In het kort
- Het geluid van Schiphol zorgt voor veel ernstigere slaapverstoring dan eerder werd geschat.
- Verouderde gegevens uit 2002 staan momenteel een effectief geluidsbeleid van de overheid in de weg.
- Een hoger aantal vluchten staat waarschijnlijk haaks op de doelstellingen om de overlast voor omwonenden te verminderen.
Uit recente updates van onderzoek door het RIVM blijkt dat geluidsoverlast van Schiphol in Nederland aanzienlijk ernstigere slaapstoornissen veroorzaakt dan eerdere schattingen deden vermoeden. Dat meldt RTL.
Door actuele gegevens te integreren in een onderzoek dat al meer dan twee decennia oud is, ontdekten onderzoekers dat de impact op omwonenden groter is dan eerder werd aangenomen, wat een herziening van bestaande strategieën voor geluidsbeperking noodzakelijk kan maken.
Verhoogde risico’s voor slaap en welzijn
De bijgewerkte cijfers laten een opvallend verschil in risico zien; zo wordt nu geschat dat bewoners in gebieden met een gemiddeld nachtelijk geluidsniveau van 45 decibel twee keer zoveel kans hebben op ernstig slaapverlies, vergeleken met de 12 procent die eerdere modellen voorspelden.
Het onderzoek richtte zich op twee belangrijke gezondheidseffecten: ernstige slaapverstoring en ernstige ergernis, waarbij dat laatste wordt gekenmerkt door gevoelens van hulpeloosheid of irritatie. Interessant genoeg zijn de resultaten voor ergernis gemengd: terwijl de impact bij hoge geluidsniveaus ernstiger is, lijkt deze in stillere gebieden juist iets lager te zijn.
Onzekerheid over bijdragende factoren
Deskundigen kunnen op dit moment niet precies aangeven waarom deze verschillen bestaan.
Een woordvoerder van het RIVM suggereerde dat de veranderingen te wijten zouden kunnen zijn aan een toename van het aantal vluchten, verschillen in onderzoeksmethodologie of het veranderende publieke debat rond vliegtuiglawaai, hoewel dit speculatief blijft omdat het onderzoek niet specifiek op de oorzaken was gericht.
Overheid moet geluidsbeleid herzien
Deze nieuwe gegevens zorgen voor een dilemma voor het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, dat momenteel uitgaat van geluidsgegevens uit 2002 om zijn beleid te bepalen.
Het RIVM heeft de regering geadviseerd om de bevindingen uit 2024 over te nemen, zodat het beleid aansluit bij de huidige realiteit. Het onderzoek is samengesteld aan de hand van geluidsberekeningsmodellen en enquêteresultaten van meer dan 90.000 mensen via de GGD.
Conflict tussen groei en geluidsbeperking
Tegen de achtergrond van deze bevindingen blijft minister Vincent Karremans (VVD) vasthouden aan de doelstelling om het aantal vluchten te verhogen en tegelijkertijd de geluidsniveaus in theorie te verlagen. Critici en de Commissie voor Milieubeoordeling (MER) vinden dit echter tegenstrijdig en stellen dat meer vluchten onvermijdelijk tot meer overlast leiden.
Ondanks de hoop van de MER-commissie geven de nieuwste RIVM-gegevens geen expliciet antwoord op de vraag of er een direct verband is tussen het aantal vluchten en de mate van overlast.
