Nasser Al-Khelaifi, voorzitter van Paris Saint-Germain, lijkt aan te sturen op een oorlog op het hoogste voetbalniveau. De Qatarees heeft namelijk uitgehaald naar de financiële transacties van FC Barcelona afgelopen zomer. Die club kon zich, door de verkoop van onder andere televisierechten, afgelopen transferperiode fors versterken, ondanks een gigantische schuldenberg.
Amper iets meer dan een jaar geleden was de club virtueel failliet. Josep Maria Bartomeu, de vorige voorzitter die eind oktober 2020 na aanhoudende kritiek opstapte, liet Barça achter met een schuldenberg van minstens 1,2 miljard euro. LaLiga legde FC Barcelona daarom heel strikte beperkingen op op het vlak van spelerslonen. Daardoor kon de ploeg clublegende Lionel Messi geen nieuw contract aanbieden. Bovendien moesten enkele andere oudgedienden noodgedwongen een deel van hun loon inleveren.
De Spaanse topclub leek dus veroordeeld om minstens enkele jaren niet op topniveau te kunnen presteren. De nieuwe voorzitter Joan Laporta bleef echter niet bij de pakken zitten en haalde alle mogelijke truken boven om FC Barcelona afgelopen seizoen voldoende inkomsten te bezorgen. Zo verkocht de club 25 procent van hun toekomstige televisierechten voor de komende 25 jaar. Daarnaast verkocht Barcelona 10 procent van Barca Studios production, hun eigen mediabedrijf, aan het blockchainplatform Socios.com. Later werd nog eens 24,5 procent van Barca Studios verkocht aan Orpheus Media. Tot slot deed Laporte ook 49 procent van de merchandising- en licentieafdeling van de club van de hand.
