Zelfstandig ondernemerschap in Vlaanderen bereikt hoogste niveau in 25 jaar


In het kort

  • Het zelfstandigenbestand bereikte in Vlaanderen het hoogste niveau in 25 jaar.
  • Mannen zijn in Vlaanderen vaker zelfstandig dan vrouwen.
  • Hoewel het zelfstandig ondernemerschap toeneemt, werken Vlaamse zelfstandigen aanzienlijk meer uren (45,7 per week) dan werknemers in loondienst (35,4 per week).

Vorig jaar tekende zich in Vlaanderen een opmerkelijke trend af: het zelfstandigenbestand bereikte zijn hoogste punt in minstens tweeënhalf decennium. Statistiek Vlaanderen, via Belga, meldde dat 15 procent van de beroepsbevolking tussen 20 en 64 jaar voornamelijk zelfstandig was, een stijging van één procentpunt ten opzichte van het jaar ervoor.

Demografische verschillen

De stijging van het zelfstandigenbestand was niet in alle demografische groepen gelijk. Vrouwen vertoonden een lager percentage zelfstandigen (11 procent) dan mannen (18,6 procent). Bovendien nam de kans om zelfstandige te zijn toe met de leeftijd, beginnend bij 10,5 procent voor de leeftijdsgroep van 20 tot 24 jaar en met een piek van 18 procent voor de leeftijdsgroep van 55 tot 64 jaar.

Vlaanderen loopt aantoonbaar voorop op het gebied van zelfstandig ondernemerschap binnen België. Het percentage ligt aanzienlijk hoger dan zowel in Wallonië (11,9 procent) als in Brussel (13,9 procent). In vergelijking met het gemiddelde van de Europese Unie van 13,1 procent springt Vlaanderen eruit, hoewel Griekenland met een percentage van 24,4 procent de eerste plaats inneemt.

Werkuren en genderkloof

Aan deze stijging van het zelfstandigenbestand kleven echter enkele opvallende kanttekeningen. Statistiek Vlaanderen maakte ook bekend dat Vlaamse zelfstandigen in 2025 gemiddeld 45,7 uur per week werkten, ruim 10 uur meer dan het gemiddelde van 35,4 uur voor werknemers in loondienst. Het totale gemiddelde aantal werkuren voor de leeftijdsgroep van 20 tot 64 jaar bedroeg 36,9 uur per week, een lichte stijging ten opzichte van het recorddieptepunt van 36,8 uur in 2024. Het is belangrijk om op te merken dat deze cijfers alleen betrekking hebben op de hoofdbaan en bijbanen niet meerekenen.

Er bleef een aanhoudende genderkloof in de werkuren zichtbaar: mannen werkten gemiddeld 39,9 uur per week, tegenover 33,6 uur voor vrouwen. Deeltijdwerk kwam nog steeds vaker voor bij vrouwen: 39,6 procent werkte deeltijds, tegenover 12 procent van de mannen. In totaal werkte een kwart van de Vlaamse werknemers in 2025 deeltijds.

Schrijf je hieronder in voor onze GRATIS nieuwsbrief

Meer
Lees meer...