Hoe werkt een flitspaal eigenlijk?

We hebben het allemaal al wel eens meegemaakt. Je lette even niet op je snelheid of op de verkeerslichten en je wordt geflitst. Maar hoe werkt een flitspaal eigenlijk?

Verschillende soorten

Niet elke flitspaal is dezelfde, er bestaan verschillende soorten. En ze werken ook allemaal op een andere manier.

Kort gezegd bestaan er twee grote groepen: de roodlichtcamera’s en de snelheidscamera’s. Die snelheidscamera’s bestaan dan weer in hun normale vaste vorm (de echte flitspaal), mobiel (voor in de anonieme auto’s van de politie) en in de vorm van de superflitspaal (de zogenaamde LIDAR).

Roodlichtcamera’s

Een roodlichtcamera werkt meestal met twee lussen in het wegdek.

Wanneer een auto over de eerste lus rijdt, controleert de computer de stand van het verkeerslicht. Wanneer dezelfde auto ook over de tweede lus rijdt, weet de computer ook hoe snel de auto reed.

Laat je dus niet misleiden, de roodlichtcamera meet zowel de stand van het licht als de snelheid van het voertuig.

Rijd je door rood, dan neemt de camera steeds twee foto’s. Eentje van de overtreding en ééntje om te zien of je nog stopt én om je snelheid vast te leggen.

De volgende dingen kunnen dus gebeuren:

  • Rijd je door rood, maar niet te snel: je wordt geflits en beboet voor het rode licht
  • Rijd je door rood én te snel: je wordt geflitst en beboet voor het rode licht én overdreven snelheid.
  • Rijd je door oranje, maar niet te snel: je wordt niet geflitst en niet beboet
  • Rijd je door oranje én te snel: je wordt geflitst én beboet voor het oranje licht én overdreven snelheid.

Wist je dat: een roodlichtcamera pas flitst wanneer het rode licht al minstens 1 seconde op rood staat. De camera flitst evenmin als je minder dan 30 km/u rijdt.

Snelheidscamera

De snelheidscamera bestaat in verschillende vormen. De gewone flitspaal, de mobiele flitser en de LIDAR (de superflitspaal).

De gewone flitspaal werkt meestal met het ‘dopplereffect‘. De flitspaal stuurt als het ware geluidsgolven op je auto af en meet hoe lang het duurt voor die teruggekaatst zijn. Aan de hand daarvan berekent de computer hoe snel je rijdt.

Die lichtgolven zijn echter gemakkelijk te beïnvloeden. Zelfs regen of slecht weer kan een effect hebben op de metingen. Vandaar dat de gemeten snelheid in elk geval wordt gecorrigeerd. Om dezelfde reden mag een flitspaal ook niet flitsen in de buurt van een vangrail of andere reflecterende objecten.

De mobiele flitser werkt volgens hetzelfde principe. Ook zij sturen dus radiogolven naar de passerende voertuigen en meten hoelang het duurt voor deze teruggekaatst worden.

De zogenaamde superflitspaal of LIDAR (Laser Imaging Detection And Ranging) gebruikt laserstralen. Hij is veel nauwkeuriger dan een de gewone flitspalen en heeft ook niet te lijden onder reflecterende objecten in de buurt.

TIP 1: het zijn ook de radiogolven en de laserstralen die worden gedetecteerd door de zogenaamde radarverklikkers. Op het bezit van radardetectoren staan zware straffen en bij controle zal het toestal door de politie ook in beslag worden genomen.

TIP 2: Toch geflitst? Door rood of te snel? Download de handige boetecalculator van overtreding.be en bereken zelf je boete. Je krijgt er ook gratis juridisch advies.

Meer
Lees meer...