In het kort
- Denemarken voert mondelinge examens en schermcontrole in om AI-gedreven spieken tegen te gaan.
- Scholen geven de voorkeur aan opdrachten onder toezicht op school om te controleren of leerlingen het zelf doen.
- Nationale richtlijnen zijn erop gericht een balans te vinden tussen technologische integratie en kritisch denkvermogen.
Om de toename van academische oneerlijkheid, aangewakkerd door artificiële intelligentie, tegen te gaan, voert Denemarken strengere regels in voor het voortgezet onderwijs. Minister van Onderwijs Magnus Heunicke heeft onlangs een reeks dringende maatregelen bekendgemaakt om de academische integriteit te waarborgen, waarbij hij opmerkte dat scholen in het hoger voortgezet onderwijs kampen met een toename van door AI aangestuurd spieken.
Nieuwe controlemaatregelen
Een belangrijke verandering is de invoering van mondelinge examens om te controleren of schrijfopdrachten die buiten de klas zijn gemaakt, echt door de leerling zijn geschreven. Deze eis geldt ook voor de SSO, een belangrijk jaarlijks examen dat door zo’n 9.000 leerlingen wordt afgelegd. Om het afnemen van examens op school nog beter te beveiligen, moeten scholen nu software gebruiken om schermen te monitoren en firewalls inzetten om de internettoegang tijdens lesuren en examens te beperken.
Daarnaast raadt het ministerie aan dat je je opdrachten op school afmaakt. Door deze verandering kunnen docenten het creatieve proces beter begeleiden, je direct advies geven en ervoor zorgen dat je eindcijfers een goede weerspiegeling zijn van je eigen capaciteiten.
Balans tussen technologie en traditie
Minister Heunicke benadrukte dat hij zich inzet om samen te werken met docenten en leerlingen om ervoor te zorgen dat technologie het kritisch denken of fundamentele academische vaardigheden niet ondermijnt. Deze strenge maatregelen laten zien dat Denemarken nog steeds worstelt met het vinden van een balans tussen de onvermijdelijke integratie van AI en traditioneel leren.
Deze tweestrijd komt ook naar voren in eerdere initiatieven, zoals een proef waarbij het gebruik van AI tijdens spreektoetsen Engels was toegestaan. Op dit moment werkt de regering aan een uitgebreid nationaal kader om AI op alle onderwijsniveaus te reguleren.
Bredere Europese context
Deze spanning past in een bredere Europese trend. Zo heeft Noorwegen onlangs het gebruik van generatieve AI voor basisschoolleerlingen aan banden gelegd en strenge controles ingesteld op de toepassing ervan voor oudere leerlingen.
De publieke opinie blijft verdeeld, maar over het algemeen open; uit een Eurobarometer-enquête bleek dat 54 procent van de Europeanen vindt dat AI een mix van voordelen en obstakels biedt die nader onderzoek vereisen, terwijl slechts 22 procent vindt dat de technologie geen plaats heeft in het onderwijs.
