Gisteren is het Eurovisiesongfestival officieel van start gegaan. In Liverpool namen de eerste vijftien landen het tegen elkaar op voor een plek in de grote finale van zaterdag. Uiteindelijk waren er geen grote verrassingen en gingen alle topfavorieten door. Maar dat betekende ook meteen dat Nederland in de halve finale strandde. Voor het eerst in vijftien jaar zijn zij dus op zaterdag niet meer te zien.
Het Eurovisiesongfestival van dit jaar is een samenwerking tussen het Verenigd Koninkrijk en Oekraïne. Dat laatste land won de vorige editie van de wedstrijd, maar kan door de aanhoudende gevaren in het land geen eigen festival organiseren. Toch besliste de BBC en de EBU al snel dat de editie van het Eurovisiesongfestival een duidelijke Oekraïense toets moest hebben. Die toets was tijdens de eerste halve finale ook al meteen te zien.
Eerste halve finale
De eerste halve finale was op papier ook meteen de sterkste. Daarin stonden onder andere de Scandinavische landen Zweden, Finland en Noorwegen op het programma én was het ook aan onze Noorderburen Mia en Dion met Burning Daylight. Daarnaast zagen we ook nog een bende gekke Kroaten, een enthousiaste girlgroup uit Tsjechië én een sterke zanger uit Zwitserland.
