‘R.M.N.’: Traag, gelaagd en somber, maar deze Roemeense film over hoe racisme kan komen bovendrijven in een samenleving is zeker de moeite waard

Het wordt steeds moeilijker om een publiek naar een film te lokken, maar laat ons eerlijk zijn: voor een Roemeense film is het nooit makkelijk geweest. Welgeteld één Roemeense regisseur kunnen wij bij naam noemen en dat is Cristian Mungiu. Hij schonk ons in 2007 het opnieuw razend actuele 4 Months, 3 Weeks And 2 Days en in 2016 haalde hij ook al ons eindejaarslijstje met Bacalaureat. We kunnen nu al zeggen dat ook zijn nieuwe film R.M.N. in het eindejaarslijstje van 2022 te vinden zal zijn.

Moeilijk gaat ook moet Cristian Mungio gedacht hebben: in toelichtingen bij de film vertelde hij dat hij zeker geen film heeft willen maken zoals de gemiddelde Amerikaanse filmmaker zijn publiek zou benaderen. R.M.N. is bijgevolg best traag, het is niet altijd eenvoudig om je in de protagonist in te leven en net wanneer je denkt te weten waar de film over gaat, laat Mungio zijn film een geheel andere richting uit gaan. En toch gaan wij ook proberen om hier wat zieltjes voor de films te winnen.

R.M.N. baadt in de wintersfeer: net voor kerst keert Matthias (Marin Grigore) huiswaarts, van zijn werk in Duitsland naar een klein bergdorpje in Transsylvanië in Roemenië. Hij is weggevlucht van zijn werk in een slagerij nadat zijn baas ‘m “vuile kutzigeuner” heeft toegesist. Thuis aangekomen wordt Matthias heel koeltjes onthaald door Ana (Macrina Barladeanu) die ‘m duidelijk nog niet vergeven heeft dat hij heeft liggen rollebollen met Csilla (Judith State), maar bij zijn minnares wordt hij even koel onthaald. Als overmaat van ramp blijkt ook zijn zoon Rudi (Mark Edward Blenyesi) geen woord meer te hebben uitgebracht sinds hij iets engs gezien heeft in het bos. Matthias heeft zo zijn eigen ideeën over de oplossing en vindt dat Ana veel te soft met hun zoon is omgegaan.

Ja-woord tegen de EU

Mungio schetst een troosteloos beeld van het bergdorpje, een plek waar iedereen wegtrekt om werk te gaan aannemen in het buitenland. De mijnen zijn gesloten en zowat de enige plek waar nog werk te krijgen is, is in de industriële bakkerij waar Csilla de bazin is. Die zoekt voortdurend naar versterking, maar biedt maar een minimumloon aan waardoor ze geen werkvolk vindt. Samen met Mrs. Dénes (Orsolya Moldován), de eigenares van de fabriek, laat ze werknemers overkomen uit andere landen met behulp van een subsidieproject van de Europese Unie.

© September Film

Het zijn die buitenlandse werkkrachten die fungeren als knuppel in het hoenderhek. Wanneer Csila eerst twee en vervolgens drie arbeiders uit Sri Lanka een contract geeft, komt de plaatselijke bevolking in opstand en komt het racisme in het dorpje bovendrijven. De dorpsbewoners spuwen hun gal op een speciaal daarvoor opgezette Facebookpagina, uiten bedreigingen en gaan zelfs zo ver dat Csila de veiligheid van haar werkkrachten niet meer kan garanderen. Uiteindelijk besluiten de dorpelingen om de bakkerij te saboteren.

De regisseur schetst hier een beeld van een dorpje dat worstelt: Roemenië is wel aangesloten bij de Europese Unie, maar deftig werk vinden blijft voor de bewoners van dit dorpje vrijwel onmogelijk. Er is wel een parkje aangelegd met EU-subsidies, maar wat heb je daaraan als er zelfs nog geen stromend water is en als de wegen nog niet verhard zijn? Hier spreken dorpelingen die misschien wel enige hoop hadden gesteld op de effecten van hun ja-woord tegenover dat welvarende Europa, maar die daar nog niet veel van gemerkt hebben en die als een gevolg daarvan een aversie hebben gekweekt van alles wat vreemd lijkt.

