In het kort
- Meer dan de helft van de mensen die hun werkloosheidsuitkering kwijtraken, is nu afhankelijk van sociale bijstand.
- Het percentage goedgekeurde aanvragen voor deze steun bedroeg maar liefst 83 procent.
- De regionale vraag piekte in Wallonië en overtrof de voorspellingen van de regering ruimschoots.
Een grote meerderheid van de mensen bij wie de werkloosheidsuitkering is stopgezet, heeft financiële steun gezocht bij de sociale dienst. Uit gegevens van de federale Overheidsdienst voor Sociale Integratie blijkt dat 53 procent van de 99.166 getroffen mensen – in totaal 52.593 aanvragers – hulp heeft aangevraagd via hun plaatselijke OCMW. Dat meldt Belga.
Regering onderschatte toestroom naar OCMW
Dit cijfer ligt ver boven de oorspronkelijke voorspellingen van de regering-De Wever, die had geschat dat slechts een derde van degenen die hun uitkering kwijtraakten, dergelijke hulp zou zoeken na het besluit om de werkloosheidsuitkeringen te beperken tot twee jaar.
Hoge goedkeuringspercentages en regionale verschillen
Het daadwerkelijke goedkeuringspercentage voor deze aanvragen was hoog: meer dan 43.600 mensen kregen de uitkering toegekend. Dit betekent dat 83 procent van de aanvragers succesvol was, en dat 44 procent van de hele groep die hun oorspronkelijke uitkering kwijtgeraakt was, nu sociale bijstand ontvangt.
Volgens berichten in De Tijd lopen deze trends per regio uiteen; terwijl minister van Werkgelegenheid David Clarinval een veel lagere overstap naar sociale bijstand had voorspeld, bedroeg het werkelijke percentage 42 procent in Vlaanderen, 51 procent in Brussel en piekte het op 59 procent in Wallonië.
Demografische uitsplitsing van de uitkeringsgerechtigden
Uit de demografische gegevens van deze nieuwe bijstandsontvangers blijkt dat iets meer dan 50 procent alleenstaand is.
Ongeveer 31 procent van de bijstandsontvangers heeft minstens één kind ten laste, terwijl de overige groep, die iets minder dan 17 procent uitmaakt, in een gezamenlijk huishouden woont met ouders of een partner.
