In het kort
- De autoriteiten in Georgia weigeren de aanklacht tegen Tiffany Haddish voor rijden onder invloed in te trekken.
- De aanklagers stellen dat haar advocaten geen formele hoorzitting hebben aangevraagd.
- De staat verwerpt de bewering dat de lopende aanklacht haar carrière of reizen zou schaden.
De autoriteiten in Georgia verzetten zich tegen het verzoek van comédienne Tiffany Haddish om de aanklacht voor rijden onder invloed te laten vallen, ondanks de lange juridische procedure. Haddish stelt dat de zaak, die loopt sinds haar arrestatie in januari 2022 in Peachtree City, schadelijk voor haar is geweest. De staat vraagt de rechter echter om het verzoek tot seponering af te wijzen.
Geen bewijs voor gemiste inkomsten
In documenten die TMZ in handen kreeg, geeft de aanklager toe dat de vertraging van vier jaar aanzienlijk is, maar zegt dat dit niet opzettelijk was. Volgens hen heeft het juridische team van Haddish nooit formeel een verzoek ingediend voor een snelle zitting, terwijl dat in Georgia wel verplicht is. De openbare aanklagers betwisten ook haar bewering dat de zaak haar werkkansen heeft geschaad of haar internationale reizen heeft beperkt. Volgens de staat heeft ze geen concreet bewijs geleverd van gemiste inkomsten of reisverboden, en gaat het vooral om algemene klachten.
Impact van strafzaak op actrice
Daarnaast wijzen de aanklagers erop dat Haddish tijdens het hele proces vrij is gebleven. Volgens hen heeft ze dus geen echte vrijheidsbeperking ondergaan. Ze doen haar klachten over stress en angst af als iets wat veel mensen ervaren bij strafrechtelijke vervolging, en zeggen dat dit geen reden is om de zaak te laten vallen.
Eerdere poging om zaak te laten seponeren mislukt
Deze juridische strijd volgt op een eerdere poging van de advocaten van Haddish om de zaak te laten seponeren. Zij noemden de vertraging van het Openbaar Ministerie uitzonderlijk lang. Onlangs behaalde Haddish nog een kleine overwinning in de rechtbank, waar een rechter besliste dat bepaalde verklaringen en één alcoholtest niet als bewijs gebruikt mogen worden. Toch wil de staat dat de zaak gewoon doorgaat.