17 minuten, één shot

In die omstandigheden nog hopen op een zekere rationaliteit blijkt moeilijk. Het conflict mondt uit in een briljante scène van 17 minuten die in één shot gefilmd werd. De dorpsbewoners verzamelen er in het cultureel centrum en laten hun ergernissen – met de burgermeester die een poging tot modereren doet – er de vrije loop. De discussie gaat van aantal (“Als het er nu nog één of twee waren, maar nee: drie!”) over hygiëne (“Je weet toch niet welke ziektes die allemaal meebrengen!”) tot aan religie (“Die moslims zijn niet te vertrouwen!”) en uiteindelijk zelfs terrorisme. Wanneer wordt teruggeworpen dat de arbeiders uit Sri Lanka niet eens moslim zijn, blijkt niemand daar oren naar te hebben.

© September Film

Het is briljant hoe Cristian Mungiu te midden van al die miserie toch nog de tragikomische toon weet te vinden. Wanneer de Franse inwijkeling die in opdracht van de EU onderzoek komt doen naar de biodiversiteit en beren komt tellen de gemoederen probeert te sussen, krijgt hij de volle laag. “Wie ben jij eigenlijk?”, “Wordt jij voor die onzin betaald?”, “Jullie zijn ver gekomen met die moslims in Frankrijk: je durft de metro niet eens op!” en “Ga beren tellen in je eigen land, of kan dat niet meer door alle snelwegen?” Een lachje ontsnapte ons.

Zelfs de priester, die zich even diplomatisch als laf toont door “gewoon te verwoorden” wat de dorpsbewoners hem komen vertellen, moet zich beginnen verdedigen voor het feit dat hij wél een auto bezit (“Hij was tweedehands en van mijn moeder!”) en uiteindelijk blijkt niemand nog goed te kunnen doen.

Geen standpunt

Het briljante aan R.M.N. – dat overigens Roemeens is voor MRI-scan – is dat de regisseur geen standpunt kiest. Hij toont de Sri Lakaanse arbeiders, die het allemaal maar wat ondergaan, hij toont Csilla die als een tijger begint te strijden, hij toont de boze dorpsbewoners én hij toont ook Matthias, onze protagonist, die het allemaal niet zo veel kan schelen.

Matthias heeft immers zijn eigen problemen: hij zoekt werk, wil een man maken van zijn getraumatiseerde zoon, neemt de zorg voor zijn vader op, heeft ruzie met zijn vrouw en wil scoren bij zijn minnares. Door net van deze wat besluiteloze figuur zijn hoofdpersonage te maken lijkt Mungiu ons mee te willen geven – al is dat al vergaande interpretatie – dat we wat mild moeten proberen zijn voor eenieder die misschien niet meteen de strijd met de onrechtvaardigheid aangaat. Csilla kan die strijd wel voeren omdat ze een goede baan heeft en een mooi gerenoveerd huis en ’s avonds de ruimte heeft om rustig bij een wijntje wat op haar cello te oefenen: ze heeft meer energie over.

© September Film

Oplossingen draagt R.M.N. ook niet aan – hoe zou je in godsnaam racisme ooit kunnen uitbannen? – maar Mungiu lijkt wel te suggereren dat de erbarmelijke levensomstandigheden van de dorpsbewoners een voedingsbodem vormen voor hun gedachtegoed.

R.M.N. is dus best een complexe en gelaagde prent, maar wel één die ons lang zal bijblijven. Een film die je even moet laten bezinken en die je verrast met zijn einde. Als wij één ding van deze film meenemen is het dat hij op een briljante manier toont hoe racisme kan komen bovendrijven wanneer een groep mensen voelt dat ze er eenzelfde soort ideeën op nahouden.

Score: 8/10

Meer
Lees meer...