een goede nachtrust. Zo weinig mogelijk koffie en alcohol bijvoorbeeld. Maar ook bepaalde rituelen voor het slapengaan kunnen de slaperigheid stimuleren.”

“Ook de bedtijd beperken kan helpen. Mensen blijven, vooral in het weekend, nog wat liggen als ze wakker worden. De dag wordt daardoor korter, en hoe minder lang je wakker bent, hoe moeilijker het is om slaapbehoefte op te bouwen. Dat kan je allemaal meenemen in de aanpak van een slaapprobleem. Het werkt ook zeer goed als mensen dat goed toepassen. Ook omdat ze nadien weten wat ze moeten doen als er opnieuw een slaapprobleem opduikt. Dat ze weten dat er veel meer is dan alleen een slaappil.”

“En een laatste tip, iets wat heel veel mensen niet doen: opstaan als je niet in slaap kan vallen. Na twintig minuten wakker liggen kan je best opstaan en iets anders gaan doen totdat het slaperig gevoel terugkomt. Maar niet achter een computer gaan zitten uiteraard, maar ontspannende dingen. Dan terug gaan slapen, lukt het nog niet, dan opnieuw opstaan tot het wel lukt.”

© 2018 – StampMedia – Brenton Van herp

Gesponsorde artikelen