Fair Fashion: Wat is dat nu eigenlijk?

Fair Fashion: Wat is dat nu eigenlijk?

Van 22 tot en met 28 april richt de Fashion Revolution Week weer alle schijnwerpers op eerlijke mode. Nieuwkomer Fair Fashion Fair in Leuven word georganiseerd door Margot Vandeputte, die met haar wetenschappelijke kennis de mode-industrie wil veranderen en mensen bewust wil maken van de donkere zijde van de textielindustrie.

“Er zijn nog te weinig mensen die beseffen welke impact de textielindustrie heeft op onze planeet en haar bevolking”, zegt Margot Vandeputte. De jonge twintiger richtte begin september vorig jaar de Fair Fashion Fair in Leuven op, in samenwerking met Green Office KU Leuven en Fashion Revolution Belgium. Hiermee wil ze tonen wat de gevolgen zijn van het kopen van fastfashion: goedkoop geproduceerde kleding die snel verslijt en wordt vervangen door nieuwe, goedkope kleren. Twee dagen lang kun organiseert Fair Fashion Fair Leuven panelgesprekken, workshops, innovatieve merken en technieken in de mode. Het is een manier om aan te tonen dat het wel degelijk mogelijk is om te kiezen voor eerlijke kledij of fair fashion.

Niet transparant

Fair fashion gaat over meer duurzaamheid. Eerlijke mode bestaat uit drie grote pijlers: fair for the planet, fair for the people and fair for the profit. We weten ondertussen dat de textielindustrie niet bepaald milieuvriendelijk is en arbeiders uitbuit. Maar wat betekent fair for the profit? “De prijzen van onze kledij zijn niet transparant”, legt Margot uit, “Daarom is het bijna een onmogelijke queeste om eerlijke kleren te kopen.” Volgens Vandeputte weten veel merken vaak zélf niet waar hun producten vandaan komen, noch wie ze geproduceerd heeft. “Ook al heb je de intentie om eerlijk te kopen, wanneer je in een winkel vraagt waar de stoffen gemaakt worden, moet het personeel het antwoord schuldig blijven”, zegt ze.

Uitdroging

Als de merken zelf al zouden beseffen waar hun producten en grondstoffen vandaan komen, dan zouden ze misschien een verandering kunnen teweegbrengen. “Het is ongelooflijk hoe vervuilend de textielindustrie is”, zegt Margot, “Katoen is daarbij één van de grote boosdoeners, omdat er enorm veel water nodig is om het te produceren. Het gigantische Aralmeer, op de grens van Oezbekistan en Kazachstan, is bijvoorbeeld bijna helemaal uitgedroogd door de katoenproductie”. Volgens haar hoeft het nochtans niet zo te lopen in de toekomst. Vandeputte, die student bio-ingenieur is, onderzocht namelijk het verschil tussen de productie van gewoon katoen en die van bio-katoen. Daaruit bleek dat de productie van bio-katoen veel minder schadelijk is voor het milieu en dat het bovendien goedkoper is. “Bio is niet in alle gevallen beter, maar wat betreft katoen is het verschil echt significant.”

Dode rivieren

Niet enkel de productie van grondstoffen is nefast voor onze planeet, ook het kleuren van stoffen zorgt voor veel schade. Het afvalwater dat afkomstig is van de kleuringen wordt in veel gevallen gedumpt in rivieren. Vaak gebeurt dat in landen waar nauwelijks een milieuwetgeving van kracht is. “Schrijnend”, zegt Margot. “Er zijn rivieren in China en Bangladesh die biologisch dood zijn door vervuild water. Er zitten geen vissen en planten meer in”.

De textielindustrie vervuilt, maar beïnvloedt ook sterk de levens van de textielarbeiders. “De mensen die in textielfabrieken werken, zijn onderbetaald”, zegt Margot, “Terwijl het niet zo moeilijk is om hen wat meer te betalen.” Volgens haar denken mensen te snel dat onze kledij veel duurder zal worden als de textielarbeiders beter betaald zouden worden, maar dat blijkt niet zo zo te zijn: “Een beetje common sense is hier wel op zijn plaats. Als we arbeiders eerlijk zouden betalen, wordt een t-shirt slechts 0,2% duurder.”

Dat komt omdat de prijs van een kledingstuk vooral bepaald wordt door de grondstoffen waarvan het gemaakt is. “Duurzaam betekent dus niet per se duurder. Om fair fashion goedkoper te maken moeten we dus op grotere schaal produceren. Duurzame kledij moet competitief worden: er moeten meer eerlijke merken op de markt komen, zodat de prijs kan zakken”.

En daar wringt het schoentje nu net: ondanks de inspanningen van Fair Fashion campagnes blijft het aanbod van eerlijke modemerken nog steeds vrij klein. “Het is inderdaad niet gemakkelijk om altijd eerlijk te kopen”, geeft ook Margot toe, “maar vegetarisch koken is toch ook niet altijd zo gemakkelijk?”

Het aanbod mag dan nu nog niet extreem groot zijn, de laatste jaren is er toch een stijging merkbaar. En daar is Margot enthousiast over. “Stap voor stap komen we er. Dankzij die nieuwe merken kunnen we de vooroordelen over fair fashion de wereld uit helpen. De tijd dat fair fashion enkel uit geitenwollensokken bestond, is al lang voorbij.”

Tweedehands? Niet altijd duurzaam

Naast fair shoppen kun je natuurlijk ook nog altijd voor tweedehands kledij gaan. “Kledij hergebruiken is zeer duurzaam, ik zou zelfs zeggen dat het de eerste stap is om je impact op het milieu te verkleinen”, zegt Margot. Toch stelt ze zich vragen bij de trend van tweedehands en vintage. “Tweedehands is tegewoonwoordig zo hip, dat er overal vintagewinkels verschijnen. Die verkopen vaak kledij aan dumpingprijzen. Zoiets kan niet correct zijn. Ze verkopen ook vaak nieuwe schoenen of zonnebrillen aan belachelijk lage prijzen. En dat is dan eigenlijk pure fast fashion, en dat is absoluut niet duurzaam. Terwijl dat net voor veel mensen de reden is waarom ze een tweedehands winkel binnenstappen.”

Toch geeft Margot ook toe dat het logisch is dat veel tweedehandswinkels hun kledij verkopen aan lage prijzen. “Er is een gigantisch overschot aan kledij”, zegt ze, “Sommige merken zoals bijvoorbeeld Burberry, verbranden hun overschot gewoon. Dat is nog erger. Natuurlijk is tweedehands verkopen dan een betere optie.”

Wat kunnen we dan concreet doen om onze ecologische voetafdruk niet te vergroten als we kleren kopen? “Koop kleren die je lang en vaak kunt dragen. Dat is alvast een goed begin,” zegt Margot. “De fast fashion industrie heeft dat idee namelijk kapotgemaakt. Onze grootouders kochten slechts een paar outfits per seizoen. Nu kopen we iedere week nieuwe kleren. Het is te gemakkelijk geworden om nieuwe kledij te kopen. Daar moeten we van af.”

© 2019 – StampMedia – Zoë Nassel

Gesponsorde artikelen