De crew van ‘Thuis’ verliest rechtszaak over uitbesteding


In het kort

  • Een arbeidsrechtbank in Brussel heeft twee voormalige crewleden van Thuis ongelijk gegeven.
  • Hoewel de rechtbank erkende dat er pogingen waren om de voorwaarden te wijzigen, oordeelde ze dat de crewleden die nieuwe voorwaarden hadden aanvaard.
  • De rechtbank had begrip voor de stress van de crewleden, maar vond de VRT verantwoordelijk voor het niet onderzoeken van herplaatsing.

Twee voormalige crewleden van de VRT-soap Thuis hebben hun rechtszaak tegen de openbare omroep verloren. Ze vonden dat hun arbeidsvoorwaarden waren geschonden, toen de productie van Thuis werd overgedragen aan een privébedrijf. De VRT kondigde in april 2022 een transformatieplan aan. Daarin was die uitbesteding opgenomen. Eyeworks Film & TV Drama werd daarna gekozen als producent. Het bedrijf richtte een dochteronderneming op: Het ThuisHuis. Via die structuur werden de crewleden vanaf februari 2023 in dienst genomen.

Crewleden verliezen zaak tegen VRT

De crewleden, die respectievelijk sinds 1993 en 1994 bij de VRT werkten, vonden dat hun arbeidsvoorwaarden onterecht waren veranderd omdat er geen formele overdracht van de onderneming had plaatsgevonden. De Arbeidsrechtbank van Brussel ging daar niet in mee en wees op de vlotte voortzetting van Thuis onder Het ThuisHuis met hetzelfde personeel als bewijs van een geldige overdracht.

De rechtbank erkende wel dat de VRT vóór de overdracht had geprobeerd de arbeidsvoorwaarden aan te passen. Bij één vrouwelijke crewlid werden die wijzigingen uiteindelijk niet doorgevoerd, waardoor zij geen schade kon aantonen. Het mannelijke crewlid werkte wel onder gewijzigde voorwaarden verder en had die volgens de rechtbank door anderhalf jaar door te werken in de praktijk aanvaard, dat meldt de VRT.

Crewleden vragen schadevergoeding

Beide crewleden vroegen een vergoeding voor de emotionele schade door de overplaatsing. De rechtbank had begrip voor hun situatie, maar vond dat de VRT geen schuld trof. Het vrouwelijke crewlid kreeg een symbolische vergoeding van 1 euro, omdat ze slechts deeltijds aan Thuis werkte en de VRT had aangegeven dat ze mogelijk bij andere producties kon worden ingezet, wat uiteindelijk niet gebeurde. De rechtbank vond dat de VRT dat niet goed had opgevolgd en daarin niet als een zorgvuldige werkgever had gehandeld.

Schrijf je hieronder in voor onze GRATIS nieuwsbrief

Meer
Lees meer...